Https://cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Https://cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in ons Privacyverklaring.
weigeren accepteren

EVRM art. 6

Instelling mentorschap - art. 6 EVRM van toepassing

CB 2018-60 Geplaatst op 06 apr 2018 door

HR 6 april 2018 ECLI:NL:HR:2018:533

Op een beslissing tot instelling van mentorschap is art. 6 EVRM van toepassing, omdat het een betrokkene de bevoegdheid ontneemt rechtshandelingen te verrichten in aangelegenheden betreffende zijn verzorging, verpleging, behandeling en begeleiding. Lees verder >

Stelsel absolute verjaringstermijn met doorbrekingsmogelijkheid niet in strijd met art. 6 EVRM

CB 2017-102 Geplaatst op 23 mei 2017 door

HR 24 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:494

Toepassing van de dertigjarige verjaringstermijn van art. 3:310 lid 2 BW ten aanzien van mesothelioomslachtoffers bij wie de ziekte zich pas na meer dan dertig jaar openbaart, levert in combinatie met de in het Van Hese/De Schelde-arrest (HR 28 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5635, NJ 2000/430) aanvaarde mogelijkheid om deze verjaringstermijn op grond van de beperkende werking van de redelijkheid buiten toepassing te laten, geen ontoelaatbare beperking van het recht op toegang tot de rechter uit art. 6 EVRM op. Lees verder >

Rechter hoeft dwangsom niet te maximeren; niet gemaximeerde dwangsom vormt geen punitieve sanctie

CB 2017-40 Geplaatst op 01 mrt 2017 door

HR 24 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:310

Aan een bevel tot het voldoen aan de fiscale informatieplicht is in deze zaak door de rechter een dwangsom verbonden zonder dat daarbij een maximum is bepaald. Dit mag de rechter doen, nu hij een discretionaire bevoegdheid heeft om aan op te leggen dwangsommen al dan niet een maximum te verbinden. Van een verplichting om aan de dwangsom een maximum te verbinden is geen sprake. Lees verder >

Wet Bopz: geen recht op bijstand tolk bij psychiatrisch onderzoek

CB 2017-32 Geplaatst op 22 feb 2017 door

HamerHR 3 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:165

Uit art. 5 Wet Bopz en de art. 5 en 6 EVRM  vloeit noch in het algemeen, noch in dit geval voort dat de betrokkene recht heeft op bijstand van een tolk in de moedertaal tijdens het onderzoek ten behoeve van het opstellen van een geneeskundige verklaring als bedoeld in art. 5 Wet Bopz. Lees verder >

Proceskostenveroordeling in een procedure over staatsaansprakelijkheid wegens schending van de redelijke termijn

CB 2016-193 Geplaatst op 16 dec 2016 door

HR 2 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2756

In een procedure betreffende overschrijding van de redelijke termijn voor berechting blijft de regel van art. 237 Rv, dat de in het ongelijk gestelde partij in de kosten wordt veroordeeld, van toepassing. Lees verder >

Hof had verzet moeten toestaan tegen ten onrechte "bij verstek" gewezen arrest

CB 2016-181 Geplaatst op 29 nov 2016 door

HR 18 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2642

Geïntimeerden worden bij verstek veroordeeld ondanks dat zij het verstek hadden gezuiverd. Van die zuivering blijkt niet uit het roljournaal of het arrest, maar het hof verklaart uiteindelijk het verzet tegen de arresten niet-ontvankelijk, omdat door de zuivering het verstek was komen te vervallen. De Hoge Raad oordeelt dat het hof in dit bijzondere geval het verzet toch ontvankelijk had moeten achten, omdat het recht op toegang tot de appelrechter in de kern is aangetast.

Lees verder >

Rechtsbijstand door raadsman bij politieverhoor

CB 2016-208 Geplaatst op 13 sep 2016 door

TraliesHR 13 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2068 (NVSA c.s. / Staat der Nederlanden ; de Raad voor rechtsbijstand)

Beantwoording prejudiciële vragen. 1. In zijn algemeenheid kan niet worden gezegd dat de in de Beleidsbrief OM vervatte regeling strijdig is met het arrest van de Hoge Raad van 22 december 2015. 2. Noch uit art. 5 EVRM, noch uit enige andere geldende rechtsregel vloeit voort dat een raadsman die tijdens het politieverhoor rechtsbijstand verleent aan een verdachte, in staat moet worden gesteld tijdens een verhoor vragen te stellen of opmerkingen te maken of de verdachte ten aanzien van specifieke vragen te adviseren zich al dan niet op zijn zwijgrecht te beroepen, zolang beperkingen dienaangaande niet zodanig zijn dat het recht op rechtsbijstand tijdens het verhoor illusoir is. Lees verder >

De tegenspraakfictie van art. 140 lid 3 Rv en de verschoonbare overschrijding van de appeltermijn

CB 2015-96 Geplaatst op 11 jun 2015 door

HR 5 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1470

Toepassing van de rechtsregel uit HR 3 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:2894, waarin de Hoge Raad een uitzondering aanvaardde op het uitgangspunt dat aan beroepstermijnen strikt de hand gehouden moet worden. Onder omstandigheden kan de bij verstek veroordeelde die, vanwege de tegenspraakfictie van art. 140 lid 3 Rv, is aangewezen op het rechtsmiddel van hoger beroep, zich beroepen op verschoonbare overschrijding van de appeltermijn. In dit geval had het hof appellant in de gelegenheid moeten stellen zich uit te laten over de termijnoverschrijding. Lees verder >

De waardering van het deskundigenbericht in het licht van het beginsel van hoor en wederhoor

CB 2015-51 Geplaatst op 17 mrt 2015 door

HR 13 maart 2015, ECLI:NL:HR:2015:599

Om effectief commentaar te kunnen leveren op een deskundigenbericht, behoeven partijen niet steeds te beschikken over alle gegevens en bescheiden waarop het deskundigenbericht is gebaseerd. Een partij die een deskundigenbericht zonder die gegevens onvoldoende inzichtelijk of controleerbaar acht, kan daarvan blijk geven in haar commentaar, waarna het aan de rechter is om te beoordelen of hij het deskundigenbericht zonder schending van het beginsel van hoor en wederhoor aan zijn beslissing ten grondslag kan leggen. Lees verder >

De procespositie van minderjarigen in familierechtzaken

CB 2014-194 Geplaatst op 11 dec 2014 door

kindHR 5 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3535

Het in art. 6 lid 1 EVRM voor een ieder, dus ook voor minderjarigen, gewaarborgde recht op toegang tot de rechter brengt mee dat het recht om te worden gehoord effectief dient te kunnen worden uitgeoefend. Noch uit art. 6 lid 1 EVRM, noch uit art. 12 IVRK of enige andere, Nederland bindende internationale regeling, vloeit voort dat van een effectieve uitoefening van bedoeld recht slechts sprake kan zijn indien de minderjarige zonder tussenkomst van een (wettelijk) vertegenwoordiger kennis kan nemen van alle gedingstukken in de procedure waarin hij of zij wordt gehoord. Lees verder >

Pagina 1 van 3123