Cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in ons privacy statement.
weigeren accepteren

Resultaten voor ‘Irina Timp’

Stelsel absolute verjaringstermijn met doorbrekingsmogelijkheid niet in strijd met art. 6 EVRM

CB 2017-102 Geplaatst op 23 mei 2017 door

HR 24 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:494

Toepassing van de dertigjarige verjaringstermijn van art. 3:310 lid 2 BW ten aanzien van mesothelioomslachtoffers bij wie de ziekte zich pas na meer dan dertig jaar openbaart, levert in combinatie met de in het Van Hese/De Schelde-arrest (HR 28 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5635, NJ 2000/430) aanvaarde mogelijkheid om deze verjaringstermijn op grond van de beperkende werking van de redelijkheid buiten toepassing te laten, geen ontoelaatbare beperking van het recht op toegang tot de rechter uit art. 6 EVRM op. Lees verder >

Gesubrogeerde WAM-verzekeraar gebonden aan forumkeuzebeding tussen verzekerde en derde

CB 2017-91 Geplaatst op 03 mei 2017 door

HR 14 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:694

De rechtstreeks door de benadeelde op grond van art. 6 WAM aangesproken WAM-verzekeraar wordt alleen gesubrogeerd in de rechten van de verzekerde jegens een derde (art. 7:962 BW) en niet tevens in de rechten van de benadeelde jegens die derde (art.  6:102 BW en 6:10 BW). Lees verder >

HR herstelt onjuistheid in Mediantbeschikking en licht deze verder toe

CB 2017-73 Geplaatst op 10 apr 2017 door

HR 31 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:571

De Hoge Raad herstelt een onjuistheid in de Mediantbeschikking, waarin is bepaald dat ook de Wet werk en zekerheid (Wwz) de mogelijkheid biedt een verzoek tot voorwaardelijke ontbinding van de arbeidsovereenkomst te doen voor het geval een ontslag op staande voet niet gerechtvaardigd wordt geacht. Verder overweegt de Hoge Raad dat ook de appel- of verwijzingsrechter bevoegd is de voorwaardelijke ontbinding van de arbeidsovereenkomst uit te spreken. Lees verder >

Geen tegenstrijdig belang bij concernfinancieringsverhouding

CB 2017-61 Geplaatst op 27 mrt 2017 door

HR 3 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:363

Het hof ging voorbij aan een door de curator gedaan beroep op tegenstrijdig belang van een (indirect) bestuurder bij het aangaan van een hoofdelijke aansprakelijkheid van de (klein)dochters bij een schuld van het moederbedrijf. Volgens de Hoge Raad heeft het hof onder ogen gezien dat van een relevant tegenstrijdig belang tussen deze (indirect) bestuurder en de (klein)dochters bij het aangaan van de hoofdelijkheid geen sprake was. Lees verder >

Zorginstituut heeft wel belang bij voeging in procedure over uitleg Zorgverzekeringswet; Staat niet

CB 2017-53 Geplaatst op 16 mrt 2017 door

HR 24 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:306

Eenieder die belang heeft bij een tussen andere partijen aanhangig geding, kan vorderen zich daarin te mogen voegen (art. 217 Rv). Voor het aannemen van een zodanig belang is voldoende dat de partij die voeging vordert, nadelige – feitelijke of juridische – gevolgen kan ondervinden van een uitkomst van de procedure die ongunstig is voor de partij aan wier zijde zij zich voegt (HR 12 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1602, NJ 2015/295 en HR 11 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2534, NJ 2015/369). Gelet op zijn wettelijke taak, met name ten aanzien van de uitleg van de aard, inhoud en omvang van het verzekerd pakket, heeft het Zorginstituut belang bij voeging. Lees verder >

Verlies aan arbeidsvermogen bij letselschade: bewijs hypothetische situatie zonder ongeval

CB 2017-47 Geplaatst op 03 mrt 2017 door

HR 17 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:273 (Eiser/De Goudse)

