Https://cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Https://cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in ons Privacyverklaring.
weigeren accepteren

Eerste Kamer aanvaardt Wetsvoorstel versterking cassatierechtspraak

CB 2012-53 Geplaatst op 13 maart 2012 door

Op 13 maart 2012 heeft de Eerste Kamer het Wetsvoorstel versterking cassatierechtspraak aanvaard. Ook dit wetsvoorstel is, net als het eerder aangenomen Wetsvoorstel prejudiciële vragen, zonder stemming aangenomen.

In lijn met rapport “Versterking van de cassatierechtspraak” van de commissie-Hammerstein (2008), dat de opmaat was tot de wet, beoogt de wet de Hoge Raad beter in staat te stellen zich te concentreren op zijn kerntaken, met name zijn taken op het gebied van de rechtseenheid en rechtsontwikkeling. Om dit doel te bereiken introduceert de wet (1) de mogelijkheid van selectie aan de poort en (2) een landelijke civiele cassatiebalie.

Selectie aan de poort

Het nieuwe art. 80a RO maakt selectie aan de poort mogelijk. De Hoge Raad kan straks een ingesteld cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaren indien (a) de partij die het cassatieberoep instelt klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep, of (b) de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden. Art. 80a RO zal voor cassatiezaken op alle gebieden (civiel, straf en fiscaal) gaan gelden.

Art. 80a RO impliceert niet een minder vergaande inhoudelijke toetsing, aldus de Minister van Veiligheid en Justitie in de Memorie van Antwoord (p. 1-2):

De inhoudelijke toetsing blijft een toetsing in volle omvang. Er wordt een nieuwe afdoeningsmodaliteit geïntroduceerd die in voorkomende gevallen meebrengt dat een cassatieberoep in een eerder stadium ten einde komt.”

Evidente gevallen

Anders dan tijdens de plenaire behandeling in de Tweede Kamer (hier besproken op Cassatieblog.nl), wijdt de Minister nog wel enkele woorden aan het criterium “klaarblijkelijk onvoldoende belang” en “klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden”. Een kleine bloemlezing uit de Memorie van Antwoord (p. 4):

De term “klaarblijkelijk” onderstreept nog eens dat het moet gaan om evidente gevallen

Het is echter niet zo dat het in alle gevallen moet gaan om een processueel belang. Ook op inhoudelijke gronden kan tot niet-ontvankelijkverklaring krachtens art. 80a RO worden besloten

“(E)en gering financieel belang (is) op zichzelf geen passend criterium aangezien het te algemeen omschreven, en niet objectief genoeg is

Dit houdt echter niet in (…) dat aan de Hoge Raad een discretionaire bevoegdheid wordt gegeven om zaken al dan niet inhoudelijk af te doen.”

25% klopt tevergeefs op de poort, maar welke zaken?

Het percentage aangebrachte zaken dat de selectie aan de poort niet zal doorstaan, bedraagt naar verwachting zo’n 25%. De schatting is gebaseerd op een onderzoek dat de civiele kamer van de Hoge Raad heeft verricht op basis van de zaaksgegevens over 2011.

De Hoge Raad mag een weigering aan de poort afdoen met de enkele constatering dat er klaarblijkelijk onvoldoende belang bestaat bij het cassatieberoep of dat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden. Een dergelijke verkorte motivering is ook al gebruikelijk bij afdoening op de voet van art. 81 RO. De Minister spreekt overigens wel de verwachting uit dat de Hoge Raad zich in ieder geval in het begin niet (steeds) zal beperken tot een dergelijke verkorte motivering. 80a-uitspraken waarvan de kennisnameming “ook maar enigszins nuttig kan zijn” zullen bekend worden gemaakt via rechtspraak.nl. Uiteraard zal ook Cassatieblog aandacht besteden aan deze zaken.

De voorgenomen transparantie over de toepassing van art. 80a RO valt toe te juichen. Enig inzicht over de toepassing van deze nieuwe wijze van afdoening zal cassatieadvocaten immers sneller in staat stellen om een reële inschatting te maken of de zaak het risico loopt aan de poort te worden geweigerd.

Landelijke civiele cassatiebalie

Na inwerkingtreding van de wet zal de (civiele) cassatieadvocatuur niet meer voorbehouden zijn aan advocaten uit het Haagse arrondissement. De cassatiebalie wordt opengesteld voor advocaten uit het hele land.

Om op het tableau de aantekening ‘advocaat bij de Hoge Raad’ te verkrijgen, moet de advocaat wel aan bepaalde kwaliteits- en ervaringseisen voldoen. Deze eisen zijn uitgewerkt in de Verordening Vakbekwaamheidseisen civiele cassatieadvocatuur, opgesteld door het College van Afgevaardigden van de Orde van Advocaten en hier besproken op Cassatieblog.nl.

De datum van inwerkingtreding van de Wet versterking cassatierechtspraak zal nog bij Koninklijk Besluit worden vastgesteld. De verwachting is dat die datum op 1 juli 2012 wordt gesteld. De Hoge Raad heeft in ieder geval aangegeven zijn werkwijze voor die datum afgestemd te hebben op de nieuwe wet.

email print