Selecteer een pagina
Over vernietiging van een arbitraal vonnis met meerdere zelfstandig dragende gronden

Over vernietiging van een arbitraal vonnis met meerdere zelfstandig dragende gronden

HR 16 juli 2021, ECLI:NL:HR:2021:1171

Een arbitraal vonnis dat op meerdere zelfstandig dragende gronden berust, kan alleen worden vernietigd als met succes vernietigingsgronden zijn gericht tegen al die gronden.  Lees meer…

Inschrijving van een uithuisgeplaatste minderjarige op onderwijsinstelling door een GI

Inschrijving van een uithuisgeplaatste minderjarige op onderwijsinstelling door een GI

HR 25 juni 2021, ECLI:NL:HR:2021:1003

Een gecertificeerde instelling kan aan de algemene aanwijzingsbevoegdheid van art. 1:263 BW niet de bevoegdheid ontlenen de ouder op te dragen de inschrijving van de minderjarige bij een bepaalde onderwijsinstelling te ondertekenen. Zij is evenmin bevoegd de kinderrechter op de voet van art. 1:262b BW om vervangende toestemming voor die inschrijving te verzoeken. Voor de inschrijving van een uithuisgeplaatste minderjarige op een onderwijsinstelling moet de gecertificeerde instelling gebruikmaken van de wettelijke regeling van art. 1:265e BW.  Lees meer…

Cessie van een problematische vordering; non-conform?

Cessie van een problematische vordering; non-conform?

HR 9 juli 2021, ECLI:NL:HR:2021:1101

(i) Partijen kunnen nader zijn overeengekomen in welke gevallen sprake is van ‘niet aan de overeenkomst beantwoorden’ in de zin van art. 7:17 BW. Of dat het geval is, is een kwestie van uitleg van de overeenkomst.

(ii) Art. 7:15 BW heeft geen betrekking op het niet of moeilijk incasseerbaar zijn van een overgedragen vordering als gevolg van (gehele of gedeeltelijke) nietigheid of vernietigbaarheid van de overeenkomst waaruit die vordering voortvloeit. Een dergelijke eigenschap van een overgedragen vordering is geen bijzondere last of beperking in de zin van art. 7:15 BW.  Lees meer…

Art. 6:103 BW, art. 281a Rv Curaçao en de grenzen van de rechtsstrijd

Art. 6:103 BW, art. 281a Rv Curaçao en de grenzen van de rechtsstrijd

HR 11 juni 2021, ECLI:NL:HR:2021:860

Deze zaak gaat (mede) over de vraag in hoeverre de rechter op grond van art. 6:103 BW Curaçao (dat gelijk is aan het Nederlandse art. 6:103 BW) bevoegd is om in hoger beroep een andere vorm van schadevergoeding toe te wijzen dan in eerste aanleg is toegewezen. Lees meer…

Albert Heijn-zaak: gemeenschappelijke partijbedoeling vereist geen verklaringen of gedragingen; uitleg franchiseovereenkomst door accountants niet doorslaggevend

Albert Heijn-zaak: gemeenschappelijke partijbedoeling vereist geen verklaringen of gedragingen; uitleg franchiseovereenkomst door accountants niet doorslaggevend

HR 18 juni 2021, ECLI:NL:HR: 2021:957 (Vereniging van Albert Heijn Franchisenemers c.s./Albert Heijn c.s.)

Deze procedure gaat over de financiële afrekening tussen Albert Heijn als franchisegever en het merendeel van haar franchisenemers over 2008 en de jaren daarna. In deze procedure speelt de uitleg van de (standaard) franchiseovereenkomst (“FO”) die tussen partijen is gesloten, een centrale rol. Lees meer…

Overlijden is geen bekrachtiging

Overlijden is geen bekrachtiging

HR 25 juni 2021 ECLI:NL:HR:2021:1007

In 2015 heeft de Hoge Raad in twee uitspraken beslist dat een nietige erkenning van een kind (in die gevallen op Curaçao) bekrachtigd kan worden (zie CB 2015-23). In die gevallen bestond de oorzaak van de nietigheid op een zeker moment niet langer  doordat de man die erkend had was gescheiden (en dus geen sprake meer was van een gehuwde man die geen buiten dat huwelijk geboren kind kon erkennen). Bekrachtiging leidt  tot Nederlanderschap met ingang van de datum van erkenning (HR 20 december 2019, besproken in CB 2020-2, rov. 2.9.2). Lees meer…

Hoger beroep tegen afwijzing verzoek art. 287a Fw?

Hoger beroep tegen afwijzing verzoek art. 287a Fw?

HR 11 juni 2021 ECLI:NL:HR:2021:859

De schuldenaar kan in hoger beroep opkomen tegen de afwijzing van het primaire verzoek om een bevel tot instemming met een schuldregeling, als de rechtbank (i) ook het subsidiaire verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling heeft afgewezen en (ii) de schuldenaar ook daartegen in hoger beroep opkomt of dit subsidiaire verzoek in hoger beroep niet handhaaft. Dit geldt ook als door de rechtbank nog niet is beslist op het subsidiaire verzoek, maar wel op het primaire verzoek. Lees meer…

Prejudiciële vragen: valt verzoek tot ontslag bewindvoerder/mentor onder zaken van curatele, onderbewindstelling of mentorschap als bedoeld in art. 798 lid 2 Rv?

Prejudiciële vragen: valt verzoek tot ontslag bewindvoerder/mentor onder zaken van curatele, onderbewindstelling of mentorschap als bedoeld in art. 798 lid 2 Rv?

HR 18 juni 2021 ECLI:NL:HR:2021:950

De in art. 798 lid 2 Rv genoemde verwanten behoren tot de personen die een beschermingsmaatregel kunnen verzoeken en daarmee tot degenen die een verzoek kunnen indienen tot ontslag van de curator, bewindvoerder of mentor. Lees meer…

Hoge Raad geeft nadere uitleg aan de termijn uit artikel 23 lid 3 Wet Bpf 2000

Hoge Raad geeft nadere uitleg aan de termijn uit artikel 23 lid 3 Wet Bpf 2000

HR 21 mei, ECLI:NL:HR:2021:754

Zolang er sprake is van een betalingsachterstand kan de in art. 23 lid 3 Bpf 2000  bedoelde bestuurdersaansprakelijkheid ook berusten op kennelijk onbehoorlijk bestuur dat heeft plaatsgevonden ná de mededeling van betalingsonmacht. Lees meer…

Archief