Alle berichten met de tag: BW art. 3:103


HR 30 september 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ8086 en HR 30 september 2011, EC:O:NL:HR:2011:BQ8778

Op 30 september 2011 deed de Civiele Kamer van de Hoge Raad elf uitspraken. Slechts één van deze uitspraken werd gemotiveerd (LJN ECLI:NL:HR:2011:BQ8134, hier besproken op Cassatieblog.nl), de overige tien uitspraken werden verworpen met toepassing van art. 81 RO, dus met verkorte motivering. Op twee daarvan vestig ik hier de aandacht. De hamvraag in beide zaken is: is sprake van ondubbelzinnig bezit dat – vanwege het jarenlang voortduren ervan  – door verkrijgende verjaring tot eigendom heeft geleid? (meer…)