Alle berichten met de tag: beschermingsbewind


HR 22 juni 2018 ECLI:NL:HR:2018:979

Een in gemeenschap van goederen gehuwde echtgenote van een onder bewind gestelde man kan als belanghebbende in de zin van 798 lid 1 Rv worden aangemerkt en kan dus  in hoger beroep komen van een door de kantonrechter op grond van art. 1:441 lid 2 BW afgegeven machtiging.

(meer…)

HR 22 juni 2012, LJN BW3213

Een bewind als bedoeld in Titel 19 van Boek 1 kan worden gecombineerd met het instellen van mentorschap. Dit in aanmerking genomen moet worden aanvaard dat het instellen van een mentorschap evenzeer verenigbaar is met de aanstelling van een provisionele bewindvoerder in het kader van een verzoek tot ondercuratelestelling, aan wie geen andere bevoegdheden als bedoeld in art. 1:380 lid 2 BW zijn toegekend. De rechter kan slechts ambtshalve overgaan tot het instellen van een mentorschap, wanneer het verzoek tot ondercuratelestelling is afgewezen. (meer…)

HR 25 mei 2012, LJN BV4010 en BV4021 (Cassatie in het belang der wet)

Het indienen van een schuldsaneringsverzoek behoort niet tot de in art. 1:441 lid 1 BW bedoelde taak van de beschermingsbewindvoerder, zodat die de schuldenaar niet in rechte vertegenwoordigt bij de indiening van dat verzoek. De schuldenaar over wiens goederen bewind is ingesteld is (dus) zelfstandig bevoegd om een schuldsaneringsverzoek in te dienen.  Wel vormen het bewind en de houding van de beschermingsbewindvoerder met betrekking tot het verzoek relevante omstandigheden die de rechter bij zijn beslissing op het verzoek in aanmerking dient te nemen, zodat eventueel oproeping van de bewindvoerder moet plaatsvinden. Hetzelfde geldt bij de behandeling van een rechtsmiddel tegen een beslissing tot tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling op de voet van art. 350 Fw(meer…)