Https://cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Https://cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in ons privacy statement.
weigeren accepteren

Resultaten voor ‘Berend-Bram Heinen’

De grenzen aan het agenderingsrecht van aandeelhouders

CB 2018-77 Geplaatst op 03 mei 2018 door

HR 20 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:652 (Boskalis / Fugro)

Art. 2:114a BW geeft de daarin bedoelde aandeelhouders en certificaathouders niet het recht de vennootschap te verplichten een onderwerp ter stemming op de agenda van de algemene vergadering te (doen) plaatsen als de algemene vergadering niet de bevoegdheid toekomt een besluit over dat onderwerp te nemen. Lees verder >

Hoge Raad beantwoordt prejudiciële vragen over (de gevolgen van) defungeren van een rechter

CB 2018-72 Geplaatst op 19 apr 2018 door

HR 13 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:604

Een vonnis kan in beginsel niet worden uitgesproken op naam van een rechter die is gedefungeerd, indien na dit defungeren nog wijzigingen worden aangebracht in de tekst van dat vonnis. Dat geldt in beginsel ook indien het gaat om wijzigingen van ondergeschikte aard, die geen inhoudelijke wijziging meebrengen van de motivering van de beslissing(en). Een uitzondering kan worden aanvaard voor kennelijke fouten die zich lenen voor eenvoudig herstel als bedoeld in art. 31 Rv. Lees verder >

Beginsel van collectieve aansprakelijkheid geldt niet bij externe bestuurdersaansprakelijkheid

CB 2018-71 Geplaatst op 19 apr 2018 door

HR 30 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:470 (Eisers / TMF c.s.)

Het beginsel van collectieve aansprakelijkheid en de invloed van taakverdelingen in dat verband, zoals toegepast in het kader van interne bestuurdersaansprakelijkheid ex art. 2:9 BW, gelden niet bij externe bestuurdersaansprakelijkheid ex art. 6:162 BW. Voor aansprakelijkheid van een bestuurder jegens derden geldt het vereiste dat die bestuurder persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Daarmee verdraagt zich niet dat in het geval sprake is van schending door een vennootschap van wettelijke voorschriften ter bescherming van het beleggend publiek, de aansprakelijkheid van een bestuurder op grond van art. 6:162 BW wordt aangenomen zonder dat sprake is van een persoonlijk ernstig verwijt, of dat die aansprakelijkheid wordt aangenomen op grond van een vermoeden van een persoonlijk ernstig verwijt.  Lees verder >

Nadere uitleg van het begrip ‘belanghebbende’ in de zin van art. 798 Rv (II)

CB 2018-62 Geplaatst op 09 apr 2018 door

HR 30 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:488

Andere ‘niet-ouders’ dan pleegouders – zoals bijvoorbeeld een biologische ouder zonder juridisch ouderschap – vallen niet onder de reikwijdte van art. 798 lid 1, tweede volzin, Rv. Een pleegouder die de minderjarige in het verleden gedurende ten minste een jaar als behorende tot zijn gezin heeft verzorgd en opgevoed, maar deze verzorging en opvoeding inmiddels heeft beëindigd, kan niet worden aangemerkt als belanghebbende in de zin van art. 798 lid 1, tweede volzin, Rv. Lees verder >

Nadere uitleg van het belanghebbende-begrip in de zin van art. 798 Rv (I)

CB 2018-61 Geplaatst op 09 apr 2018 door

HR 30 maart 2018 ECLI:NL:HR:2018:463

De vraag of een betrokkene belanghebbende is in de zin van art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv, dient te worden beantwoord met inachtneming van de uit art. 8 EVRM voortvloeiende eisen. Onder meer op basis van deze eisen heeft te gelden dat in de procedure in hoger beroep tegen een beschikking waarbij op de voet van art. 1:266 BW het ouderlijk gezag van elk van beide ouders over een kind met wie die ouders gezinsleven hebben, is beëindigd, maar waarbij de grieven van de appellerende ouder slechts zijn dan wel haar eigen gezag betreffen, de andere ouder belanghebbende is in de zin van art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv in verbinding met art. 806 lid 1 Rv. Lees verder >

DNB is niet aansprakelijk voor schade veroorzaakt door een besluit tot doorhaling van de inschrijving van een pensioenfonds

CB 2018-58 Geplaatst op 05 apr 2018 door

HR 9 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:309 (Stichting GSFS Pensionfund c.s. / DNB)

Art. 1:25d lid 1 Wft – dat de aansprakelijkheid van DNB beperkt – ziet op al het handelen en nalaten van DNB dat rechtstreeks dan wel voldoende inhoudelijk met de uitoefening van haar wettelijke taken en bevoegdheden verband houdt, waaronder het nemen van bestuursbesluiten. Dit brengt mee dat deze bepaling ook van toepassing is op de eventuele aansprakelijkheid van DNB voor het doorhalen van een inschrijving in het register pensioenfondsen. Lees verder >

Curator is uitsluitend persoonlijk belanghebbende bij verzet

CB 2018-54 Geplaatst op 03 jan 2018 door

HR 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3269 (Mr. Boersen/Bedrijfstak Pensioenfonds)

De curator is uitsluitend persoonlijk belanghebbende bij het verzet als bedoeld in art. 10 Fw, ongeacht door wie het faillissement is aangevraagd. Het enkele feit dat de boedel leeg is of blijkt te zijn, is geen grond voor verzet door de curator op de voet van art. 10 Fw. Voor het slagen van dat verzet is vereist dat de faillissementsaanvraag, ongeacht of deze door de schuldeiser dan wel de schuldenaar zelf is ingediend, is aan te merken als misbruik van bevoegdheid.  Lees verder >