Selecteer een pagina

Dossier: Huwelijksvermogensrecht

Huwelijksvermogensrecht


HR 15 oktober 2021 ECLI:NL:HR:2021:1527

Door een Dozy-clausule wordt een echtgenoot meteen schuldenaar van schulden van de andere echtgenoot die voor de ontbinding van hun huwelijksgemeenschap op het gemeenschappelijke vermogen konden worden verhaald. (meer…)

HR 16 oktober 2020, ECLI:NL:HR:2020:1631

Op grond van art. 1:141 lid 3 BW wordt het bij het einde van het huwelijk aanwezige vermogen vermoed te zijn gevormd uit hetgeen verrekend had moeten worden. Wie stelt dat het gaat om privévermogen, moet dit vermoeden weerleggen. (meer…)

HR 15 mei 2020 ECLI:NL:HR:2020:885

 De omstandigheid dat de Ontvanger bij toepassing van Roemeens huwelijksvermogensrecht wordt bemoeilijkt in de uitoefening van zijn invorderingstaak respectievelijk dat hij zich vervolgens slechts kan verhalen op hetgeen de belastingplichtige bij de verdeling op grond van Roemeens huwelijksvermogensrecht wordt toebedeeld, raakt niet aan fundamentele beginselen van de Nederlandse rechtsorde. (meer…)

HR 27 maart 2020 ECLI:NL:HR:2020:535

Een beperking van de duur van een alimentatieverplichting zonder dat daarom door één van de echtgenoten is verzocht is in strijd met artikel 1:157 lid 3 BW NA. (meer…)

HR 30 augustus 2019     ECLI:NL:HR:2019:1292

Verhouding tussen periodiek verrekenbeding in huwelijkse voorwaarden en een na datum huwelijk onderhands gesloten ‘potovereenkomst’. Oordeel hof dat onderhandse ‘potovereenkomst’ als zodanig geldig is onvoldoende gemotiveerd in het licht van stellingname man in appel. (meer…)

HR 14 juni 2019 ECLI:NL:HR:2019:958

Het slot van de tweede zin van art.1:102 BW (“met dien verstande …”) beperkt niet de toewijsbaarheid van de vordering tegen die echtgenoot, maar slechts de verhaalsmogelijkheden ter zake van die vordering. De rechter is daarom niet gehouden om, ook zonder dat daarom is verzocht, in het dictum die reeds uit de wet voortvloeiende beperking aan de toewijzing van de vordering te verbinden. (meer…)

Cassatieblog.nl