Selecteer een pagina

Dossier: Financieel recht


Hoge Raad 18 september 2026, ECLI:NL:HR:2026:1493

Ook een aandelenleasebelegger die de effecten aan het eind van de looptijd overneemt, en die zijn resterende verplichtingen aan de aanbieder dus geheel uit eigen middelen voldoet, heeft recht op schadevergoeding. Voor de toerekening van de schade (art. 6:98 BW) maakt het geen verschil hoe de belegger ‘zijn verlies neemt’. Jerre de Jong bespreekt het arrest in vier minuten.

Om deze video te bekijken moeten de marketingcookies worden toegestaan.

Cassatievlog #172 is ook in podcast vorm beschikbaar. Beluister hier de podcast of via uw favoriete podcastkanaal.

HR 18 september 2026, ECLI:NL:HR:2026:1493

Schade door schending van de zorgplicht bij een effectenleaseovereenkomst kan ook aan de aanbieder worden toegerekend als de afnemer aan het einde van de looptijd de effecten overneemt. Voor die toerekening maakt het geen verschil hoe de afnemer zijn verlies neemt. (meer…)

HR 22 mei 2026, ECLI:NL:HR:2026:793

De mededelingsplicht van een financiële instelling omtrent de wezenlijke kenmerken en risico’s van een rentederivaat houdt niet in dat de instelling zonder meer mededeling moet doen van haar verwachtingen over de renteontwikkeling. Onder omstandigheden kan de instelling daartoe echter wél gehouden zijn. Onbegrijpelijk oordeel dat van dergelijke omstandigheden niet is gebleken. (meer…)

Hoge Raad 22 mei 2026, ECLI:NL:HR:2026:793

Op 22 mei 2026 heeft de Hoge Raad een arrest gewezen over dwaling en de bancaire zorgplicht bij het aangaan van renteswaps. De Hoge Raad oordeelt hierin dat er geen algemene verplichting bestaat om een interne verwachting over de ontwikkeling van de rente aan de klant mee te delen, maar dat daarvoor in dit geval mogelijk wel aanleiding bestond. Ook neemt de Hoge Raad afstand van het begrip ‘bijzondere’ zorgplicht. Monique Hazelhorst bespreekt in drie minuten deze uitspraak.

 

Om deze video te bekijken moeten de marketingcookies worden toegestaan.

 

Cassatievlog #164 is ook in podcast vorm beschikbaar. Beluister hier de podcast of via uw favoriete podcastkanaal.

Hoge Raad 13 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:392

De klant van een creditcardmaatschappij weigert om mee te werken aan het controleren van haar identiteit. Zij wil niet dat de maatschappij een kopie van haar paspoort bewaart. Als de creditcardmaatschappij de creditcard opzegt, komt het tot een procedure. De Hoge Raad onderzoekt of de Wwft, in het licht van de AVG, een toereikende grondslag biedt voor het bewaren van kopieën van identiteitsbewijzen. De conclusie is dat dit voor redelijke twijfel vatbaar is. De Hoge Raad gaat daarom prejudiciële vragen stellen aan het Hof van Justitie EU. Jerre de Jong bespreekt in vier minuten deze uitspraak.

Om deze video te bekijken moeten de marketingcookies worden toegestaan.

Cassatievlog #160 is ook in podcast vorm beschikbaar. Beluister hier de podcast of via uw favoriete podcastkanaal.

HR 10 oktober 2025, ECLI:NL:HR:2025:1544

Een fusie is geldig zolang de rechter de fusie niet heeft vernietigd. Het ontbreken van instemming van DNB is geen grond voor vernietiging van de fusie. In de parlementaire geschiedenis is geen steun te vinden voor de opvatting dat art. 1:23 lid 1 Wft alleen betrekking heeft op rechtshandelingen tussen een financiële onderneming en particuliere of zakelijke klanten en dat privaatrechtelijke rechtshandelingen tussen financiële ondernemingen buiten het toepassingsbereik van art. 1:23 lid 1 Wft vallen. Art. 3:119 lid 4 Wft houdt niet in dat, in afwijking van art. 1:23 lid 1 Wft, door het ontbreken van instemming van DNB de overdracht van rechten en verplichtingen nietig of vernietigbaar is. (meer…)

Cassatieblog.nl