Selecteer een pagina

Alle berichten met de tag: EVRM art. 6


HR 18 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2642

Geïntimeerden worden bij verstek veroordeeld ondanks dat zij het verstek hadden gezuiverd. Van die zuivering blijkt niet uit het roljournaal of het arrest, maar het hof verklaart uiteindelijk het verzet tegen de arresten niet-ontvankelijk, omdat door de zuivering het verstek was komen te vervallen. De Hoge Raad oordeelt dat het hof in dit bijzondere geval het verzet toch ontvankelijk had moeten achten, omdat het recht op toegang tot de appelrechter in de kern is aangetast.

(meer…)

HR 13 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2068 (NVSA c.s. / Staat der Nederlanden ; de Raad voor rechtsbijstand)

Beantwoording prejudiciële vragen. 1. In zijn algemeenheid kan niet worden gezegd dat de in de Beleidsbrief OM vervatte regeling strijdig is met het arrest van de Hoge Raad van 22 december 2015. 2. Noch uit art. 5 EVRM, noch uit enige andere geldende rechtsregel vloeit voort dat een raadsman die tijdens het politieverhoor rechtsbijstand verleent aan een verdachte, in staat moet worden gesteld tijdens een verhoor vragen te stellen of opmerkingen te maken of de verdachte ten aanzien van specifieke vragen te adviseren zich al dan niet op zijn zwijgrecht te beroepen, zolang beperkingen dienaangaande niet zodanig zijn dat het recht op rechtsbijstand tijdens het verhoor illusoir is. (meer…)

HR 5 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1470

Toepassing van de rechtsregel uit HR 3 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:2894, waarin de Hoge Raad een uitzondering aanvaardde op het uitgangspunt dat aan beroepstermijnen strikt de hand gehouden moet worden. Onder omstandigheden kan de bij verstek veroordeelde die, vanwege de tegenspraakfictie van art. 140 lid 3 Rv, is aangewezen op het rechtsmiddel van hoger beroep, zich beroepen op verschoonbare overschrijding van de appeltermijn. In dit geval had het hof appellant in de gelegenheid moeten stellen zich uit te laten over de termijnoverschrijding. (meer…)

HR 13 maart 2015, ECLI:NL:HR:2015:599

Om effectief commentaar te kunnen leveren op een deskundigenbericht, behoeven partijen niet steeds te beschikken over alle gegevens en bescheiden waarop het deskundigenbericht is gebaseerd. Een partij die een deskundigenbericht zonder die gegevens onvoldoende inzichtelijk of controleerbaar acht, kan daarvan blijk geven in haar commentaar, waarna het aan de rechter is om te beoordelen of hij het deskundigenbericht zonder schending van het beginsel van hoor en wederhoor aan zijn beslissing ten grondslag kan leggen. (meer…)

kindHR 5 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3535

Het in art. 6 lid 1 EVRM voor een ieder, dus ook voor minderjarigen, gewaarborgde recht op toegang tot de rechter brengt mee dat het recht om te worden gehoord effectief dient te kunnen worden uitgeoefend. Noch uit art. 6 lid 1 EVRM, noch uit art. 12 IVRK of enige andere, Nederland bindende internationale regeling, vloeit voort dat van een effectieve uitoefening van bedoeld recht slechts sprake kan zijn indien de minderjarige zonder tussenkomst van een (wettelijk) vertegenwoordiger kennis kan nemen van alle gedingstukken in de procedure waarin hij of zij wordt gehoord. (meer…)