Cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in ons privacy statement.
weigeren accepteren

Einde schuldeisersverzuim door zuivering pas zodra schuldenaar redelijkerwijs weer tot nakoming in staat is

CB 2014-130 Geplaatst op 23 jul 2014 door

HR 11 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1643 (Sepeba/Rito)

Indien de schuldenaar, nadat de in verzuim verkerende schuldeiser zich alsnog tot medewerking aan de nakoming bereid heeft verklaard, zijn prestatie niet aanstonds kan verrichten maar daarvoor redelijkerwijs nog enige voorbereidingstijd nodig heeft, eindigen de gevolgen van het schuldeisersverzuim pas zodra de schuldenaar redelijkerwijs weer tot nakoming in staat is. Lees verder >

Verschoonbare overschrijding appeltermijn wegens verzuim rechtbank

CB 2014-129 Geplaatst op 23 jul 2014 door

HR 11 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1682

Slechts onder bijzondere omstandigheden kan een uitzondering worden gemaakt op het uitgangspunt dat aan beroepstermijnen strikt de hand moet worden gehouden. Deze schuldsaneringszaak betrof een geval waarin (i) verzoeker in eerste aanleg niet werd bijgestaan door een advocaat en (ii) niet bleek dat hem de precieze dag van de uitspraak was medegedeeld, had het Hof behoren te onderzoeken of de uitspraak van de rechtbank als gevolg van een niet aan verzoeker toe te rekenen fout of verzuim pas na afloop van de termijn voor het instellen van hoger beroep aan hem is toegezonden of verstrekt. Lees verder >

Skûtsje-schipper als vervoerder aansprakelijk, ongeacht of reiziger partij is bij vervoerovereenkomst

CB 2014-128 Geplaatst op 18 jul 2014 door

HR 11 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1628

Voor de toepasselijkheid van art. 8:974 BW is niet vereist dat de reiziger die schadevergoeding vordert zelf met de vervoerder heeft gecontracteerd. De verjaring van de vordering die is gegrond op art. 8:974 BW is geregeld in art. 8:1751 BW; art. 8:1780 BW is daarop niet van toepassing. Lees verder >

Onrechtmatige bewijsgaring door derde impliceert nog geen onrechtmatig verkregen bewijs door procespartij

CB 2014-127 Geplaatst op 18 jul 2014 door

HR 11 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1632

De omstandigheid dat bewijsmateriaal op onrechtmatige wijze is verkregen door een ander dan de procespartij die het wil gebruiken, brengt nog niet mee dat dit materiaal ook door die procespartij onrechtmatig is verkregen. Overigens geldt niet als algemene regel dat de rechter op onrechtmatig verkregen bewijs geen acht mag slaan. Lees verder >

Doorwerking contractueel beding in samenhangende rechtsverhouding: specifieke motivering vereist

CB 2014-126 Geplaatst op 18 jul 2014 door

HR 11 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1627 (Eneco Holding / Stichting Ronde van Nederland)

Nu als uitgangspunt heeft te gelden dat een overeenkomst alleen partijen bindt, dient het oordeel dat een contractueel beding doorwerkt in een daarmee samenhangende rechtsverhouding specifiek te zijn gemotiveerd. Bij de beoordeling van de rechtsverhouding tussen partijen die niet in een contractuele verhouding tot elkaar staan, kan betekenis worden toegekend aan de feitelijk economische samenhang die bestaat tussen overeenkomsten waarbij zij wél partij zijn. Dit betekent echter niet dat de enkele omstandigheid dat een zodanige samenhang bestaat, steeds van belang is voor de beoordeling van de rechtsverhouding tussen de daarbij betrokken partijen. Lees verder >

Civielrechtelijke toetsing uitlevering bij gestelde foltering door toedoen van functionarissen verzoekende staat

CB 2014-125 Geplaatst op 18 jul 2014 door

HR 11 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1680 (Staat/Verweerder)

Indien in een geding voor de burgerlijke rechter de opgeëiste persoon aanvoert dat hij door of mede door toedoen van functionarissen van de verzoekende staat is gefolterd in verband met de zaak waarvoor zijn uitlevering wordt gevraagd, kan op de Staat, indien de desbetreffende stellingen van de opgeëiste persoon voldoende klemmend en aannemelijk zijn, de verplichting rusten nader onderzoek te doen naar de juistheid daarvan. Lees verder >

Verplichting NV tot inkoop eigen aandelen behoeft geen statutaire grondslag

CB 2014-124 Geplaatst op 18 jul 2014 door

HR 11 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1679 (Clay Hill c.s./Unilever)

De verkrijging van eigen aandelen door een NV is, ter bescherming van haar schuldeisers, aan wettelijke beperkingen onderworpen. De statuten kunnen de verkrijging van eigen aandelen door een NV uitsluiten of beperken, maar de wet bepaalt niet dat een verplichting van de NV tot inkoop van aandelen een statutaire grondslag behoeft. Lees verder >

Inning van verzekeringspremie voor niet-bestaand risico maakt dekkingsweigering niet onaanvaardbaar

CB 2014-123 Geplaatst op 03 jul 2014 door

HR 26 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1558 (Eiseressen/Aegon)

Een verzekeraar die premie heeft geïnd voor een risico dat achteraf bezien niet heeft bestaan, kan ingevolge art. 7:938 BW gehouden zijn tot premierestitutie. De enkele inning van premie noopt evenwel niet tot de conclusie dat de verzekeraar op grond van art. 6:248 lid 2 BW dekking moet verlenen voor schade als gevolg van niet-verzekerde activiteiten. Lees verder >

Heffing kansspelbelasting voor kansspelautomaten is op niveau van de regelgeving niet in strijd met art. 1 Eerste Protocol

CB 2014-122 Geplaatst op 03 jul 2014 door

HR 27 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1523 (Staatssecretaris van Financiën/belanghebbende)

De Hoge Raad oordeelt dat geen sprake is van discriminatie bij de heffing van kansspelbelasting voor kansspelautomaten. Ook is met de invoering van kansspelbelasting voor kansspelautomaten het vereiste van een redelijke en proportionele verhouding (‘fair balance’) op het niveau van de regelgeving niet geschonden. De vraag of de onderhavige wetswijziging, hoewel deze op het niveau van de regelgeving niet heeft geleid tot een schending van artikel 1 Eerste Protocol, heeft geleid tot een individuele en buitensporige last in het geval van belanghebbende, moet na verwijzing nog worden beoordeeld. Lees verder >

Einde overgangsrecht civiele cassatiebalie - einde rolzitting

CB 2014-121 Geplaatst op 01 jul 2014 door

Met ingang van 1 juli 2014 kwalificeren Haagse advocaten niet langer automatisch als advocaat bij de Hoge Raad. Civiele cassatiezaken kunnen alleen nog worden behandeld door advocaten die zijn toegelaten tot de landelijke civiele cassatiebalie. In verband hiermee wordt de civiele rolzitting bij de Hoge Raad afgeschaft. Lees verder >

Pagina 1 van 7212345...102030...Minst recente »