Selecteer een pagina

Dossier: Overheidsrecht


HR 22 januari 2021, ECLI:NL:HR:2021:106 (X/Staat)

(1) Bij een verzoek tot tenuitvoerlegging van een in het buitenland opgelegde vrijheidsstraf, moet op grond van het VOGP onder andere een gewaarmerkt afschrift van het vonnis worden overgelegd. Het moet dan gaan om een gewaarmerkt afschrift van een document waaruit de inhoud blijkt van de rechterlijke beslissing waarbij de veroordeling is uitgesproken. Dit document moet – conform de eisen van het nationale recht van de staat van veroordeling – zijn opgemaakt om tot bewijs van de veroordeling te kunnen dienen. Het in dit geval door het Engelse Crown Court afgegeven Certificate of Conviction, voldeed daaraan.
(2) Op grond van het Aanvullend Protocol bij het VOGP is voor de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf geen instemming van de veroordeelde nodig, als hij zich aan tenuitvoerlegging van de veroordeling heeft onttrokken door het land waar hij is veroordeeld te ontvluchten. De Hoge Raad beslist dat het daarbij niet uitmaakt of de veroordeelde pas na of al tijdens het strafproces dat land is ontvlucht.

(meer…)

HR 6 november 2020, ECLI:NL:HR:2020:1747

In dit uitvoerig gemotiveerd arrest zet de Hoge Raad uiteen hoe de burgerlijke rechter de motivering van gratiebeslissingen moet toetsen. Hij bepaalt verder dat de burgerlijke rechter de Staat kan veroordelen tot het nemen van een nieuwe beslissing en de verdere tenuitvoerlegging van een levenslange gevangenisstraf kan verbieden bij strijd met art. 3 EVRM. (meer…)

HR 25 september 2020, ECLI:NL:HR:2020:1510

Het condicio sine qua non-verband bij besluitenaansprakelijkheid dient te worden vastgesteld aan de hand van de maatstaf hoe het bestuursorgaan zou hebben beslist of gehandeld indien het niet het onrechtmatige besluit had genomen (UWV/X). Bij de beoordeling of het bestuursorgaan een rechtmatig besluit had kunnen nemen in het hypothetisch rechtmatig scenario moet worden uitgegaan van het tijdstip waarop het onrechtmatige besluit is genomen en de op dat tijdstip geldende regelgeving. (meer…)

HR 2 oktober 2020 ECLLI:NL:HR:2020:1538

De Hoge Raad laat oordeel hof over beoordeling toepassing art. 1F van het Vluchtelingenverdrag (Vv) in Afghaanse zaken van voormalige KhAD/WAD-(onder)officieren in stand. (meer…)

HR 26 juni 2020 ECLI:NL:HR:2020:1148

Het oordeel van het hof dat, gelet op de belangen van de Staat en gelet op de omstandigheid dat de vrouwen uit eigen beweging zijn uitgereisd naar het jihadistisch strijdgebied, ondanks zwaarwegende belangen van vrouwen en kinderen, de Staat in redelijkheid heeft kunnen komen tot zijn beslissing om hen niet naar Nederland terug te halen en zich daartoe ook niet in te spannen, blijft in stand.  (meer…)