Https://cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Https://cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in ons Privacyverklaring.
weigeren accepteren

doorbreking rechtsmiddelenverbod

Geen doorbreking rechtsmiddelenverbod op enkele klacht dat wettelijke regel niet in acht is genomen

CB 2018-81 Geplaatst op 07 mei 2018 door

HR 4 mei ECLI:NL:HR:2018:684

De enkele klacht dat een wettelijke regel niet in acht is genomen, is volgens vaste rechtspraak onvoldoende voor doorbreking van een rechtsmiddelenverbod. Dat geldt in beginsel ook indien het gaat om vrijheidsbeneming en het (dus) een regel betreft die onderdeel is van een wettelijk voorgeschreven procedure als bedoeld in art. 5 lid 1 EVRMLees verder >

Geen doorbreking appelverbod indien cassatieberoep openstaat

CB 2017-14 Geplaatst op 02 feb 2017 door

HR 27 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:112 (ING/Verweerders)

Tegen een beschikking van de rechter-commissaris op een verzoek tot verdeling van de executieopbrengst (art. 483 Rv) staat geen hoger beroep open (art. 490d Rv), maar wel cassatieberoep (art. 78 lid 1 RO jo. 398 sub 1 Rv). Het door verweerders op grond van de doorbrekingsgronden ingestelde hoger beroep was daarom niet-ontvankelijk. Lees verder >

Niet-ontvankelijkheid bij de Hoge Raad en rechtsmiddelenverbod tegen instructieuitspraken

CB 2016-198 Geplaatst op 21 dec 2016 door

HR 11 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2578 (JKS c.s./X)

De Hoge Raad kan in elke stand van het geding beslissen dat de eiser of verzoeker niet-ontvankelijk is in zijn cassatieberoep. Dat de Hoge Raad aan het begin van de cassatieprocedure geen toepassing heeft gegeven aan art. 80a RO, staat daar niet aan in de weg. Het rechtsmiddelenverbod tegen instructieuitspraken kan niet worden doorbroken. Lees verder >

Herstel verzuim in geval van verzoek wraking

CB 2016-4 Geplaatst op 07 jan 2016 door

HR 18 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3633

Het hof had het voorschrift van art. 39 lid 1 Rv (behandeling door meervoudige kamer waarvan rechter wiens wraking is verzocht geen deel uitmaakt) niet buiten toepassing mogen laten op de grond dat het wrakingsverzoek niet was ondertekend door een advocaat. Aan de verzoeker had gelegenheid behoren te worden geboden dat verzuim te herstellen (vergelijk art. 281 lid 1 in verbinding met art. 362 Rv). Lees verder >

Rechtsmiddelenverbod in deelgeschilprocedure kan worden doorbroken

CB 2014-91 Geplaatst op 01 mei 2014 door

HR 18 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:943

(1) De uitsluiting van rechtsmiddelen tegen de beslissing op een deelgeschil (art. 1019bb Rv) kan worden doorbroken op grond van de in de rechtspraak ontwikkelde “doorbrekingsgronden”. Hieraan doet niet af dat op grond van art. 1019cc lid 3 Rv in een bodemprocedure opgekomen kan worden tegen de beslissingen van de deelgeschilrechter omtrent de materiële rechtsverhouding van partijen.
(2) Indien met een beroep op een doorbrekingsgrond een rechtsmiddel wordt ingesteld tegen een beschikking in een deelgeschil, zijn ook in dat geding de bepalingen inzake de deelgeschilprocedure – waaronder de bijzondere proceskostenregeling van art. 1019aa Rv – van toepassing. Lees verder >

Kantonrechter niet getreden buiten toepassingsgebied art. 7:254 BW; geen doorbreking rechtsmiddelverbod

CB 2013-108 Geplaatst op 17 jun 2013 door

HR 14 juni 2013, LJN BZ5666

De kantonrechter is ervan uitgegaan dat deze zaak wordt beheerst door de huurprijswetgeving (o.a. art. 7:246-265 BW). Vervolgens heeft de kantonrechter, gegeven deze toepasselijkheid van de huurprijswetgeving, onderzocht of de door de huurders verlangde verlaging van de huurprijs in casu zou leiden tot een resultaat dat in strijd is met het door de verhuurder ingeroepen art. 1 Eerste Protocol EVRM. De kantonrechter is hiermee niet buiten het toepassingsgebied van de huurprijswetgeving getreden, zodat de huurders zich niet kunnen beroepen op een doorbreking van het rechtsmiddelverbod van art. 7:262 lid 2 BW. Lees verder >

Geen doorbreking mogelijk van rechtsmiddelenverbod art. 130 lid 2 Rv

CB 2012-223 Geplaatst op 20 nov 2012 door

HR 16 november 2012, LJN BX0731

Tegen een beslissing van de rechter over verandering of vermeerdering van eis staat ingevolge art. 130 lid 2 Rv geen hogere voorziening open. Gezien de aard van een dergelijke beslissing is ook de doorbrekingsjurisprudentie niet van toepassing. Lees verder >

Ook in kinderontvoeringszaken is doorbreking van het rechtsmiddelenverbod mogelijk

CB 2012-145 Geplaatst op 16 jul 2012 door

HR 13 juli 2012, LJN BW7476

Hoewel art. 13 lid 8 Uitvoeringswet internationale kinderontvoering beroep in cassatie tegen beslissingen van het hof tot teruggeleiding van minderjarigen naar het land van hun gewone verblijfplaats uitsluit, is een zodanig beroep niettemin ontvankelijk indien geklaagd wordt dat de rechter in de bestreden uitspraak een bepaalde regeling ten onrechte niet heeft toegepast, buiten het toepassingsgebied van de desbetreffende regeling is getreden of bij het nemen van zijn beslissing een zodanig fundamenteel rechtsbeginsel heeft veronachtzaamd dat niet meer kan worden gesproken van een eerlijke en onpartijdige behandeling van de zaak. Lees verder >

Zes maal hardheidsclausule griffierechten

CB 2012-31 Geplaatst op 13 feb 2012 door

HR 10 februari 2012, LJN BU5603BU7255, BU7353, BU7359,  BU9900 en BV3556

Als de rechter constateert dat het door een procespartij verschuldigde griffierecht niet tijdig is voldaan, behoort hij niet zonder meer toepassing te geven aan de wettelijke sanctie daarop, maar eerst aan die procespartij gelegenheid te geven om zich uit te laten met betrekking tot het geconstateerde verzuim, zodat die partij een eventueel misverstand kan ophelderen of, als zij daarvoor aanleiding ziet, een beroep kan doen op de hardheidsclausule. Lees verder >

Schending hoor en wederhoor na oproeping op onjuist GBA-adres

CB 2011-5 Geplaatst op 26 apr 2011 door

CB 2011, 5 – HR 15 april 2011 , LJN ECLI:NL:2011:BP5620

Een partij is volgens de daartoe geldende wettelijke voorschriften opgeroepen op het adres dat uit de basisadministratie blijkt. Dat adres is echter – door een niet aan de partij toe te rekenen omstandigheid – onjuist, waardoor de oproeping haar niet heeft bereikt. Daardoor is de partij niet op juiste wijze opgeroepen en is het beginsel van hoor en wederhoor geschonden. Lees verder >