Https://cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Https://cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in onze Privacyverklaring.
weigeren accepteren

prejudiciële vragen

Overzicht recente prejudiciële vragen aan de Hoge Raad

CB 2019-30 Geplaatst op 14 feb 2019 door

Het overzicht van prejudiciële zaken vermeldt weer een aantal nieuwe civiele zaken waarin op grond van art. 392 Rv prejudiciële vragen aan de Hoge Raad zijn gesteld. De vragen zien op de volgende kwesties: (1) zijn de vennoten van een vof bij een door de vof gesloten arbeidsovereenkomst ieder afzonderlijk werkgever, (2) de reikwijdte art. 6:228 BW bij het afsluiten van een rentederivaat, (3) het bestaan en de omvang van aansprakelijkheid voor materiële en immateriële schade als gevolg van gaswinning in het Groningerveld en (4) geldt het in de BPR opgegeven briefadres als gekozen woonplaats. Lees verder >

Prejudiciële beslissing HR grond voor wijziging kinderalimentatie ex art. 1:401 lid 4 en 5 BW

CB 2019-13 Geplaatst op 22 jan 2019 door

HR 21 december 2018 ECLI:NL:HR:2018:2381

De prejudiciële uitspraak van de Hoge Raad van 9 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3011 inzake alleenstaande ouderkop kan een wijzigingsgrond opleveren in de zin van art. 1:401 lid 4 of 5 BWLees verder >

Prejudiciële beslissing over reikwijdte ontbindingsbevoegdheid art. 6:265 BW

CB 2018-157 Geplaatst op 04 okt 2018 door

HR 28 september 2018, ECLI:NL:HR:2018:1810

In een uitvoerig gemotiveerde beslissing naar aanleiding van prejudiciële vragen van de Voorzieningenrechter te Amsterdam in een ontruimingskortgeding betreffende sociale woonruimte, heeft de Hoge Raad de heersende leer ten aanzien van de bevoegdheid tot ontbinding op de voet van art. 6:265 BW nader verduidelijkt. Lees verder >

Nadere uitleg van het belanghebbende-begrip in de zin van art. 798 Rv (I)

CB 2018-61 Geplaatst op 09 apr 2018 door

HR 30 maart 2018 ECLI:NL:HR:2018:463

De vraag of een betrokkene belanghebbende is in de zin van art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv, dient te worden beantwoord met inachtneming van de uit art. 8 EVRM voortvloeiende eisen. Onder meer op basis van deze eisen heeft te gelden dat in de procedure in hoger beroep tegen een beschikking waarbij op de voet van art. 1:266 BW het ouderlijk gezag van elk van beide ouders over een kind met wie die ouders gezinsleven hebben, is beëindigd, maar waarbij de grieven van de appellerende ouder slechts zijn dan wel haar eigen gezag betreffen, de andere ouder belanghebbende is in de zin van art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv in verbinding met art. 806 lid 1 Rv. Lees verder >

Tijdens surseance van betaling vervallen rente komt in aanmerking voor verificatie in opvolgend faillissement

CB 2017-202 Geplaatst op 07 dec 2017 door

HR 24 november 2017  ECLI:NL:HR:2017:2991

Beantwoording prejudiciële vraag. Indien de faillietverklaring wordt uitgesproken ingevolge een van de bepalingen van Titel II van de Faillissementswet of binnen een maand na het einde van de surseance, komt een vordering ter zake van rente die vanaf de datum van de surseance tot aan de datum van die faillietverklaring is vervallen over een vordering waarvoor de surseance werkt, in aanmerking voor verificatie in dat faillissement. Lees verder >

Overzicht recente prejudiciële vragen

CB 2017-95 Geplaatst op 11 mei 2017 door

Het overzicht van lopende zaken vermeldt weer een aantal nieuwe civiele zaken waarin op grond van art. 392 Rv prejudiciële vragen aan de Hoge Raad zijn gesteld. Lees verder >

Hoge Raad beantwoordt prejudiciële vragen over schadevergoeding bij beëindiging leaseovereenkomst wegens wanbetaling

CB 2017-133 Geplaatst op 21 apr 2017 door

HR 21 april 2017, ECLI:NL:HR:2017:773

De Hoge Raad beantwoordt prejudiciële vragen over schadevergoeding bij beëindiging dan wel ontbinding van een effectenleaseovereenkomst wegens wanbetaling van een lessee en concludeert dat art. 6 van de door Dexia gehanteerde Bijzondere voorwaarden een oneerlijk beding is in de zin van de Richtlijn 93/13/EEG voor zover het betrekking heeft op de rentetermijnen die ten tijde van de beëindiging nog toekomstig waren.

Lees verder >

Evaluatie Wet prejudiciële vragen aan de Hoge Raad

CB 2016-118 Geplaatst op 14 jul 2016 door

Onlangs verscheen de evaluatie van de Wet prejudiciële vragen aan de Hoge Raad. Geconcludeerd wordt dat de wet een onverdeeld succes is gebleken en dat invoering van een prejudiciële procedure in het strafrecht te overwegen valt. Lees verder >

Geen nietigheid op grond van combinatie van de gronden uit art 3 lid 1 Merkenrichtlijn

CB 2015-179 Geplaatst op 04 dec 2015 door

HR 27 november 2015, ECLI:NL:HR:2015:3394 (Hauck / Stokke II)

Het hof na verwijzing moet alsnog onderzoeken of de Tripp Trapp-stoel een teken is dat geen merkenrechtelijke bescherming geniet op grond van de uitsluitingsgronden van art. 3, lid 1, sub e Merkenrichtlijn, hetzij op de ene grond, hetzij op de andere grond, hetzij volledig op elk van beide gronden. Lees verder >

Telefoonabonnement met “gratis” toestel is koop op afbetaling / consumentenkrediet

CB 2014-113 Geplaatst op 18 jun 2014 door

HR 13 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1385

Een telefoonabonnement waarbij een telefoon om niet ter beschikking wordt gesteld aan de consument, kwalificeert in beginsel als koop op afbetaling in de zin van art. 7A:1576 e.v. BW, krediettransactie in de zin van art. 1 sub a, 2e Wck (oud) en kredietovereenkomst in de zin van art. 7:57 lid 1 sub c BW. In geval van vernietiging wegens strijd met de desbetreffende wettelijke regels kan de overeenkomst met toepassing van art. 3:41 BW (mogelijk) gedeeltelijk in stand blijven. Lees verder >

Pagina 1 van 3123