Procederen op naam van een niet-bestaande BV en vergoeding van proceskosten

Procederen op naam van een niet-bestaande BV en vergoeding van proceskosten

HR 25 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:1037 (A/Gemeente De Ronde Venen)

Eiser heeft een eerdere procedure tegen de gemeente aanhangig gemaakt op naam van een niet-bestaande BV.  Nadat de BV in de procedure duidelijk heeft gemaakt dat sprake was van een vergissing en dat bedoeld was een andere partij als eiser te laten optreden, heeft de gemeente bezwaar gemaakt tegen rectificatie van de partijaanduiding. Onder deze omstandigheden biedt art. 4 lid 1 Hnw in verbinding met art. 6:162 BW geen grondslag voor de reconventionele vordering van de Gemeente in de onderhavige procedure tot vergoeding van de proceskosten van de eerste procedure. Lees meer…

Belastingplichtige kan niet via civiel kort geding inzage afdwingen in stukken over tipgever ten behoeve van diens verweer in fiscale procedure

Belastingplichtige kan niet via civiel kort geding inzage afdwingen in stukken over tipgever ten behoeve van diens verweer in fiscale procedure

HR 25 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:1042 (X c.s./Staat)

(1) Een vordering in kort geding van belastingplichtigen tot overlegging van ongeschoonde stukken door de Belastingdienst, in het bijzonder wat betreft de identiteit van een tipgever en wat betreft de met deze tipgever gesloten overeenkomst, heeft enerzijds een strekking die verder gaat dan wordt gerechtvaardigd door het belang naar behoren verweer te kunnen voeren in de fiscale procedure, terwijl anderzijds die fiscale procedure met voldoende waarborgen is omkleed. De Belastingdienst is daarom niet gehouden op grond van het equality of arms-beginsel de ongeschoonde stukken over te leggen.
(2) De Belastingdienst is gerechtigd om naast ex art. 52a AWR vastgestelde informatiebeschikkingen een kort-gedingprocedure bij de civiele rechter aanhangig te maken strekkende tot naleving van de informatieverplichtingen van de AWR, op straffe van een dwangsom. Lees meer…

Het Hof van Justitie beantwoordt prejudiciële vragen over de Splitsingswet

Het Hof van Justitie beantwoordt prejudiciële vragen over de Splitsingswet

HvJ EU 22 oktober 2013, C105/12, C106/12, C107/12 (Staat / Essent; Eneco; Delta)

Het privatiseringsverbod valt onder art. 345 VWEU; dat leidt echter niet tot onttrekking aan de toepassing van art. 63 VWEU. De onderliggende doelstellingen die de wetgever met zijn keuze voor de regeling van het eigendomsrecht nastreeft kunnen in aanmerking worden genomen als dwingende vereisten van algemeen belang om de beperking van het vrije kapitaalverkeer te rechtvaardigen. Bij de overige verboden (groepsverbod en verbod op nevenactiviteiten) kunnen de doelstellingen om kruissubsidiëring in ruime zin tegen te gaan als dwingende vereisten van algemeen belang de beperkingen van het vrije kapitaalverkeer als gevolg van de nationale bepalingen die aan de orde zijn in het hoofdgeding rechtvaardigen. Lees meer…

Wet BOPZ – Gedwongen opneming op grond van voorwaardelijke machtiging mogelijk tot vier weken na afloop van de geldigheidsduur

Wet BOPZ – Gedwongen opneming op grond van voorwaardelijke machtiging mogelijk tot vier weken na afloop van de geldigheidsduur

HR 25 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:1040 en  ECLI:NL:HR:2013:1039

De geneesheer-directeur kan een besluit tot opneming in een psychiatrisch ziekenhuis als bedoeld in art. 14d lid 1 Wet Bopz niet alleen nemen gedurende de geldigheidsduur van de voorwaardelijke machtiging, maar ook nog daarna gedurende een termijn van vier weken na afloop van deze geldigheidsduur, mits vóór het verstrijken van de voorwaardelijke machtiging een verzoek is ingediend tot het verlenen van een aansluitende rechterlijke machtiging. Lees meer…

