Selecteer een pagina

Dossier: Wvggz – Wzd (Wet Bopz oud)


HR 20 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:461

(1) De Wvggz biedt een wettelijke grondslag voor het toedienen van een testosteronverlagend middel in het kader van medische behandeling. Hierbij gelden de eisen van terughoudendheid die verplichte medicatie steeds in acht moeten worden genomen. Het binnen dit kader gerechtvaardigd toedienen van dergelijke medicatie vormt geen inbreuk op de door art. 8 EVRM beschermde rechten van de betrokkene.
(2) In de klachtprocedure kan alleen worden geklaagd op de limitatief opgesomde gronden in art. 10:3 Wvggz en (dus) niet over de inhoud van de crisismaatregel, machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel of zorgmachtiging als zodanig. Op grond van art. 10:10 Wvggz kan de rechter een verzoek op grond van art. 10:7 Wvggz ter verkrijging van een rechterlijke beslissing op de klacht niet-ontvankelijk verklaren. De rechter dient ambtshalve te beoordelen of deze bijzondere rechtsgang openstaat.

(meer…)

Hoge Raad 20 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:454

Uit het systeem van de Wvggz volgt, mede gelet op art. 5 lid 1 aanhef en onder e EVRM, dat geen zorgmachtiging mag worden verleend als de medische verklaring niet voldoet aan de wettelijke eisen. De zorgmachtiging mag in dat geval ook niet worden verleend voor een kortere periode dan de door de officier van justitie verzochte periode. (meer…)

HR 13 maart 2026 ECLI:NL:HR:2026:410

Indien na het overleggen van een schriftelijke referteverklaring op het verzoek om een zorgmachtiging wordt beslist zonder dat tegen dit verzoek verweer is gevoerd en zonder dat een mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden, kan slechts worden aangenomen dat de betrokkene niet bereid is zich op het verzoek te doen horen, indien het ontbreken van deze bereidheid ondubbelzinnig blijkt uit de referteverklaring. (meer…)

HR 27 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:323

(1) Voor een wijziging van een machtiging tot voortzetting van een crisismaatregel op de voet van art. 8:12 Wvggz geldt – evenals voor het verlenen van de machtiging tot voortzetting van een crisismaatregel – dat de rechter deze slechts kan uitspreken indien op het moment van zijn uitspraak aan de in art. 7:1 lid 1 Wvggz genoemde voorwaarden is voldaan. Bij de beoordeling of aan die voorwaarden is voldaan, dient de rechter de actuele gezondheidstoestand van de betrokkene in aanmerking te nemen.

(2) In een geval waarin de verzochte machtiging betrekking heeft op het separeren van een minderjarige, dient de rechter ambtshalve te beoordelen of aanvullende zorgvuldigheidseisen moeten worden gesteld bij het toepassen van deze vorm van verplichte zorg, dan wel of daaraan beperkingen in duur moeten worden gesteld of dat minder ingrijpende vormen van insluiten dan separeren kunnen worden toegepast. De rechter dient in zijn motivering ervan blijk te geven dat hij deze beoordeling heeft uitgevoerd. (meer…)

HR 12 december 2025 ECLI:NL:HR:2025:1887

Uit het systeem van de Wvggz volgt dat er geen zorgmachtiging mag worden verleend inden de medische verklaring die ten grondslag ligt aan het daartoe strekkende verzoek niet voldoet aan de uit de wet voortvloeiende eisen. De ondertekening is van belang omdat daarmee voor iedereen duidelijk is dat de onafhankelijke psychiater de inhoud van de medische verklaring voor zijn rekening neemt. Het ontbreken van de handtekening of naam van de onafhankelijke psychiater kan niet worden geheeld door uitlatingen van de geneesheer-directeur. (meer…)

Hoge Raad 28 november 2025 ECLI:NL:HR:2025:1809

De zorgmachtiging die de rechtbank heeft verleend, sloot niet aan op de eerdere zorgmachtiging. De rechtbank kan geen nieuwe zorgmachtiging verlenen voor langere duur dan zes maanden.
Het onderzoek waarop de medische verklaring berust dient zoveel mogelijk plaats te vinden in een voor betrokkene begrijpelijke taal.

 Geen aansluitende zorgmachtiging

De officier van justitie had de rechtbank tijdig voor het verstrijken van de geldigheidsduur van de lopende machtiging verzocht een aansluitende zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden (art. 6:5 Wvggz). Omdat de rechtbank dat niet heeft gedaan is de lopende zorgmachtiging op 26 april 2025 van rechtswege vervallen (art. 6:2 lid 1 aanhef en onder e Wvggz). De rechtbank kon dus niet een zorgmachtiging verlenen voor een langere duur dan zes maanden.

Begrijpelijke taal

Gelet op het belang dat in het stelsel van de Wvggz toekomt aan de in art. 5:8 lid 1 Wvggz bedoelde verklaring die wordt opgesteld met het oog op een voorgenomen vrijheidsbeneming, geldt dat het onderzoek waarop de medische verklaring berust zoveel mogelijk dient plaats te vinden in een voor betrokkene begrijpelijke taal. In de medische verklaring is vermeld dat het gesprek tussen de psychiater en betrokkene plaatsvond met bijstand van een Somalisch sprekende tolk, terwijl in een eerder gesprek met dezelfde psychiater plaatsvond met behulp van een tolk in het Dari. Ook tijdens de mondelinge behandeling werd betrokkene bijgestaan door een Dari-tolk. Deze omstandigheden geven ten minste aanleiding tot gerede twijfel over de vraag of het gesprek tussen de psychiater en betrokkene plaats vond in een taal die betrokkene voldoende beheerst en daarmee over de vraag of de medische verklaring voldoet aan de uit de wet voortvloeiende eisen.
Niet blijkt dat de rechtbank heeft onderzocht of het onderzoek van de psychiater heeft plaatsevonden met inachtneming van de hiervoor bedoelde eisen.

Na terugverwijzing zal moeten worden onderzocht of de psychiater en betrokkene in staat zijn geweest op zodanige wijze met elkaar te communiceren dat de psychiater een goed beeld van betrokkene kon krijgen.

De Hoge Raad vernietigt de beschikking en verwijst terug naar dezelfde rechtbank.

Cassatieblog.nl