Selecteer een pagina

Dossier: Erfrecht


Het overzicht van prejudiciële zaken vermeldt weer een aantal nieuwe civiele zaken waarin op grond van art. 392 Rv prejudiciële vragen aan de Hoge Raad zijn gesteld. De vragen zien op (1) toepasselijkheid van het in art. 128 van de Faillissementswet neergelegde fixatiebeginsel op de vereffening van een nalatenschap (2) vraag of bij art. 7:417 lid 4 BW ook van toepassing is op de korte termijn verhuur van vakantieaccommodaties (onlineplatform Airbnb)  (3) vraag over consumentenrecht en (pre)contractuele informatieverplichtingen en (4) uitleg van het criterium ‘geen of een verwaarloosbare tegenprestatie’ van de verhuurder uit het Nellestein-arrest van de HR uit 2012. (meer…)

HR 9 oktober 2020, ECLI:NL:HR:2020:1589

Dat naar het recht van Liechtenstein een Stiftung uitkeringen kan doen aan haar oprichters of aan bepaalde begunstigden is onvoldoende om met die uitkeringsmogelijkheid bij de berekening van de legitimaire massa en legitieme portie krachtens art. 4:65 BW rekening te houden.  (meer…)

HR 17 juli 2020, ECLI:NL:HR:2020:1311

De vereffenaar van een nalatenschap heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een beschikking op de voet van art. 1:374 lid 2 BW in verbinding met art. 4:161 leden 1 en 4 BW. Tegen deze beschikking stond geen beroep in cassatie open, maar hoger beroep, zodat de Hoge Raad het cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaart. (meer…)

HR 11 januari 2019 ECLI:NL:HR:2019:4 en ECLI:NL:HR:2019:3

Beroepsaansprakelijkheid van een notaris met samenhangende vrijwaringsprocedure. Het hof had uitleg moeten geven aan het testament dat onderwerp vormde van de beroepsaansprakelijkheidsprocedure, aangezien de inhoud daarvan zowel van belang is voor het door de benadeelde aan de notaris gemaakte verwijt als voor het door de notaris in dat verband gevoerde eigen schuld-verweer. Oordeel strekkende tot kostencompensatie in de vrijwaringsprocedure is onbegrijpelijk. (meer…)

HR 21 december 2018, ECLI:NL:HR:2018:2393

Er staat geen hoger beroep open tegen een beschikking van de kantonrechter op een verzet tegen een uitdelingslijst van een nalatenschap (ex artikel 4:218 lid 3 BW). Op grond van artikel 4:218 lid 5 BW juncto artikel 187 lid 1 Fw moet er binnen 8 dagen cassatieberoep tegen een dergelijke beschikking worden ingesteld. Het feit dat in artikel 4:218 lid 5 BW is opgenomen dat de in de Faillissementswet opgenomen voorschriften “zoveel mogelijk” van overeenkomstige toepassing zijn, doet daar niet aan af. (meer…)

HR 4 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:681

Een rechter kan niet in één beschikking zowel een kosteloze vereffening van de nalatenschap als een opheffing van de vereffening bevelen. Voor het indienen van een verzoek als bedoeld in art. 4:209 lid 1 BW is geen griffierecht verschuldigd. Als toch griffierecht is geheven, moet de griffier er op toezien dat dit wordt terugbetaald. (meer…)