Selecteer een pagina

Alle berichten van: Dauphine Delger


Hoge Raad 17 juli 2026, ECLI:NL:HR:2026:1198 en ECLI:NL:HR:2026:1197

 De Hoge Raad aanvaardt een uitzondering op het terugverwijsverbod voor collectieve acties. Waar een hof na vernietiging een zaak normaliter zelf moet afdoen, oordeelt de Hoge Raad dat dit niet past binnen het tweefasenstelsel van de WAMCA. Wanneer een rechtbank een belangenorganisatie ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard, mag het hof de zaak terugwijzen naar de rechtbank. Ook na cassatie. Omwille van de praktijk geldt deze uitzondering bovendien voor collectieve acties op de voet van art. 3:305a (oud) BW. (meer…)

Hoge Raad 17 juli 2026, ECLI:NL:HR:2026:1198

In het arrest van 17 juli 2026 geeft de Hoge Raad (procesrechtelijke) uitleg over de ontvankelijkheidsvereisten die gelden bij een collectieve actie op grond van de Wet afwikkeling massaschade in collectieve actie (WAMCA). Geldt er een uitzondering op het terugverwijsverbod? Moet de ontvankelijkheid ex nunc of ex tunc worden beoordeeld? Wanneer is een belangenorganisatie voldoende representatief? Dauphine Delger bespreekt het arrest in vier minuten.

 

Om deze video te bekijken moeten de marketingcookies worden toegestaan.

 

Cassatievlog #171 is ook in podcast vorm beschikbaar. Beluister hier de podcast of via uw favoriete podcastkanaal.

Hoge Raad 5 juni 2026, ECLI:NL:HR:2026:847

De partij die beweert dat een inbreuk is gemaakt op art. 102 VWEU, draagt de bewijslast van die inbreuk. In beginsel kan deze partij niet volstaan met een algemene aanduiding van mededingingsrechtelijke verboden, gepaard met de stelling dat deze verboden in het desbetreffende geval zijn geschonden. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om hierover prejudiciële vragen te stellen. (meer…)

Hoge Raad 22 mei 2026, ECLI:NL:HR:2026:795

Het verplichtstellingsbesluit van de Bpf MITT voorziet niet met zoveel woorden in een hoofdzaakcriterium of een ander vereiste voor de omvang van de activiteiten die bepalend zijn voor de werkingssfeer van de verplichtstelling. Dit staat niet eraan in de weg dat het besluit met toepassing van de cao-norm aldus wordt uitgelegd dat voor de omvang van de activiteiten die bepalend zijn voor de werkingssfeer wel enige ondergrens bestaat. (meer…)

Hoge Raad 27 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:510

Het bezit van staat (art. 1:209 BW) biedt geen bescherming bij een buitenlandse geboorteakte die een door geboorte ontstane familierechtelijke betrekking vastlegt die voortvloeit uit een huwelijk, als dit huwelijk in Nederland vanwege het polygame karakter kennelijk onverenigbaar is met de openbare orde (10:32 BW) en daarom niet kan worden erkend. (meer…)

Cassatieblog.nl