Https://cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Https://cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in onze Privacyverklaring.
weigeren accepteren

Resultaten voor ‘Koen van Vught’

Kribbebijter en gerechtvaardigd vertrouwen. Een Basic Fit?

CB 2018-194 Geplaatst op 06 dec 2018 door

HR 30 november 2018, ECLI:NL:HR:2018:2217

Betrokkene is als bestuurder bevoegd de vennootschap te vertegenwoordigen. Daarom geeft het blijk van een onjuiste rechtsopvatting of is het oordeel van het hof onvoldoende gemotiveerd, als het hof heeft geoordeeld dat betrokkene niet bevoegd was de vennootschap te vertegenwoordigen nu geen sprake was van aan de vennootschap toerekenbare schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid. Als het hof heeft geoordeeld dat betrokkene niet de vennootschap heeft vertegenwoordigd omdat geen schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid is gewekt, miskent dat de Kribbebijter-maatstaf. Lees verder >

Afgeleide schade en formele rechtskracht – een fatale combinatie?

CB 2018-171 Geplaatst op 25 okt 2018 door

HR 12 oktober 2018, ECLI:NL:HR:2018:1899

De regels over afgeleide schade hebben uitsluitend betrekking op het geval waarin onrechtmatig is gehandeld of wanprestatie is gepleegd jegens een vennootschap, en de aandeelhouder vergoeding vordert van de waardevermindering van zijn aandelen of gemiste koerswinst die daarvan het gevolg is. Het is dan aan de vennootschap zelf om schadevergoeding te vorderen. In deze zaak is geen sprake van onrechtmatig handelen jegens de dochtermaatschappij, zodat de holding geen schadevergoeding kan worden ontzegd op de grond dat de dochter terzake geen vordering heeft ingesteld.  Lees verder >

De belanghebbende bij de stichting: nauwe betrokkenheid volstaat

CB 2018-167 Geplaatst op 18 okt 2018 door

HR 12 oktober 2018, ECLI:NL:HR:2018:1900

Zonder nadere motivering valt niet in te zien dat de door het hof in aanmerking genomen omstandigheden onvoldoende zijn om verzoeker bij het beleid van de stichting als belanghebbende in zin van art. 2:298 lid 1 BW, art. 2:299 BW en art. 2:21 lid 4 BW te kunnen aanmerken. Aan de omstandigheid dat  verzoeker geen bestuurder van de stichting is, komt geen beslissende betekenis toe. Evenmin speelt bij de beoordeling van de ontvankelijkheid een rol dat de gevraagde voorzieningen zwaar ingrijpen in de governance van de stichting.  Lees verder >

Overgangsrecht Curaçaose enquêteregeling: vaststelling wanbeleid, aanwijzen verantwoordelijke personen en treffen voorzieningen kunnen betrekking hebben op anterieure feiten

CB 2018-142 Geplaatst op 02 aug 2018 door

HR 6 juli 2018, ECLI:NL:HR:2018:1104 (Aqualectra)

De in 2012 in werking getreden Curaçaose enquêteregeling heeft onmiddellijke werking. Het Gemeenschappelijk Hof kan wanbeleid vaststellen, daarvoor verantwoordelijke personen aanwijzen en voorzieningen treffen óók als die beslissingen berusten op feiten die zich voorafgaande aan de inwerkingtreding hebben voorgedaan. Dit brengt geen terugwerkende kracht mee. Lees verder >