Cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in ons privacy statement.
weigeren accepteren

Aansprakelijkheid voor (mogelijk) gevaar zettende voorwerpen op de bodem van het vaarwater

CB 2015-120 Geplaatst op 24 jul 2015 door

HR 10 juli 2015, ECLI:NL:HR:2015:1836

Voor aansprakelijkheid van de eigenaar van een scheepswrak  (of enig ander voorwerp dat terecht komt op de bodem van een vaarwater) jegens de beheerder wegens het niet voldoen aan de op hem rustende verwijderingsplicht (vgl. het arrest Staat/KMT) is in beginsel vereist dat de gevaren aan het niet-verwijderen zo groot zijn dat zij de beheerder redelijkerwijs tot verwijdering noopten. Ook indien verwijdering van het voorwerp niet nodig is of blijkt te zijn, maar het voorwerp (mogelijk) wel een zodanig gevaar voor de scheepvaart vormt dat in verband daarmee redelijkerwijs maatregelen noodzakelijk zijn, bestaat grond voor die aansprakelijkheid. Aan deze aansprakelijkheid staat niet in de weg dat de eigenaar van het voorwerp niet bevoegd is om zelf die maatregelen te treffen. Lees verder >

Nieuwe uitgave Cassatie in burgerlijke zaken verschenen

CB 2015-119 Geplaatst op 23 jul 2015 door

Veegens4Deze maand is de vijfde druk verschenen van Cassatie in burgerlijke zaken, het standaardwerk over de Nederlandse cassatierechtspraak. Lees verder >

Het toepasselijke dwalingsregime in geval van verdeling

CB 2015-118 Geplaatst op 23 jul 2015 door

HR 10 juli 2015, ECLI:NL:HR:2015:1871

(1) De vernietigbaarheid van een verdeling wegens dwaling wordt uitsluitend beheerst door art. 3:196 BW. Dit geldt niet alleen voor de overeenkomst die een verdeling inhoudt, maar ook voor de overeenkomst waarbij de deelgenoten zich tot een bepaalde concreet aangegeven verdeling verplichten (HR 7 april 1995, NJ 1996/499 m.nt. WMK). (2) De in art. 1:87 BW neergelegde regeling voor vergoedingsrechten ter zake van vermogensverschuivingen tussen de privévermogens van echtgenoten bij de verkrijging van een privégoed of de voldoening van een privéschuld, leent zich ook voor toepassing in geval van een vermogensverschuiving bij de verkrijging door echtgenoten van een gemeenschappelijk goed, gefinancierd uit hun privévermogens. Lees verder >

Zonder verzilveringstermijn in een indicatiebesluit kon de rechter een machtiging gesloten jeugdzorg niet toewijzen

CB 2015-117 Geplaatst op 23 jul 2015 door

HR 29 mei 2015, ECLI:NL:HR:2015:1414 ([minderjarige] / Bureau Jeugdzorg en de moeder)

Indien een verzilveringstermijn, d.i. een termijn waarbinnen de zorg moet zijn aangevangen, in het indicatiebesluit ontbreekt, volgt uit art. 29b lid 4 Wjz (oud) in verbinding met art. 5 lid 1, aanhef en onder d, EVRM dat de rechter een verzoek tot het verlenen van een machtiging gesloten jeugdzorg niet kan toewijzen. Hij kan, indien hij dat geraden acht, het Bureau Jeugdzorg in de gelegenheid stellen een nieuw indicatiebesluit over te leggen waarin bedoelde termijn wel is opgenomen. Lees verder >

Schietincident en exhibitieplicht: geen rechtsbetrekking tussen Staat en slachtoffers vereist

CB 2015-116 Geplaatst op 16 jul 2015 door

HR 10 juli 2015, ECLI:NL:HR:2015:1834 (Eisers/Staat)

