Selecteer een pagina

Alle berichten met de tag: peildatum


HR 16 juli 2021, ECLI:NL:HR:2021:1173 (X / Provincie Limburg)

(i) De schadeloosstelling voor onteigening wordt naar peildatum begroot. De rechtbank gebruikte bij de schadeloosstelling een brief van ná de peildatum waaruit blijkt dat (door de onteigening) een waardevermeerderende omstandigheid is ontstaan. De rechtbank had daarvoor echter moeten motiveren dat ook al op de peildatum met die omstandigheid rekening moet worden gehouden.
(ii) Wanneer in de werkelijke waarde van het onteigende al rekening is gehouden met een meerwaarde vanwege de aanwezige bomen, hoeft niet nog apart een vergoeding te worden toegekend wegens ‘vrijkomend hout’ bij het kappen van deze bomen. (meer…)

HR 20 december 2013, ECLI:NL:HR:2013:2050

Peildatum voor vaststelling van de samenstelling en omvang huwelijksgemeenschap is het tijdstip van ontbinding van de huwelijksgemeenschap (vgl. HR 6 september 1996, NJ 1997/593). Van dit tijdstip kan niet worden afgeweken, ook niet op grond van de eisen van redelijkheid en billijkheid. (meer…)

HR 27 september 2013, ECLI:NL:HR:2013:CA1731 (Onteigenden/Gemeente Lansingerland)

Een door de Onteigeningswet (Ow) verlangde volledige vergoeding van de schade die het rechtstreeks en noodzakelijk gevolg is van de eigendomsontneming, omvat naar redelijkheid tevens vergoeding van de bedrijfsschade van de zonen van de onteigende, die geen economisch eigenaar zijn van het onteigende, maar wel een tuinbouwbedrijf op het onteigende hebben. Het afbouwen van een woning in het zicht van de onteigening is een normale verandering (art. 39 Ow). (meer…)

HR 8 februari 2013, LJN BY4279

(1) Als peildatum voor de waardering van de tot de huwelijksgoederengemeenschap behorende goederen geldt in de regel de datum van de verdeling. In de enkele omstandigheid dat partijen de tot de huwelijksgoederengemeenschap behorende goederen met wederzijdse instemming feitelijk hebben verdeeld, ligt echter nog niet besloten dat zij een verdeling als bedoeld in artikel 3:182 BW zijn overeengekomen.
(2) Met het wettelijk stelsel van art. 6:119 BW is onverenigbaar dat een gewezen echtgenoot, zonder in verzuim te zijn geraakt, zonder meer op aan de maatstaven van redelijkheid en billijkheid ontleende gronden zou zijn gehouden om aan de andere gewezen echtgenoot een rentevergoeding te betalen over een wegens overbedeling verschuldigde geldsom. (meer…)