Dossier: Wetgeving cassatierechtspraak


Met ingang van 1 juli 2014 kwalificeren Haagse advocaten niet langer automatisch als advocaat bij de Hoge Raad. Civiele cassatiezaken kunnen alleen nog worden behandeld door advocaten die zijn toegelaten tot de landelijke civiele cassatiebalie. In verband hiermee wordt de civiele rolzitting bij de Hoge Raad afgeschaft. (meer…)

HR 14 december 2012, LJN BY2239

De eis van art. 426a lid 1 Rv, waarin is bepaald dat een verzoekschrift dat bij de Hoge Raad wordt ingediend ondertekend moet zijn door een advocaat bij de Hoge Raad, is niet in strijd met het Europees mededingingsrecht, nu richtlijn 98/5/EG de nationale wetgever de ruimte biedt om specifieke regels te stellen met betrekking tot de toegang tot de hogere rechtscolleges. (meer…)

Conclusie A-G (straf) 3 juli 2012 (LJN BX0129; BX0132; BX0146)

Op derde dag na inwerkingtreding van art. 80a RO verschenen drie interessante conclusies over deze nieuwe bepaling. De conclusies zijn afkomstig van de strafsector van het parket bij de Hoge Raad. De Advocaten-Generaal Knigge, Machielse en Vellinga lieten zich uit over (de invulling van) de criteria voor toepassing van art. 80a RO en over het overgangsrecht bij dit artikel. (Ook) na lezing van de conclusies resteren vooral vragen, zowel ten aanzien van de concrete invulling van de 80a-criteria, als ten aanzien van het overgangsrecht. (meer…)

Per 1 juli 2012 treden de Wet prejudiciële vragen aan de Hoge Raad en de Wet versterking cassatierechtspraak in werking. Het nieuwe rolreglement voor de prejudiciële procedure en de aan art. 80a RO aangepaste procesreglementen voor de gewone cassatieprocedure in dagvaardings- en verzoekschriftzaken, zijn op 4 juni 2012 in de Staatscourant gepubliceerd. (meer…)