(1) ’s Hofs oordeel dat het NIFP-rapport, opgesteld naar aanleiding van het Alphense schietincident, niet als strafvorderlijk gegeven in de zin van art. 39f lid 1 Wjsg kan worden aangemerkt, is niet onjuist of onbegrijpelijk. (2) Ook een verbintenis uit de wet kan kwalificeren als rechtsbetrekking in de zin van art. 843a lid 1 Rv. (3) Art. 843a lid 1 Rv vereist niet dat degene tegen wie de exhitibievordering is gericht, partij is bij de rechtsbetrekking in kwestie. Lees verder >

Effectenlease: aanvang verjaring vernietigingsbevoegdheid en toetsing aan Richtlijn oneerlijke bedingen

CB 2015-115 Geplaatst op 16 jul 2015 door

HR 10 juli 2015, ECLI:NL:HR:2015:1866 (Eiser / Dexia)

(1) Voor de aanvang van de verjaring van de vernietigingsbevoegdheid ex art. 1:88 en 1:89 BW is bekendheid met de te vernietigen overeenkomst vereist en niet tevens bekendheid met de bevoegdheid tot vernietiging. (2) Gelet op de vastgestelde en aangevoerde feiten behoorde het hof te onderzoeken of het bestreden contractuele beding oneerlijk is in de zin van de richtlijn betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten (93/13/EG). Lees verder >

Wet Bopz: samenloop machtiging en ISD-maatregel mogelijk

CB 2015-114 Geplaatst op 16 jul 2015 door

HR 10 juli 2015, ECLI:NL:HR:2015:1846

Vrijheidsbeneming op grond van een beslissing van de strafrechter, zoals een ISD-maatregel, sluit niet in alle gevallen een onvrijwillige opname in een psychiatrisch ziekenhuis met toepassing van de Wet Bopz uit. Lees verder >

De bindende kracht van beslissing toezichthouder in geschilprocedure ex art. 51 Elektriciteitswet

CB 2015-113 Geplaatst op 09 jul 2015 door

HR 26 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1750 (Windpark Zeeland I/Delta Netwerkbedrijf)

De beslissing van de toezichthouder in een geschilprocedure in het kader van de Elektriciteitswet 1998 is bindend voor de netbeheerder en strekt tot uitgangspunt in een civiele procedure tussen die netbeheerder en de klager in de geschilprocedure. Gelet op de strekking van de Elektriciteitswet (te weten: rechtsbescherming voor afnemers) komt een onjuiste uitleg van de E-wet, resulterend in een onjuist factuurbedrag voor de aansluitkosten, voor rekening van de netbeheerder. Lees verder >

Formele rechtskracht en toezeggingen in het ruimtelijk bestuursrecht

CB 2015-112 Geplaatst op 09 jul 2015 door

HR 19 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1683 (Eiser/Gemeente Zoeterwoude)

Nu de gemeente had toegezegd een bepaalde bestemming in het bestemmingsplan op te nemen en zij dit niet heeft gedaan, is daarmee sprake van onrechtmatig handelen van de gemeente. De formele rechtskracht van het betreffende bestemmingsplan neemt de onrechtmatigheid van het niet nakomen van die toezegging niet weg. De schade bestaat in een gemiste kans op verwezenlijking van de bouwplannen van eiser. Er is sprake van een causaal verband tussen de onrechtmatigheid en de schade, die zo nodig bij wijze van schatting moet worden vastgesteld. Lees verder >

Schending hoor en wederhoor door weigering akte uitlating producties

CB 2015-111 Geplaatst op 08 jul 2015 door

HR 26 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1751 (Eiser/Provincie Noord-Holland)

De rechtbank heeft het beginsel van hoor en wederhoor (art. 19 Rv) geschonden, door haar oordeel ten nadele van eiser te baseren op stellingen en producties waarover deze zich niet voldoende heeft kunnen uitlaten. Uit het achterwege laten van een verzoek tot het houden van een pleidooi in plaats van of na weigering van een akte houdende uitlating producties, kan niet worden afgeleid dat de betrokken partij afziet van haar recht zich uit te laten over de in het geding gebrachte producties. Lees verder >

Pagina 1 van 9112345...102030...Minst recente »