HR 19 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:161

Deze zaak ziet op een verzoek van de officier van justitie om een voorlopige machtiging om betrokkene gedwongen op te nemen. Betrokkene verbleef al vrijwillig in een zorgaccomodatie. Bij een dergelijk verzoek moet zich een verklaring bevinden van een onafhankelijk psychiater die betrokkene persoonlijk heeft onderzocht. 

De rechtbank had vastgesteld dat betrokkene was gezien en onderzocht door een niet bij de behandeling betrokken psychiater. Dat vindt de Hoge Raad onbegrijpelijk. In de verklaring van de onafhankelijk psychiater is immers te lezen:

“(…) ben als onafhankelijk psychiater 2x bij mevrouw langs geweest voor Rm beoordeling: eerste keer was ze er niet, had geen behoefte aan gesprek met mij. Tweede maal deed ze de deur open van haar appartement doch gaf direct aan mij niet te willen spreken, keek mij niet meer aan en deed zeer denigrerende uitlatingen richting teamlid.”

De geneeskundige verklaring vermeldde verder als verklaring van deze psychiater dat betrokkene weigert het gesprek met hem aan te gaan en dat hij informatie over betrokkene heeft verkregen van de behandelaar.

In het verlengde hiervan had de rechtbank – uiteraard – ook niet, zoals zij volgens de Hoge Raad had behoren te doen, onderzocht of de psychiater heeft gedaan wat redelijkerwijs van hem kon worden verwacht om het door de wet vereiste onderzoek te doen plaatsvinden.

Volgt vernietiging en verwijzing.

Share This