HR 9 november 2012, LJN BX0331 (curator/Ingosstrakh)

Voor het antwoord op de vraag of een contractueel beding kan worden aangemerkt als een derogerende forumkeuze in de zin van art. 8 lid 2 Rv is niet van belang of wordt gekozen voor een forum van een andere staat, dat bij gebreke van de forumkeuze toch al bevoegd was. Het gaat er slechts om of het beding de rechter van een vreemde staat “bij uitsluiting” heeft aangewezen voor de kennisneming van het geschil. In het laatste geval is de bevoegdheid van de Nederlandse rechter uitgesloten.

De curator in het faillissement van de Russische Baltic Shipping Company (BSC) heeft ten laste van de Russische verzekeringsmaatschappij Ingosstrakh conservatoir vreemdelingenbeslag doen leggen onder de Rabobank Den Haag. Het beslag is gelegd in verband met een gepretendeerde vordering uit hoofde van verzekeringsovereenkomsten die BSC bij Ingosstrakh had afgesloten ten behoeve van haar schepen. De “Ingosstrakh-rules”, die op de verzekeringsovereenkomsten van toepassing waren verklaard, bevatten een forumkeuzebeding ten gunste van de overheidsrechter te Moskou.

De curator heeft Ingosstrakh in de hoofdprocedure voor de Haagse Rechtbank gedaagd. In het onderhavige incident vordert Ingosstrakh dat de rechtbank zich onbevoegd zal verklaren op grond van het forumkeuzebeding, dat volgens Ingosstrakh exclusief naar de overheidsrechter in Moskou verwijst. De curator verweert zich met een beroep op de rechtsmacht die de Nederlandse rechter op grond van art. 10 jo. 767 Rv kan ontlenen aan een vreemdelingenbeslag.

Het hof heeft de incidentele vordering van Ingosstrakh toegewezen en de Nederlandse rechter onbevoegd verklaard. Nu het in de hoofdzaak gaat om vorderingen en verweren die naar Russisch recht moeten worden beoordeeld, worden volgens het hof ook de toepasselijkheid en het geldingsbereik van het forumkeuzebeding door Russisch recht beheerst. Na raadpleging van Russische juristen oordeelde het hof dat het forumkeuzebeding (naar Russisch recht) geldig was en de Russische overheidsrechter bij uitsluiting bevoegd verklaarde tot kennisneming van vorderingen als door de curator ingesteld. Volgens het hof voldeed het forumkeuzebeding hiermee aan de voorwaarden van art. 8 lid 2 Rv, dat de rechtsmacht van de Nederlandse rechter uitsluit ter zake van geschillen waarop een forumkeuzebeding met exclusieve werking van toepassing is. De omstandigheid dat de forumkeuze van partijen aansloot bij de reeds door het Russische procesrecht voorgeschreven jurisdictie vormt op zichzelf geen aanwijzing voor de ongeldigheid van het forumkeuzebeding, aldus het hof.

Laatstgenoemde overweging van het hof staat centraal in het cassatieberoep van de curator. Volgens de curator kan een forumkeuzebeding als het onderhavige, dat de volgens Russisch procesrecht dwingend voorgeschreven bevoegdheid van de Russische rechter overneemt, niet worden beschouwd als een rechtsgeldige derogerende forumkeuze in de zin van art. 8 lid 2 Rv (met exclusieve werking). De Hoge Raad verwerpt dit betoog:

“3.5 (…) Voor het antwoord op de vraag of een contractueel beding kan worden aangemerkt als een derogerende forumkeuze in de zin van art. 8 lid 2 Rv, is niet van belang of wordt gekozen voor een forum van een andere staat, dat bij gebreke van de forumkeuze toch al bevoegd was (in dit geval voor een Russisch gerecht dat ook al krachtens Russisch procesrecht bevoegd is). Het gaat er voor de toepassing van art. 8 lid 2 Rv slechts om of het beding de rechter van een vreemde staat “bij uitsluiting” heeft aangewezen voor de kennisneming van het geschil, in welk geval de bevoegdheid van de Nederlandse rechter (hier zijn bevoegdheid op grond van art. 10 in verbinding met art. 767 Rv) is uitgesloten.”

Gelet op het voorgaande verwerpt de Hoge Raad de stelling dat het forumkeuzebeding “zinledig” zou zijn. Een forumkeuzebeding als het onderhavige strekt immers niet alleen ertoe de daarin aangewezen rechter bevoegd te maken, maar ook de rechtsmacht van andere rechters dan de aangewezen rechter uit te sluiten, aldus de Hoge Raad (rov. 3.5). Tegen deze achtergrond wordt het cassatieberoep van de curator verworpen.

Advocaat-Generaal Vlas oordeelde in zijn conclusie eveneens “dat er geen regel van Nederlands internationaal bevoegdheidsrecht bestaat, die partijen verbiedt een forumkeuze in hun overeenkomst op te nemen ten gunste van een rechter die zonder deze forumkeuze ook bevoegd zou zijn van het geschil kennis te nemen” (sub 2.12). Of een forumkeuzebeding inderdaad, zoals in casu, exclusieve werking heeft, is een vraag van uitleg (conclusie, sub 2.4).

De curator is in cassatie bijgestaan door Martijn Scheltema.

Share This