Https://cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Https://cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in ons privacy statement.
weigeren accepteren

Caribisch recht (Aruba, Curaçao en Sint Maarten, BES)

‘Koop breekt geen huur’ geldt ook bij gedeeltelijke overdracht van de verhuurde zaak

CB 2017-192 Geplaatst op 02 nov 2017 door

HR 6 oktober 2017, ECLI:NL:HR:2017:2560

Artikel 7:226 BW is ook van toepassing op de overdracht van een gedeelte van het verhuurde. Zodanige toepassing kan leiden tot splitsing van de huurovereenkomst. Hoge Raad geeft met het oog daarop een aantal praktische regels. Verantwoordelijkheid voor bewerkstelligen van een eventuele splitsing van de huurovereenkomst ligt bij verhuurder. Lees verder >

Hoge Raad over de rechtsvormende taak van de rechter

CB 2017-188 Geplaatst op 26 okt 2017 door

HR 13 oktober 2017, ECLI:NL:HR:2017:2614

Door het buiten toepassing laten van art. 1:5 lid 1 BW Aruba (BWA) wegens strijd met het gelijkheidsbeginsel tussen de man en de vrouw en te beslissen dat het door de man erkende kind de geslachtsnaam van de vrouw behoudt, is het Hof zijn rechtsvormende taak te buiten gegaan. Met de vaststelling van de Landsverordening aanvulling BWA heeft de wetgever een keuze gemaakt uit de verschillende stelsels die denkbaar zijn om ongelijke behandeling op te heffen. Door bij die keuze aan te sluiten kan de rechter een oplossing bieden voor het rechtstekort van de geldende wetgeving. Lees verder >

Stelplicht, bewijslast en tegenbewijs bij discussie over bestaan huurovereenkomst

CB 2017-181 Geplaatst op 13 okt 2017 door

HR 6 oktober 2017, ECLI:NL:HR:2017:2565

De Hoge Raad herhaalt een eerdere uitspraak waarin is bepaald dat degene die zich jegens de rechthebbende beroept op een recht om een goed te houden of te gebruiken, zoals een huurrecht, de stelplicht en bewijslast heeft met betrekking tot de feiten waaruit dat recht volgt (HR 30 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1185, NJ 2017/286). Het hof heeft dit niet miskend, maar heeft ten onrechte het bewijsaanbod van de rechthebbende – dat als het aanbod tot het leveren van tegenbewijs door getuigen moet worden aangemerkt – gepasseerd. Lees verder >

Overzicht recente prejudiciële vragen aan de Hoge Raad

CB 2017-156 Geplaatst op 31 aug 2017 door

Het overzicht van lopende prejudiciële vraag-procedures vermeldt weer een aantal nieuwe civiele zaken waarin op grond van art. 392 Rv prejudiciële vragen aan de Hoge Raad zijn gesteld. De vragen zien op (1) erkenning kind in Sint-Maarten, (2) aanvullende vragen over verschuldigdheid van dividendbelasting door buitenlandse beleggingsinstellingen, (3) het afsluiten van een WAM-verzekering motorrijtuig nadat daarmee een ongeval heeft plaats gevonden, (4) vordering van de Ontvanger in faillissement  ingeval van oneigenlijke lossing met betrekking tot rentekas-btw en (5) of art. 7:673 lid 7 aanhef en onder b BW in strijd is met Richtlijn 2000/78 EG. Lees verder >

Aanbod tot het horen van een getuige die reeds bij politie verklaring heeft afgelegd

CB 2017-125 Geplaatst op 06 jul 2017 door

HR 23 juni 2017 ECLI:NL:HR:2017:1149

Caraïbische zaak. Aan bewijsaanbod te stellen specificatie-eisen. Aanbod tot horen van een getuige die reeds bij politie verklaring heeft afgelegd. Eis dat bewijsaanbod terzake dienend moet zijn. Respons op alle door eisers tot cassatie aangevoerde grondslagen van aansprakelijkheid ligt in voldoende mate in vonnis van Gemeenschappelijk Hof besloten. Lees verder >

Haags Betekeningsverdrag en Rechtsvorderingsverdrag: niet in het onderlinge rechtsverkeer binnen het koninkrijk

