Selecteer een pagina
Wvggz: geen zorgmachtiging bij een gebrekkige medische verklaring

Wvggz: geen zorgmachtiging bij een gebrekkige medische verklaring

Hoge Raad 20 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:454

Uit het systeem van de Wvggz volgt, mede gelet op art. 5 lid 1 aanhef en onder e EVRM, dat geen zorgmachtiging mag worden verleend als de medische verklaring niet voldoet aan de wettelijke eisen. De zorgmachtiging mag in dat geval ook niet worden verleend voor een kortere periode dan de door de officier van justitie verzochte periode. Lees meer…

Cassatievlog #160 | Mag een creditcardmaatschappij een kopie van je paspoort bewaren?

Cassatievlog #160 | Mag een creditcardmaatschappij een kopie van je paspoort bewaren?

Hoge Raad 13 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:392

De klant van een creditcardmaatschappij weigert om mee te werken aan het controleren van haar identiteit. Zij wil niet dat de maatschappij een kopie van haar paspoort bewaart. Als de creditcardmaatschappij de creditcard opzegt, komt het tot een procedure. De Hoge Raad onderzoekt of de Wwft, in het licht van de AVG, een toereikende grondslag biedt voor het bewaren van kopieën van identiteitsbewijzen. De conclusie is dat dit voor redelijke twijfel vatbaar is. De Hoge Raad gaat daarom prejudiciële vragen stellen aan het Hof van Justitie EU. Jerre de Jong bespreekt in vier minuten deze uitspraak.

Om deze video te bekijken moeten de marketingcookies worden toegestaan.

Cassatievlog #160 is ook in podcast vorm beschikbaar. Beluister hier de podcast of via uw favoriete podcastkanaal.

Cassatie in het belang der wet: geen contactbeperkingen mogelijk bij faillissementsgijzeling

Cassatie in het belang der wet: geen contactbeperkingen mogelijk bij faillissementsgijzeling

HR 13 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:400

Tijdens een faillissementsgijzeling (art. 87 lid 1 Fw) kan de rechter geen contactbeperkingen opleggen aan de gefailleerde. Een contactbeperking is een ingrijpende maatregel die een inmenging vormt in het privéleven, familie- en gezinsleven en de correspondentie van de gefailleerde. Zo’n inmenging moet op grond van art. 8 lid 2 EVRM bij wet zijn voorzien. Noch art. 87 lid 1 Fw, noch enige andere wettelijke bepaling biedt een grondslag voor het opleggen van contactbeperkingen tijdens een faillissementsgijzeling. Lees meer…

Wvggz: referteverklaring alleen ondertekend door advocaat

Wvggz: referteverklaring alleen ondertekend door advocaat

HR 13 maart 2026 ECLI:NL:HR:2026:410

Indien na het overleggen van een schriftelijke referteverklaring op het verzoek om een zorgmachtiging wordt beslist zonder dat tegen dit verzoek verweer is gevoerd en zonder dat een mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden, kan slechts worden aangenomen dat de betrokkene niet bereid is zich op het verzoek te doen horen, indien het ontbreken van deze bereidheid ondubbelzinnig blijkt uit de referteverklaring. Lees meer…

Cassatievlog #159 | Hoor en wederhoor en equality of arms bij het tonen van camerabeelden ter zitting

Cassatievlog #159 | Hoor en wederhoor en equality of arms bij het tonen van camerabeelden ter zitting

Hoge Raad 13 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:409

Een chauffeur van PostNL is op staande voet ontslagen omdat hij goederen zou hebben weggenomen tijdens het transport van pakketten. Het hof stelt PostNL in het gelijk en baseert zich daarbij onder meer op ter zitting vertoonde camerabeelden. De (advocaat van) werknemer had die camerabeelden voorafgaand aan de mondelinge behandeling willen bekijken, maar is daar wegens technische redenen niet in geslaagd. Zijn de beginselen van hoor en wederhoor en equality of arms daarmee te kort gedaan? Giel Wind bespreekt de uitspraak van het hof in drie minuten.

 

Om deze video te bekijken moeten de marketingcookies worden toegestaan.

 

Cassatievlog #159 is ook in podcast vorm beschikbaar. Beluister hier de podcast of via uw favoriete podcastkanaal.

Wvggz: geen zorgmachtiging bij een gebrekkige medische verklaring

Wvggz: toets ex nunc bij verzoek tot wijziging van machtiging tot voortzetting crisismaatregel

HR 27 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:323

(1) Voor een wijziging van een machtiging tot voortzetting van een crisismaatregel op de voet van art. 8:12 Wvggz geldt – evenals voor het verlenen van de machtiging tot voortzetting van een crisismaatregel – dat de rechter deze slechts kan uitspreken indien op het moment van zijn uitspraak aan de in art. 7:1 lid 1 Wvggz genoemde voorwaarden is voldaan. Bij de beoordeling of aan die voorwaarden is voldaan, dient de rechter de actuele gezondheidstoestand van de betrokkene in aanmerking te nemen.

(2) In een geval waarin de verzochte machtiging betrekking heeft op het separeren van een minderjarige, dient de rechter ambtshalve te beoordelen of aanvullende zorgvuldigheidseisen moeten worden gesteld bij het toepassen van deze vorm van verplichte zorg, dan wel of daaraan beperkingen in duur moeten worden gesteld of dat minder ingrijpende vormen van insluiten dan separeren kunnen worden toegepast. De rechter dient in zijn motivering ervan blijk te geven dat hij deze beoordeling heeft uitgevoerd. Lees meer…

Cassatievlog #158 | Kan het huurregime voor middenstandsbedrijfsruimte worden overeengekomen?

Cassatievlog #158 | Kan het huurregime voor middenstandsbedrijfsruimte worden overeengekomen?

Hoge Raad 6 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:356

Een huurder heeft ruimte gehuurd voor haar traiteur- en cateringonderneming. Volgens het hof ligt het zwaartepunt bij de catering, die buiten de bedrijfsruimte zou plaatsvinden, en is daarom sprake van huur van overige bedrijfsruimte (art. 7:230a BW). De huurder klaagt in cassatie onder meer terecht dat het hof niet is ingegaan op haar stelling dat zij met de verhuurder is overeengekomen dat het regime voor middenstandsbedrijfsruimte van toepassing is (art. 7:290 BW). Jerre de Jong bespreekt de uitspraak in 3 minuten.

 

Om deze video te bekijken moeten de marketingcookies worden toegestaan.

Cassatievlog #158 is ook in podcast vorm beschikbaar. Beluister hier de podcast of via uw favoriete podcastkanaal.

Verzekeraar heeft tijdig voldaan aan kennisgevingsplicht art. 7:929 lid 1 BW

Verzekeraar heeft tijdig voldaan aan kennisgevingsplicht art. 7:929 lid 1 BW

HR 27 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:321

Bij aanwijzingen dat een verzekeringsnemer zijn mededelingsplicht niet is nagekomen kan de verzekeraar nader onderzoek laten verrichten. Als dat onderzoek betrekking heeft op medische gegevens en bij het onderzoek een medisch adviseur is betrokken, kan het moment waarop de medisch adviseur informatie ontvangt in de regel niet worden aangemerkt als het moment van ontdekking door de verzekeraar als bedoeld in art. 7:929 lid 1 BW. Lees meer…

Archief

Cassatieblog.nl