Alle berichten met de tag: procesvertegenwoordiging


HR 16 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2879 (X/Gemeente Rheden)

De rechtbank behoort ook in onteigeningszaken geen acht te slaan op stukken die haar door een partij worden toegezonden buiten de verplichte procesvertegenwoordiger om. Ook mag de rechtbank geen kennis nemen van stukken die haar worden toegezonden nadat vonnis is bepaald, zeker niet zonder de wederpartij in de gelegenheid te stellen zich daarover uit te laten. Daarbij is niet van belang in hoeverre te toegezonden stukken daadwerkelijk een rol hebben gespeeld voor de beslissing van de rechtbank. (meer…)

HR 6 februari 2015, ECLI:NL:HR:2015:248

1. Artikel 3:71 lid 2 BW is niet van toepassing op de verhouding tussen een procespartij en diens tussenpersoon. 2. Een mogelijke tekortkoming van de interne, administratieve organisatie van het Hof dient voor de beoordeling geen verschil te maken.  (meer…)

HR 19 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3663

Ook indien is verzocht om voortzetting van de inbewaringstelling krachtens de Wet Bopz geldt dat, indien de raadsman terugtreedt omdat zijn cliënt te kennen geeft niet meer door hem te willen worden bijgestaan, de rechter dient te onderzoeken of de betrokkene toevoeging van een andere raadsman wenst, en dat de rechter in zijn beschikking van het resultaat van dit onderzoek dient te doen blijken. (meer…)

HR 14 december 2012, LJN BY2239

De eis van art. 426a lid 1 Rv, waarin is bepaald dat een verzoekschrift dat bij de Hoge Raad wordt ingediend ondertekend moet zijn door een advocaat bij de Hoge Raad, is niet in strijd met het Europees mededingingsrecht, nu richtlijn 98/5/EG de nationale wetgever de ruimte biedt om specifieke regels te stellen met betrekking tot de toegang tot de hogere rechtscolleges. (meer…)