HR 7 november 2025, ECLI:NL:HR:2025:1658
Een incidentele vordering tot verwijdering van stukken uit het dossier, op de grond dat deze stukken gelet op art. 419 lid 2 Rv geen rol kunnen spelen bij de beoordeling van het cassatiemiddel, wordt afgewezen. De reden is dat in een andere zaak, die nu aanhangig is, zal worden ingegaan op de vraag of, en, zo ja, onder welke voorwaarden en op welke wijze, een uitzondering moet worden gemaakt op de regel van art. 419 lid 2 Rv, in het bijzonder vanwege het beroep van de betrokkene op art. 3 EVRM en art. 13 EVRM. (meer…)