Conclusie P-G 4 september 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1711
Bij de Hoge Raad is een prejudiciële procedure aanhangig over de vraag, of bij de berekening van kinderalimentatie het kindgebonden budget en de daarvan deel uitmakende zgn. alleenstaande-ouderkop in mindering moet worden gebracht op de behoefte van het kind, dan wel in aanmerking moet worden genomen bij de draagkracht van de ouder die het budget ontvangt. Een vraag waarover zowel in de juridische als niet-juridische media veel te doen is geweest. (meer…)