Alle berichten met de tag: ESH art. 6 onder 4


HR 19 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1687 (ABVAKABO FNV/Amsta)

Naleving van de ‘spelregels’ is niet langer een zelfstandige voorwaarde voor de rechtmatigheid van een collectieve actie. Wel zijn de spelregels nog steeds van belang als gezichtspunten bij de vraag of de uitoefening van het recht op collectief optreden (art. 6 onder 4 ESH) in een concreet geval dient te worden beperkt of verboden langs de weg van art. G ESH. Andere gezichtspunten zijn de aard en duur van de actie, de verhouding tussen de actie en het daarmee nagestreefde doel, de daardoor veroorzaakte schade aan de belangen van de werkgever of derden, en de aard van die belangen en die schade. (meer…)

HR 31 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:3077 (FNV c.s./Enerco B.V.)

Het enkele feit dat een stakingsactie wordt uitgevoerd in een ander bedrijf dan dat van de werkgever, brengt nog niet mee dat deze actie buiten de reikwijdte van art. 6 onder 4 van het Europees Sociaal Handvest (ESH) valt. Het gaat erom of een dergelijke stakingsactie redelijkerwijs kan bijdragen tot de doeltreffende uitoefening van het recht op collectief onderhandelen. De onrechtmatigheid van zo’n stakingsactie kan niet alleen worden gegrond op het feit dat een derde aanzienlijke schade lijdt, maar moet worden beoordeeld aan de hand van de omvang van de schade, de betrokken belangen en de relevante overige omstandigheden van het geval. (meer…)