Selecteer een pagina

Alle berichten van: Maartje Möhring


HR 25 november 2022, ECLI:NL:HR:2022:1726

Als een octrooi centraal wordt beperkt vóórdat de beslissing waarmee het ruimere octrooi is vernietigd in kracht van gewijsde is gegaan, treft de vernietiging van dat ruimere octrooi (als de beslissing op een later moment alsnog in kracht van gewijsde gaat) niet ook het beperkte octrooi. (meer…)

HR 21 oktober 2022, ECLI:NL:HR:2022:1493

(i) Om te voldoen aan het vereiste van art. 1:159 lid 1 BW dat een niet-wijzigingsbeding met betrekking tot partneralimentatie schriftelijk moet zijn gemaakt, is niet steeds noodzakelijk dat het niet-wijzigingsbeding is opgenomen in een geschrift dat door beide partijen is ondertekend.
(ii) Het hangt van de omstandigheden van het geval af of, en in hoeverre, bij het vaststellen van kinderalimentatie rekening dient te worden gehouden met inkomensvermindering die het gevolg is van het opnemen van ouderschapsverlof.  (meer…)

Hoge Raad 7 oktober 2022 (Depra c.s. / OLB) ECLI:NL:HR:2022:1387  

Is de appellant die alleen in de appeldagvaarding (en niet op de rol) een advocaat stelt op juiste wijze in hoger beroep verschenen? Als appellant niet tijdig advocaat stelt en in de gelegenheid wordt gesteld om dat verzuim te herstellen, kan het hof dan volstaan met de aantekening op de rol dat appellant deze gelegenheid wordt geboden? In dit Cassatievlog bespreekt Maartje Möhring in drie minuten het arrest van de Hoge Raad waarin antwoord wordt gegeven op deze vragen.

 

HR 15 juli 2022, ECLI:NL:HR:2022:1114 

De verklaring voor recht (op grond van art. 10:122 BW) ten aanzien van de wereldwijde organisatie van de Hells Angels en de verbodenverklaring en ontbinding (op grond van art. 2:20 BW) ten aanzien van de Nederlandse overkoepelende organisatie van de Hells Angels, kunnen indirect gevolgen hebben voor de afzonderlijke charters en leden van de Hells Angels. Op grond van art. 140 lid 2 Sr is deelneming aan de voortzetting van een organisatie die bij onherroepelijke rechterlijke beslissing verboden is verklaard of ten aanzien waarvan een onherroepelijke verklaring als bedoeld in art. 10:122 lid 1 BW is afgegeven strafbaar. Het is aan de strafrechter om te beslissen wanneer daarvan sprake is. (meer…)

HR 7 oktober 2022, ECLI:NL:HR:2022:1387

(i) Door in de appeldagvaarding de advocaat te noemen die de appellant in hoger beroep zal vertegenwoordigen, is de appellant nog niet op de juiste wijze in hoger beroep verschenen. Daarvoor is nodig dat op de rol een advocaat voor appellant wordt gesteld.

(ii) Als appellant heeft verzuimd om tijdig een advocaat te stellen en in de gelegenheid wordt gesteld dit verzuim te herstellen, zal het hof appellant (of de in de appeldagvaarding genoemde advocaat) daarover afzonderlijk moeten berichten. Het is niet voldoende dat het hof op de rol aantekent dat de appellant deze gelegenheid wordt geboden. (meer…)