Selecteer een pagina

Alle berichten met de tag: BW art. 6:101


HR 14 december 2012, LJN BX8349 (Nationale-Nederlanden/X c.s.)

Bij toepassing van proportionele aansprakelijkheid bestaat geen ruimte om, nadat de rechter de in een percentage uitgedrukte kans heeft vastgesteld dat de normschending de schade heeft veroorzaakt, daarop nog een billijkheidscorrectie toe te passen. Wel kan art. 6:101 lid 1 BW aanleiding geven tot een vermindering van de (op basis van proportionele aansprakelijkheid vastgestelde) vergoedingsplicht en eventueel tot een billijkheidscorrectie als bedoeld in dat artikellid. (meer…)

HR 4 mei 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV6769 (Huisman q.q./X)

Wanneer een persoon in rechte wordt betrokken, kan reeds sprake zijn van daadwerkelijke bekendheid met de feiten waaruit de schade (bestaande uit aansprakelijkheid jegens de eisende partij) voortvloeit, ook al is op dat moment nog onzeker of de rechter de vordering zal toewijzen. Dit kan voldoende zijn voor de aanvang van de verjaringstermijn ter zake van een vordering tot verhaal van die schade op een derde, omdat daarvoor niet is vereist dat de benadeelde daadwerkelijk bekend is met de juridische beoordeling van de feiten en omstandigheden waaruit voor hem de schade voortvloeit. (meer…)

HR 24 februari 2012, LJN ECLI:NL:HR:2012:BU9855

Het oordeel van het hof dat de melkveehouders gehouden waren hun makelaar te informeren dat in hun geval, anders dan in de meerderheid van de gevallen, bij verkoop van hun melkquota omzetbelasting moest worden afgedragen, geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. Het niet voldoen aan deze “verplichting” levert geen tekortkoming op, maar kan wel tot gevolg hebben dat de melkveehouders wegens schuldeisersverzuim of eigen schuld de nadelige gevolgen ervan geheel of ten dele zelf hebben te dragen. (meer…)