Alle berichten van: Mette van Asperen


HR 19 april 2019 ECLI:NL:HR:2019:579 en ECLI:NL:HR:2019:580   

1) Onverenigbaarheid dictum en overweging, geen herstel mogelijk
2) Dwangsom bij bevel zich te onthouden van verrekening c.a.

Bevel zich te onthouden van iedere vorm van opschorting of verrekening totdat in de bodemprocedure over het bestaan van een vordering is beslist, is geen veroordeling tot betaling van een geldsom. Aan het bevel kan daarom een dwangsom worden verbonden. (meer…)

HR 12 april 2019 ECLI:NL:HR:2019:575

Naar aanleiding van het verzoek van de moeder om een nader onderzoek door een deskundige te gelasten, had het hof moeten onderzoeken of dit op art. 810a lid 2 Rv gebaseerde verzoek voldoende concreet en ter zake dienend was, en zo ja, of het belang van de kinderen zich tegen toewijzing van het verzoek verzette. (meer…)

HR 1 februari 2019 ECLI:NL:HR:2019:147

Indien bij de rechter twijfel bestaat over het antwoord op de vraag of aan de vereisten van art. 2 Wet Bopz is voldaan, dient hij ofwel het verzoek van de officier van justitie af te wijzen ofwel nader onderzoek te laten verrichten alvorens de verzochte machtiging te verlenen.  (meer…)

HR 21 december 2018 ECLI:NL:HR:2018:2377

De gevolgen van een erkenning voor de verkrijging van het Nederlanderschap moeten worden beoordeeld naar het tijdstip waarop die erkenning plaatsvindt en met inachtneming van de op dat moment in het Koninkrijk geldende wetgeving.  (meer…)

HR 14 december 2018 ECLI:NL:HR:2018:2321

In deze uitspraak beantwoordt de Hoge Raad vragen van de rechtbank Den Haag over de uitleg en onderlinge verhouding van de art. 1:263, 1:264, 1:265f en 1:265g BW, die zijn opgenomen in Afdeling 4, Ondertoezichtstelling van minderjarigen. De bepalingen van deze afdeling zijn gewijzigd bij de per 1 januari 2015 in werking getreden Wet herziening kinderbeschermingsmaatregelen. In dat kader geeft de Hoge Raad – zakelijk weergegeven – de volgende antwoorden. (meer…)