Cassatievlog #151 | Kunnen coronasteunvorderingen worden verpand?
Hoge Raad 12 december 2025, ECLI:NL:HR:2025:1897
Vorderingen van ondernemers op de overheid uit hoofde van coronasteunmaatregelen (de NOW en de TVL) zijn overdraagbaar en daarmee verpandbaar. Er is volgens de Hoge Raad geen algemene regel dat de aard van geldvorderingen op de overheid uit hoofde van subsidieregelingen zich verzet tegen overdracht. Geldvorderingen uit hoofde van de NOW en de TVL hebben geen persoonlijk karakter en de aard van deze vorderingsrechten verzet zich niet tegen overdracht, ook al vloeien zij voort uit subsidieregelingen.
Merkenrecht: verhouding tussen de b-grond en de c-grond
HR 7 november 2025, ECLI:NL:HR:2025:1654
De Hoge Raad gaat in op de verhouding tussen de b-grond (verwarringsgevaar) en de c-grond (ongerechtvaardigd voordeel of afbreuk aan onderscheidend vermogen zonder geldige reden) in het merkenrecht, in het bijzonder met betrekking tot de voor ieder van die gronden benodigde mate van overeenstemming. Lees meer…
Art. 843a (oud) Rv: rechtsbetrekking voldoende aannemelijk?
HR 5 december 2025, ECLI:NL:HR:2025:1812
Een inzagevordering op de voet van art. 843a (oud) Rv is alleen toewijsbaar als een rechtsbetrekking voldoende aannemelijk is. De verplichting van een bemiddelaar om zijn opdrachtgever ervan in kennis te stellen dat hij een persoonlijk belang had bij totstandkoming van de overeenkomst waarbij hij heeft bemiddeld (art. 7:418 lid 1 BW in verbinding met art. 7:427 BW) kan een dergelijke rechtsbetrekking opleveren. Ook de verplichting tot het afleggen van verantwoording (art. 7:403 lid 2 BW) kan een rechtsbetrekking opleveren. Lees meer…
Cassatievlog #150 | Geen vergoeding voor waardevermeerdering
Hoge Raad 5 december 2025, ECLI:NL:HR:2025:1865
Met waardevermeerdering na de peildatum kan in landinrichtingszaken in beginsel geen rekening worden gehouden. Anders kan een belanghebbende niet afwegen of bezwaar moet worden gemaakt en zou hij bovendien kunnen worden geconfronteerd met een vergoeding voor na de peildatum opgetreden waardevermeerdering. Martijn Scheltema bespreekt de uitspraak in drie minuten.
Cassatievlog #149 is ook in podcast vorm beschikbaar. Beluister hier de podcast of via uw favoriete podcastkanaal.
Rome I staat niet in de weg aan rechtskeuze voor déél van statelijk rechtsstelsel
HR 7 november 2025, ECLI:NL:HR:2025:1665
Bij een rechtskeuze op de voet van art. 3 lid 1 Rome I is niet uitgesloten dat partijen een deel van een statelijk rechtsstelsel, en niet dat stelsel in zijn geheel, als het toepasselijke recht aanwijzen. Lees meer…
Cassatievlog #149 | Kinderrechten bij ontruiming woning
Hoge Raad 28 november 2025, ECLI:NL:HR:2025:1799
Ruben de Graaff bespreekt de prejudiciële beslissing van de Hoge Raad van 28 november 2025 over de betekenis van het Kinderrechtenverdrag bij de beoordeling van een vordering tot ontruiming van een woning waarin ook minderjarige kinderen wonen.
Cassatievlog #149 is ook in podcast vorm beschikbaar. Beluister hier de podcast of via uw favoriete podcastkanaal.
Kinderbeschermingsmaatregelen en artikel 8 EVRM
HR 17 oktober 2025, ECLI:NL:HR:2025:1570
De Hoge Raad gaat uitgebreid in op de verhouding tussen kinderbeschermingsmaatregelen en het door artikel 8 EVRM beschermde gezinsleven, mede vanwege de recente EHRM-uitspraak Van Slooten tegen Nederland (2025). De Hoge Raad oordeelt onder veel meer:
(i) De conclusie dat na het verstrijken van een aanmerkelijke periode het doel van hereniging van het kind en de ouder(s) zich niet langer verdraagt met het belang van het kind, mag niet snel worden getrokken.
(ii) Bij een verzoek tot herstel van het ouderlijk gezag is een noodzakelijke voorwaarde dat herstel in het belang van het kind is. Dat geldt ook als bij eerdere beslissingen over gezag en omgang met de minderjarige fouten zijn gemaakt. Lees meer…
Op een curator kan de verplichting rusten om zaken van andermans terrein te verwijderen die door natrekking onroerend zijn geworden
HR 10 oktober 2025, ECLI:NL:HR:2025:1528 (Hartsuiker q.q./Verweerders)
Niet uitgesloten is dat onder omstandigheden op een curator een eigen, uit art. 6:162 BW voortvloeiende rechtsplicht rust om zaken te verwijderen die op enig tijdstip voorafgaand aan het intreden van het faillissement als gevolg van natrekking uit het vermogen van de schuldenaar zijn geraakt en dus niet tot de boedel behoren. Lees meer…
Cassatievlog #148 | Misbruik van een uitzendovereenkomst?
Hoge Raad 21 november 2025, ECLI:NL:HR:2025:1733
Dit arrest gaat over misbruik van een uitzendovereenkomst. De ingeleende werkte dertien jaar lang op basis van verschillende uitzendovereenkomsten voor de inlener. Hij verzoekt in deze procedure voor recht te verklaren dat hij al die tijd werkzaam is geweest op basis van een arbeidsovereenkomst, omdat de inlener misbruik zou maken van de uitzendrelatie. Kantonrechter en hof hebben zijn verzoeken afgewezen. Hoe oordeelt de Hoge Raad? Dat bespreekt Hidde Volberda in dit vlog.
Cassatievlog #148 is ook in podcast vorm beschikbaar. Beluister hier de podcast of via uw favoriete podcastkanaal.
Voorwaarden voor de vermindering van een begunstiging bij een sommenverzekering
HR 14 november 2025, ECLI:NL:HR:2025:1687
- De termijn van drie jaar uit art. 4:127 BW is een termijn voor het afleggen van een verklaring aan de begunstigde, niet een termijn voor het instellen van een rechtsvordering.
- De beoordeling of een handeling strekt tot verrijking van een ander (zoals bedoeld in art. 7:186 lid 2 BW), dan wel of de aanwijzing van een begunstigde bij een sommenverzekering geschiedt ter nakoming van een verbintenis anders dan een uit schenking (zoals bedoeld in art. 7:188 lid 1 BW), moet geschieden met inachtneming van alle relevante feiten en omstandigheden.