Selecteer een pagina

Alle berichten van: Berend-Bram Heinen


HR 1 oktober 2021, ECLI:NL:HR:2021:1407

(i) Voor gedaagden die bij aanvang van de verzettermijn buiten Nederland wonen of verblijven, maar van wie op dat moment de woonplaats of het werkelijk verblijf niet bekend is, geldt (ook) de in art. 143 lid 2 Rv genoemde verzettermijn van acht weken.
(ii) De rechtsverhouding tussen de uitkoper en de uit te kopen aandeelhouders is processueel ondeelbaar.
(iii) De Ondernemingskamer had aan de uit te kopen aandeelhouders – en niet aan de uitkoper – moeten opdragen de gezamenlijke andere aandeelhouders in het geding te roepen.  (meer…)

HR 9 juli 2021, ECLI:NL:HR:2021:1111

Het is een zorgverzekeraar toegestaan om, in het geval de minister verschillende doseringen van dezelfde werkzame stof als verzekerde geneesmiddelen heeft aangewezen, slechts één of enkele van die doseringen te vergoeden (als preferent aan te wijzen). Indien de arts om medische redenen een ander geneesmiddel, sterkte of dosering voorschrijft, moet de apotheker dat verstrekken en moet de zorgverzekeraar dat vergoeden. (meer…)

HR 11 juni 2021, ECLI:NL:HR:2021:860

Deze zaak gaat (mede) over de vraag in hoeverre de rechter op grond van art. 6:103 BW Curaçao (dat gelijk is aan het Nederlandse art. 6:103 BW) bevoegd is om in hoger beroep een andere vorm van schadevergoeding toe te wijzen dan in eerste aanleg is toegewezen. (meer…)

HR 21 mei 2021, ECLI:NL:HR:2021:747

Het hof heeft de werknemer ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot vernietiging van het ontslag op staande voet. Anders dan het hof heeft geoordeeld, is dit verzoek tijdig gedaan.  (meer…)

HR 28 mei 2021, ECLI:NL:HR:2021:781

Voor een ontslag op de e-grond is niet vereist dat dit het laatste redmiddel is, in die zin dat een ontslag alleen mogelijk zou zijn als de werkgever met minder ingrijpende middelen niet kan volstaan. Voor een dergelijke opvatting biedt noch de tekst van de wet, noch de wetsgeschiedenis een aanknopingspunt. (meer…)