Conform vaste rechtspraak moet de omvang van schade door verminderd arbeidsvermogen na een ongeval worden vastgesteld door een vergelijking te maken tussen het inkomen van de benadeelde in de feitelijke situatie na het ongeval en het inkomen dat de benadeelde in de hypothetische situatie zonder ongeval zou hebben verworven. Aan de benadeelde, op wie de stelplicht en bewijslast rusten, mogen in dit verband geen strenge eisen worden gesteld. Bij de beoordeling van de hypothetische situatie moeten de goede en kwade kansen worden afgewogen, waarbij de feitenrechter een aanzienlijke mate van vrijheid heeft. Lees verder >

Internationale bevoegdheid bij vorderingen werkgever jegens bestuurder die tevens directeur in loondienst is

CB 2017-35 Geplaatst op 24 feb 2017 door

HR 3 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:133

De artikelen 18-21 EEX-Verordening (hierna: “EEX-Vo”) staan eraan in de weg dat toepassing wordt gegeven aan de bevoegdheidsgronden van art. 5, aanhef en onder 1 en 3, EEX-Vo indien een vennootschap een persoon die de functies van directeur en van bestuurder van die vennootschap heeft bekleed, in rechte aanspreekt om de door die persoon in de uitoefening van die functies gemaakte fouten te doen vaststellen en schadevergoeding te verkrijgen. Lees verder >

Kinderalimentatie: verdeling draagkracht over in verschillende landen woonachtige kinderen uit twee relaties

CB 2017-26 Geplaatst op 16 feb 2017 door

kindHR 3 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:157 en ECLI:NL:HR:2017:163.

Bij de verdeling van de draagkracht van een onderhoudsplichtige over kinderen uit twee relaties kan (een duidelijk verschil in) de behoefte van deze kinderen een rol spelen. Indien sprake is van in verschillende landen woonachtige kinderen kan ook een verschil in kosten van levensonderhoud tussen die landen van belang zijn voor het bepalen van de behoefte van die kinderen. Daarnaast is van belang of de nieuwe partner van de onderhoudsplichtige een eigen inkomen heeft, zodat deze dient bij te dragen aan de behoefte van de kinderen uit de relatie met de onderhoudsplichtige. Lees verder >

Wet Bopz: verzoek om contra-expertise ten onrechte afgewezen

CB 2017-13 Geplaatst op 01 feb 2017 door

HR 27 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:108

De rechter kan niet alleen een onderzoek door een deskundige bevelen over de vraag of bij betrokkene sprake is van een stoornis van de geestesvermogens, maar ook (onder meer) over de vragen of deze stoornis betrokkene gevaar doet veroorzaken en of het gevaar door tussenkomst van personen of instellingen buiten het psychiatrisch ziekenhuis kan worden afgewend (art. 48, lid 1 sub a Wet Bopz). Lees verder >

HvJEU-maatstaf voor “in het verkeer brengen” bij productaansprakelijkheid geldt ook bij onrechtmatigedaadsactie wegens een gebrekkig product

CB 2017-10 Geplaatst op 23 jan 2017 door

vrachtwagenHR 13 januari 2017,  ECLI:NL:HR:2017:32

(i) Volgens vaste rechtspraak moet in het kader van een onrechtmatigedaadsactie (art. 6:162 BW) wegens een gebrekkig product worden onderzocht of de producent een product in het verkeer heeft gebracht dat schade veroorzaakt bij normaal gebruik voor het doel waarvoor het is bestemd (HR 22 september 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA7239, NJ 2000/644).(ii) Ten aanzien van het “in het verkeer brengen” moet – in geval van een onrechtmatigedaadsactie – worden aangesloten bij de maatstaf voor productaansprakelijkheid van HvJEU 9 februari 2006, ECLI:EU:C:2006:93, NJ 2006/401 (O’Byrne/Sanofi), op grond waarvan een product in het verkeer is gebracht wanneer dit product het productieproces heeft verlaten en is opgenomen in het verkoopproces in een vorm waarin het aan het publiek wordt aangeboden voor gebruik of consumptie. Lees verder >

Pagina 1 van 512345