Alle berichten van: Mette van Asperen


HR 19 jul 2019 ECLI:NL:HR:2019:1239

Een in Spanje verleden authentieke akte heeft in Nederland in beginsel dezelfde bewijskracht als in Spanje. De echtheid van een dergelijke akte kan blijkens art. 59 lid 2 van de Europese Erfrechtverordening alleen worden aangevochten voor een gerecht van de lidstaat van herkomst. (meer…)

HR 19 juli 2019 ECLI:NL:HR:2019:1282

De mondeling meegedeelde algemene beperking van het recht op toegang tot de binnentuin komt niet voor in de schriftelijk vastgelegde huisregels van het ziekenhuis; daarom kan deze beperking niet worden gelijkgesteld met een huisregel in de zin van art. 37 Wet Bopz. (meer…)

HR 5 juli 2019 ECLI:NL:HR:2019:1085

De uitsluiting van cassatieberoep in art. 13 lid 8 van de Uitvoeringswet internationale kinderontvoering (Uwik) ziet niet op een beslissing dat de Nederlandse rechter geen rechtsmacht heeft om kennis te nemen van een verzoek tot gedwongen afgifte en teruggeleiding van het kind. In een niet-verdragszaak kan de bevoegdheid van de Nederlandse rechter worden gebaseerd op art. 3, aanhef en onder a, Rv. (meer…)

HR 12 juli ECLI:NL:HR:2019:1202

Indien een enkelvoudige kamer het voornemen heeft de zaak na de mondelinge behandeling voor de beslissing te verwijzen naar een meervoudige kamer, kan zij dit al bij de behandeling aan partijen meedelen en kan zij erop wijzen dat, in het geval van die verwijzing, partijen kunnen verzoeken om (hernieuwde) behandeling door de meervoudige kamer. Partijen kunnen dan desgewenst tijdens de behandeling op voorhand afstand doen van het gebruik van die mogelijkheid.

Deze uitspraak bevat een verdere uitwerking van de regels voor behandeling door de enkelvoudige en meervoudige kamer. Daaraan vooraf gaat een beslissing over wat na cassatie en verwijzing in een zaak in het kader van de Wet Bopz. (meer…)

HR 28 juni 2019 ECLI:NL:HR:2019:1054

In beginsel moet binnen vier weken na de uitspraak van de Hoge Raad een mondelinge behandeling plaatsvinden, en de rechtbank moet in beginsel binnen vier weken na die mondelinge behandeling beslissen op het verzoek van de officier van justitie, dan wel de zaak aanhouden met het oog op een nader deskundigenonderzoek. (meer…)