Selecteer een pagina

Alle berichten met de tag: EVRM art. 8


HR 31 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:570

Als in dit geval voor de toepassing van art. 14 EVRM sprake is van enig onderscheid tussen een minderjarige die ingevolge art. 4 lid 4 Rijkswet op het Nederlanderschap het Nederlanderschap niet van rechtswege heeft verkregen, en anderen, dan bestaat voor dat onderscheid een objectieve rechtvaardiging. (meer…)

HR 9 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2837

De rechter mag onder omstandigheden ambtshalve een uittreksel uit de justitiële documentatie van de schuldenaar bij toelating tot of beëindiging van de schuldsaneringsregeling opvragen en de inhoud ervan bij de wettelijke toelatingsvoorwaarden, weigeringsgronden en beëindigingsgronden van de schuldsaneringsregeling meewegen. Art. 8 lid 2 EVRM verzet zich daar niet tegen, mits voldaan is aan de eisen van proportionaliteit en voorzienbaarheid. Daarbij dient de rechter acht te slaan op het beginsel van hoor en wederhoor. (meer…)

 HR 18 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3627

Voorzichtigheid is geboden bij het inlezen van rechtsopvattingen in EHRM-arresten waarin in een vergelijkbare kwestie een schending van art. 10 EVRM is aangenomen: het kan zijn dat de uitspraken van de nationale rechter in die zaken slechts onvoldoende waren gemotiveerd. (meer…)

HR 28 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:748

’s Hofs beslissing om de moeder te verplichten medewerking te verlenen aan een voorlopige omgangsregeling waarbij vorm, frequentie en duur van de omgang aan het Omgangshuis worden overgelaten, berust op een wettelijke grondslag en is niet in strijd met art. 8 EVRM. (meer…)

HR 4 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:851 (Het Parool c.s./Van P.)

Bij een onrechtmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer in een perspublicatie is de aanspraak op vergoeding van immateriële schade wegens aantasting in de persoon gegeven. (meer…)