Https://cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Https://cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in onze Privacyverklaring.
weigeren accepteren

Resultaten voor ‘Marijse Neuteboom-Klink’

Het limitatief-imperatieve stelsel van artikel 44 Woningwet (oud)

CB 2016-14 Geplaatst op 27 jan 2016 door

HR 18 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3625

Als wordt uitgegaan van de juistheid van de stellingen van eiser dat hij, als het college van B&W en het college van Gedeputeerde Staten geen onrechtmatige besluiten hadden genomen, een aanvraag voor een bouwvergunning zou hebben gedaan die binnen het in dat geval geldende bestemmingsplan paste, dan brengt het limitatief-imperatieve stelsel van art. 44 Woningwet (oud) mee dat deze aanvraag ook daadwerkelijk zou zijn toegewezen. Het oordeel van het hof dat de onrechtmatige besluiten van B&W en GS niet tot vertragingsschade hebben geleid, is daarom volgens de Hoge Raad onjuist. Lees verder >

De formele rechtskracht van in rechte overgelegde facturen

CB 2015-123 Geplaatst op 05 aug 2015 door

dossier3 HR 10 juli 2015, ECLI:NL:HR:2015:1874

Aan facturen die in rechte zijn bekendgemaakt in de zin van art. 3:41 lid 2 Awb en waartegen vervolgens geen bestuursrechtelijke rechtsmiddelen zijn ingesteld, komt formele rechtskracht toe. Dat geldt ook voor zover deze facturen geen toereikende juridische grondslag zouden hebben. Lees verder >

Aansprakelijkheid voor (mogelijk) gevaar zettende voorwerpen op de bodem van het vaarwater

CB 2015-120 Geplaatst op 24 jul 2015 door

HR 10 juli 2015, ECLI:NL:HR:2015:1836

Voor aansprakelijkheid van de eigenaar van een scheepswrak  (of enig ander voorwerp dat terecht komt op de bodem van een vaarwater) jegens de beheerder wegens het niet voldoen aan de op hem rustende verwijderingsplicht (vgl. het arrest Staat/KMT) is in beginsel vereist dat de gevaren aan het niet-verwijderen zo groot zijn dat zij de beheerder redelijkerwijs tot verwijdering noopten. Ook indien verwijdering van het voorwerp niet nodig is of blijkt te zijn, maar het voorwerp (mogelijk) wel een zodanig gevaar voor de scheepvaart vormt dat in verband daarmee redelijkerwijs maatregelen noodzakelijk zijn, bestaat grond voor die aansprakelijkheid. Aan deze aansprakelijkheid staat niet in de weg dat de eigenaar van het voorwerp niet bevoegd is om zelf die maatregelen te treffen. Lees verder >

Formele rechtskracht en toezeggingen in het ruimtelijk bestuursrecht

CB 2015-112 Geplaatst op 09 jul 2015 door

HR 19 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1683 (Eiser/Gemeente Zoeterwoude)

Nu de gemeente had toegezegd een bepaalde bestemming in het bestemmingsplan op te nemen en zij dit niet heeft gedaan, is daarmee sprake van onrechtmatig handelen van de gemeente. De formele rechtskracht van het betreffende bestemmingsplan neemt de onrechtmatigheid van het niet nakomen van die toezegging niet weg. De schade bestaat in een gemiste kans op verwezenlijking van de bouwplannen van eiser. Er is sprake van een causaal verband tussen de onrechtmatigheid en de schade, die zo nodig bij wijze van schatting moet worden vastgesteld. Lees verder >

Invorderingsbeschikking stuit de verjaring van bestuursrechtelijke geldschulden niet

CB 2015-63 Geplaatst op 16 apr 2015 door

Hoge Raad 3 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:817 (Gemeente Simpelveld / verweerder)

1) De invorderingsbeschikking als bedoeld in art. 5:37 Awb stuit niet de verjaring van bestuursrechtelijke geldschulden. De wetgever heeft met art. 4:105 en 4:106 Awb beoogd een gesloten stelsel van stuitingshandelingen te introduceren. 2) Door te erkennen dat opgelegde dwangsommen verbeurd zijn, is nog geen sprake van een ‘erkenning van het recht op betaling’ als bedoeld in art. 4:105 lid 2 Awb. Door de eerstgenoemde erkenning wordt de verjaring van de invordering van verjaarde dwangsommen dus niet gestuit. Lees verder >

Geen dwangsomverbod bij veroordeling tot medewerking aan teruglevering pand tegen terugbetaling koopsom.

