Cassatievlog #026 | Over de uitleg van het begrip ‘hoofdveroordeling’ in de dwangsommenregeling
Hoge Raad 1 juli 2022 (Ritzenhoff c.s. / X B.V.) ECLI:NL:HR:2022:987
In dit vlog bespreekt Ruben de Graaff een arrest van de Hoge Raad over het begrip ‘hoofdveroordeling’ in de dwangsommenregeling. Is daarvan sprake als de rechter de voorwaarde van zekerheidstelling heeft verbonden aan de uitvoerbaarverklaring bij voorraad van zijn vonnis?
Cassatievlog #026 is ook als podcast beschikbaar.
De exhibitieplicht en toetsing van een beroep op zelfrealisatie in het onteigeningsrecht
Cassatieblog HR 1 juli 2022, ECLI:NL:HR:2022:981 (Kennemerland Beheer B.V. / Gemeente Haarlemmermeer)
(i) De aard van de onteigeningsprocedure verzet zich niet tegen een vordering op basis van art. 843a Rv. Er bestaat daarnaast geen plicht voor de onteigenaar om in alle onteigeningszaken het gehele Kroondossier te overleggen.
(ii) Bij een beroep op zelfrealisatie dient de rechtbank de noodzaak tot onteigening marginaal te toetsen. De Hoge Raad houdt vast aan zijn eerder gegeven uitgangspunten Lees meer…
Wvggz: samenhang inhoud klacht en verzoek schadevergoeding; gevolgen voor termijn beroep en omvang rechterlijke beoordeling
HR 8 juli 2022 ECLI:NL:HR:2022:1042
In de verzoekschriftprocedure bij de rechter over een beslissing over een klacht, als bedoeld in art. 10:7 Wvggz, dus nadat de klachtencommissie heeft beslist of niet tijdig een beslissing heeft genomen, liggen in beginsel zowel de klacht als de beoordeling van de schadevergoeding ter beoordeling voor. De rechter is bij de beoordeling van dit verzoekschrift in beginsel niet gebonden aan de beslissing van de klachtencommissie. Lees meer…
Familie- en gezinsleven staat slechts in uitzonderlijke omstandigheden in de weg aan uitlevering
HR 8 juli 2022 ECLI:NL:HR:2022:1044
Uitlevering en art. 8 EVRM: uitgangspunt is dat het belang bij uitlevering voorgaat en dat slechts in uitzonderlijke omstandigheden het recht op respect voor het familie- en gezinsleven aan uitlevering in de weg kan staan; dat laat geen ruimte voor een belangenafweging. Lees meer…
Verpanding van onoverdraagbare vorderingen?
HR 1 juli 2022, ECLI:NL:HR:2022:984
De overdraagbaarheid van vorderingsrechten kan door een beding tussen schuldeiser en schuldenaar worden uitgesloten. Een beding dat de overdraagbaarheid van een vorderingsrecht met goederenrechtelijke werking uitsluit, leidt ook tot onverpandbaarheid van dat vorderingsrecht. Lees meer…
Cassatievlog #025 | Maakt onoverdraagbaar ook onverpandbaar?
Hoge Raad 1 juli 2022 (COÖPERATIEVE RABOBANK U.A. / de vof), ECLI:NL:HR:2022:984
In dit vlog bespreekt Martijn Scheltema of het goederenrechtelijk onoverdraagbaar maken van een vordering ook meebrengt dat die niet kan worden verpand.
Cassatievlog #025 is ook als podcast beschikbaar.
Wachtgeldregeling en transitievergoeding?
HR 3 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:815
Blokkeert het bestaan van een wachtgeldregeling het recht van de werknemer op de wettelijke transitievergoeding? De Hoge Raad legt in deze zaak het overgangsrecht van de Wwz uit. Lees meer…
Aansprakelijkheid van Dexia voor aandelenlease-producten waarbij een tussenpersoon is betrokken
HR 10 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:862
De Hoge Raad geeft in een uitvoerig arrest antwoord op prejudiciële vragen over de rol van een tussenpersoon bij de verkoop van aandelenlease-producten en de gevolgen daarvan voor de vergoedingsplicht van de aanbieder (Dexia). Lees meer…
Recht op hoor en wederhoor in de WETS-procedure
HR 10 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:858
Deze uitspraak draait om de vraag of een veroordeelde in het geval van strafoverdracht vanuit een andere EU-lidstaat naar Nederland, het recht heeft om gehoord te worden over de eventuele aanpassing van de straf die hier verder ten uitvoer wordt gelegd. Lees meer…
Reservering van proceskosten in cassatie
HR 17 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:871 (X / Quooker International B.V.)
Als de verweerder in cassatie heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep, bestaat geen aanleiding de proceskosten van de cassatie te reserveren tot de procedure na verwijzing. Dat is niet anders als de verweerder verder geen (inhoudelijk) verweer heeft gevoerd tegen het cassatieberoep. Die aanleiding kan er wel zijn als de verweerder zich heeft gerefereerd aan het oordeel van de Hoge Raad. Lees meer…