Selecteer een pagina

Alle berichten met de tag: collectieve actie


HR 3 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:587

(i) Een art. 3:305a-rechtspersoon treedt in rechte niet op als procesvertegenwoordiger van anderen, maar als zelfstandige formele en materiële procespartij.
(ii) Uitgangspunt is dat een partij in de loop van de procedure niet in een andere hoedanigheid kan gaan optreden dan die waarin zij haar vordering bij aanvang van de procedure heeft ingesteld.
(iii) Onder bijzondere omstandigheden kan een wijziging van partijhoedanigheid niettemin geoorloofd zijn. (meer…)

HR 29 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:769 (Stichting Erfpachters Belang Amsterdam c.s. / Gemeente Amsterdam)

Diverse oordelen over de geldigheid van de canonherzieningsbepaling in Algemene Bepalingen behorende bij erfpachtakte, waaronder de volgende. 1. Zowel naar oud, als naar nieuw recht (art. 5:85 BW) is voldoende dat de canon bij aanvang van de erfpacht is opgenomen en dat die akte verwijst naar een in de algemene voorwaarden opgenomen herzieningsbepaling. 2. Gelet op de temporele werking van Richtlijn 93/13/EEG is deze niet van toepassing op de hier bestreden Algemene Bepalingen. 3. Een eenzijdige wijzigingsbevoegdheid is niet per definitie onredelijk bezwarend. (meer…)

HR 27 november 2015, ECLI:NL:HR:2015:3399 (ABN AMRO / Stichting belangenbehartiging gedupeerde beleggers VDB)

De maatschappelijke functie van banken rechtvaardigt dat de zorgplicht van de bank mede strekt ter bescherming tegen lichtvaardigheid en gebrek aan kunde en niet is beperkt tot zorg jegens personen die als klant in een contractuele relatie tot de bank staan. (meer…)

HR 9 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3018 (X/Dexia)

Ook de verjaring van de bevoegdheid tot het uitbrengen van een buitengerechtelijke verklaring tot vernietiging wordt gestuit door een collectieve vordering in de zin van art. 3:305a BW. Een buitengerechtelijke verklaring die wordt uitgebracht voor het tijdstip waarop de in art. 3:316 lid 2 BW bedoelde termijn van zes maanden is verstreken, is tijdig uitgebracht. (meer…)

HR 19 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1687 (ABVAKABO FNV/Amsta)

Naleving van de ‘spelregels’ is niet langer een zelfstandige voorwaarde voor de rechtmatigheid van een collectieve actie. Wel zijn de spelregels nog steeds van belang als gezichtspunten bij de vraag of de uitoefening van het recht op collectief optreden (art. 6 onder 4 ESH) in een concreet geval dient te worden beperkt of verboden langs de weg van art. G ESH. Andere gezichtspunten zijn de aard en duur van de actie, de verhouding tussen de actie en het daarmee nagestreefde doel, de daardoor veroorzaakte schade aan de belangen van de werkgever of derden, en de aard van die belangen en die schade. (meer…)