CB 2015-33 Geplaatst op 19 feb 2015 door

HR 31 januari 2015, ECLI:NL:HR:2015:113

In de situatie waarin de veroordeling tot betaling van de koopsom van een pand pas kan worden geëxecuteerd nadat het pand is teruggeleverd, terwijl voor dat laatste de medewerking van de wederpartij is vereist, is geen sprake van een situatie waarin de geldsom ook met behulp van gewone executiemiddelen kan worden verkregen. In die situatie geldt het ‘dwangsomverbod’ van art. 611a lid 1 Rv dus niet. Lees verder >

Bestuursrechter niet exclusief bevoegd ter zake van invordering bestuursrechtelijke geldschulden

CB 2015-31 Geplaatst op 19 feb 2015 door

HR 6 februari 2015, ECLI:NL:HR:2015:233 (CAK / Verweerder)

Een bestuursorgaan kan een vordering tot betaling van bestuursrechtelijke geldschulden instellen bij zowel de burgerlijke rechter als de bestuursrechter. De inwerkingtreding van de vierde tranche van de Awb brengt niet mee dat de bestuursrechter in dit verband exclusief bevoegd is geworden, nu artikel 4:124 Awb bepaalt dat een bestuursorgaan ten aanzien van de invordering van bestuursrechtelijke geldschulden ook beschikt over de bevoegdheden die een schuldeiser heeft op grond van het privaatrecht. Lees verder >

Exploitatieovereenkomst en kostenverhaal

CB 2015-3 Geplaatst op 13 jan 2015 door

HR 5 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3532 (X/Gemeente Reusel-De Mierden)

1. Een exploitatieovereenkomst die is gesloten onder de WRO (oud), waarbij de geldende exploitatieverordening niet in acht is genomen, is nietig wegens strijd met de openbare orde. 2. Kosten die gemaakt zijn bij het verrichten van prestaties op grond van de (nietige) exploitatieverordening kunnen worden verhaald op grond van art. 6:210 lid 2 BW, waarbij de aanspraak beperkt is tot het laagste van de bedragen die voortvloeien uit respectievelijk de juiste toepassing van de exploitatieverordening en de marktwaarde van de verrichte prestatie. 3. Bij de beoordeling of en in hoeverre de vergoedingsplichtige aan de benadeelde kan tegenwerpen dat deze de schade niet heeft beperkt, moet ook in aanmerking worden genomen dat het aan het handelen of nalaten van de vergoedingsplichtige is te wijten dat de benadeelde in de situatie is beland die tot schadebeperking noodzaakt. Lees verder >

Klachtplicht en bewijslastverdeling

CB 2014-198 Geplaatst op 18 dec 2014 door

HR 12 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3593 (FAR Trading / Edco Eindhoven)

Wanneer een schuldenaar (verkoper) zich beroept op de rechtsgevolgen van de klachtplichtregelingen van art. 6:89 en 7:23 BW, ligt het op de weg van de schuldeiser (koper) om te bewijzen dat en wanneer hij heeft geklaagd over gebreken in de prestatie. Het is vervolgens aan de verkoper om te bewijzen dat daarmee niet tijdig is geklaagd. Deze bijzondere regel van bewijslastverdeling wordt gerechtvaardigd door de omstandigheid dat de klachtplichtregelingen de strekking hebben de verkoper te beschermen. Als op de verkoper ook het bewijsrisico ter zake van de klacht zelf en het tijdstip daarvan zou rusten, zou aan deze strekking van de klachtplichtregeling te zeer afbreuk worden gedaan. Lees verder >

Onjuiste mededeling omtrent sluiten subsidieloket ook onrechtmatig jegens begunstigde

CB 2014-184 Geplaatst op 20 nov 2014 door

HR 31 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:3073 (Staat/Fabricom II)

(1) Onjuiste mededelingen over het sluiten van een subsidieloket als gevolg van het bereiken van het subsidieplafond, kunnen ook onrechtmatig zijn jegens de partij die niet de aanvrager, maar wel de begunstigde is van de subsidie. (2) Het feit dat niet tijdig bezwaar is gemaakt tegen de afwijzing van een aanvraag waarvan de betrokkenen dachten dat deze te laat was ingediend, brengt niet mee dat ervan moet worden uitgegaan dat bij wetenschap dat de aanvraag tijdig was ingediend, ook te laat bezwaar zou zijn gemaakt tegen de afwijzing ervan. Lees verder >

Pagina 1 van 612345...Minst recente »