CB 2017-111 Geplaatst op 12 jun 2017 door

HR 9 juni 2017, ECLI:HR:2017:1059

1. De betekening en kennisgeving van stukken in het onderlinge verkeer tussen Nederland en Aruba – en Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba – wordt niet beheerst door de bepalingen van het Haags Betekeningsverdrag of van het Haags Rechtsvorderingsverdrag.
2. Onder ‘buitenland’ in de zin van art. 5, aanhef en onder 8° RvA valt ook Nederland, Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
3. In een Arubaanse procedure in hoger beroep waarin de geïntimeerde die niet in Aruba woont en daarin evenmin een bekend verblijf heeft, maar van wie de woonplaats of het werkelijk verblijf in het buitenland bekend is, niet verschijnt, moet het Gemeenschappelijk Hof zijn uitspraak aanhouding en onderzoeken welke pogingen de directeur van de Directie Wetgeving en Juridische Zaken dan wel de deurwaarder in het werk heeft gesteld om zoveel mogelijk te bevorderen dat de stukken bedoeld in art. 273 RvA (de verklaring dat hoger beroep is ingesteld en de memorie van grieven en de daarbij overgelegde bescheiden) degene voor wie zij zijn bestemd, bereiken.

Lees verder >

Appel vervalt niet bij te late betaling van nageheven griffierecht (Caribisch recht)

CB 2017-28 Geplaatst op 19 feb 2017 door

HR 17 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:269, 272, 280 en 284

1. Art. 270 lid 5 Rv (van Aruba, Sint Maarten, Curaçao of de BES-eilanden) kan niet worden aangemerkt als een wettelijke grondslag die op voldoende voorzienbare wijze de sanctie van verval van het hoger beroep verbindt aan niet-tijdige betaling van nageheven griffierecht.
2. Als het hof, ondanks de niet-tijdige betaling van het griffierecht en het daaruit voortvloeiende verval van het hoger beroep, toch gelegenheid aan de desbetreffende procespartij heeft gegeven voor een verdere inhoudelijke proceshandeling, zoals het indienen van een processtuk of het houden van een pleidooi, mag die procespartij in beginsel erop vertrouwen dat het hoger beroep aanhangig is en dat de door het hof toegelaten proceshandeling niet nodeloos zal blijken te zijn. Lees verder >

Curaçaose burenruzie: ongeoorloofd balkon of soortgelijk werk

CB 2016-197 Geplaatst op 21 dec 2016 door

balkonHR 9 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2824

(1) Van een balkon of soortgelijk werk in de zin van art. 5:50 BWC (gelijkluidend aan art. 5:50 lid 1 BW) is sprake indien het gaat om een constructie die vanaf enige hoogte boven de grond een uitzicht op het naburige erf geeft. Welke hoogte voldoende is om een constructie aan te merken als een zodanig balkon of soortgelijk werk hangt af van de omstandigheden van het geval. (2) De nabuur kan zich niet tegen de aanwezigheid van een balkon of soortgelijk werk verzetten indien het uitzicht niet verder reikt dan tot een binnen twee meter van het werk zich bevindende muur. Lees verder >

Motiveringsgebrek door appeluitspraak in andere procedure

CB 2016-170 Geplaatst op 24 okt 2016 door

gavelHR 16 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2093

Als de appelrechter naar een uitspraak in een andere, samenhangende, procedure verwijst, maar zijn uitspraak daarmee onverenigbaar is, kan dit een motiveringsgebrek zijn waardoor de uitspraak in cassatie vernietigbaar is. Lees verder >

Crediteursbenadeling door afgezonderd vermogen in een Stichting Particulier Fonds

CB 2016-162 Geplaatst op 16 okt 2016 door

HR 7 oktober 2016, ECLI:NL:HR:2016:2285 (Resort of the World/Maple Leaf)

(1) In geval van onrechtmatige crediteursbenadeling is de te vergoeden schade niet zonder meer gelijk aan de vordering waarvan men het verhaal wilde verijdelen. In een dergelijk geval is vereenzelviging een vorm van redres die te ver gaat. (2) Voor toerekening van onrechtmatig handelen of nalaten van functionarissen aan rechtspersonen op grond van de Babbel-maatstaf is de formele hoedanigheid van de handelende persoon niet beslissend. Lees verder >

Pagina 1 van 41234