HR 12 december 2025, ECLI:NL:HR:2025:1897
Vorderingen van ondernemers op de overheid uit hoofde van coronasteunmaatregelen zijn overdraagbaar en daarmee verpandbaar. (meer…)
Dossier: Goederenrecht
HR 12 december 2025, ECLI:NL:HR:2025:1897
Vorderingen van ondernemers op de overheid uit hoofde van coronasteunmaatregelen zijn overdraagbaar en daarmee verpandbaar. (meer…)
HR 21 maart 2025, ECLI:NL:HR:2025:420
Een op grond van art. 3:194 lid 2 BW verbeurd aandeel in een verzwegen, zoekgemaakt, of verborgen gemeenschappelijk goed gaat van rechtswege over op de overige deelgenoten zonder dat daarvoor een leveringshandeling nodig is. Dit is een in de wet aangegeven wijze van rechtsverkrijging als bedoeld in art. 3:80 lid 3 BW. (meer…)
Hoge Raad 21 februari 2025, ECLI:NL:HR:2025:322
Onbillijkheden als gevolg van natrekking kunnen worden gecompenseerd door onder meer een vordering uit ongerechtvaardigde verrijking. De wetsgeschiedenis houdt in dat een verrijking in geval van natrekking in beginsel ongerechtvaardigd is. Dit wil echter niet zeggen dat bij natrekking in beginsel sprake is van een verrijking. De hoofdregel is, ook bij natrekking, dat de partij die zich op ongerechtvaardigde verrijking beroept, moet stellen en zo nodig bewijzen dat de natrekking tot verrijking heeft geleid. Jerre de Jong bespreekt de uitspraak.
HR 20 december 2024, ECLI:NL:HR:2024:1906
Deze zaak draait om de Landsverordening op uitgifte in erfpacht van gronden toebehorende aan Sint Maarten. Hoofdstuk III van die verordening, getiteld ‘Vervreemding’, is niet van toepassing op de bevoegdheid van de minister om gronden in erfpacht uit te geven. (meer…)
HR 8 november 2024, ECLI:NL:HR:2024:1606 (Gemeente Laarbeek / verweerder)
Er geldt géén afzonderlijke maatstaf voor inbezitneming van grond met een publieke bestemming. Bij het beoordelen of grond met een publieke bestemming in bezit is genomen door een niet-rechthebbende, moet rekening worden gehouden met die bestemming. (meer…)
HR 15 november 2024, ECLI:NL:HR:2024:1662
Het feitelijk gebruik bepaalt of water openbaar is. De eigenaar van een waterperceel kan voorkomen dat zijn water openbaar wordt door op duidelijke wijze aan het publiek kenbaar te maken dat het niet is toegestaan om zich zonder zijn toestemming op het perceel te bevinden, bijvoorbeeld door borden te plaatsen. Dit dient hij dan wel te doen voordat het water door feitelijk gebruik openbaar is geworden. Als dit eenmaal is gebeurd, dient de eigenaar normaal gebruik van het water te dulden. (meer…)