Testamentair bewind over vermogen minderjarige kan het recht op ouderlijk vruchtgenot beïnvloeden

Testamentair bewind over vermogen minderjarige kan het recht op ouderlijk vruchtgenot beïnvloeden

HR 18 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:983

Nu de testamentair bewindvoerder bevoegdelijk heeft bepaald dat de gekweekte rente over het onder bewind gestelde vermogen pas bij meerderjarigheid van de erfgenaam aan deze mag worden uitgekeerd, moet worden aangenomen dat ook de vader, die het ouderlijk vruchtgenot geniet, daarover gedurende het bewind niet kan beschikken. Lees meer…

Bewijslastverdeling bij bevrijdend verweer over afwijking van overeenkomst

Bewijslastverdeling bij bevrijdend verweer over afwijking van overeenkomst

HR 18 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:979 (Farmerhoeve B.V. c.s./Verweerders)

Verweerders betogen dat geen sprake is van kortingen die in strijd met de tussen partijen gesloten overeenkomst verleend zijn, en dat voor zover kortingen zijn verleend dit niet is gebeurd zonder toestemming van de andere contractspartij. Dit betoog is te kwalificeren als een zelfstandig of bevrijdend verweer, wat ingevolge art. 150 Rv meebrengt dat de bewijslast van deze stelling op verweerders rust. Lees meer…

Hondenbelasting niet in strijd met discriminatieverbod

Hondenbelasting niet in strijd met discriminatieverbod

HR (Belastingkamer) 18 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:917 (College B&W gemeente Sittard-Geleen/belanghebbende)

Het heffen van een gemeentelijke hondenbelasting is niet in strijd met het discriminatieverbod. Het onderscheid tussen hondenbezitters en andere personen is volgens de Hoge Raad gerechtvaardigd. Er hoeft geen relatie te zijn tussen de opbrengst van de hondenbelasting en de kosten van het opruimen van hondenpoep. Hondenbelasting is een algemene belasting ten behoeve van de verwerving van overheidsinkomsten.  Lees meer…

Uitleg testament; toekomstige omstandigheden?

Uitleg testament; toekomstige omstandigheden?

HR 11 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:911

Erfstelling broer ter voorkoming van erven ouders in geval van vooroverlijden erflaatster. Later huwelijk van erflaatster. Uitleg in licht van verhoudingen die uiterste wil kennelijk wenst te regelen en omstandigheden waaronder deze is gemaakt (het nog in leven zijn van de ouders, het ongehuwd zijn van erflaatster en het ontbreken van een alternatief). Hof heeft geen toekomstige omstandigheden in aanmerking genomen. Lees meer…

Geen aansprakelijkheid wegens wanprestatie na vernietiging overeenkomst wegens dwaling

Geen aansprakelijkheid wegens wanprestatie na vernietiging overeenkomst wegens dwaling

HR 11 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:CA3765 (Vano/FBS)

De vernietiging van een overeenkomst wegens dwaling treft in beginsel ook de daarin opgenomen garanties, zodat dan geen sprake meer is van een tekortkoming in de nakoming daarvan. De enkele omstandigheid dat een partij – de vernietiging weggedacht – is tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst, rechtvaardigt niet de verwijzing van partijen naar de schadestaatprocedure. Voor schadeplichtigheid jegens de dwalende is een specifieke rechtsgrond vereist. Lees meer…

Rechterlijke belangenafweging omtrent goedkeuring van een door de curator aangegane schikking

Rechterlijke belangenafweging omtrent goedkeuring van een door de curator aangegane schikking

HR 11 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:CA0721 (Verzoekster/Mr. van Voorst q.q.)

(1) Het bepaalde in art. 362 lid 2 Fw staat er niet aan in de weg dat overeenkomstig art. 282a lid 3 jo. 427b Rv een door de curator ingediend verweerschrift niet bij de beslissing wordt betrokken indien het griffierecht niet tijdig is betaald.
(2) Onder de gegeven omstandigheden kon de rechtbank bij het bekrachtigen van de goedkeuring van de door de curator aangegane schikking niet volstaan met een voorlopige inschatting van de slagingskansen van de procedure. Lees meer…

Archief

Cassatieblog.nl