

Europese Octrooi Organisatie kan zich voor de Nederlandse rechter beroepen op immuniteit van jurisdictie
HR 20 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:56 (X/EOO) en ECLI:NL:HR:2017:57 (EOO en Staat/VEOB en SUEPO)
De Europese Octrooi Organisatie (EOO) kan zich beroepen op immuniteit van jurisdictie in een geschil met een werkneemster en een geschil met vakbonden. De alternatieve rechtsgang die voor werknemers van EOO ter beschikking staat – een interne procedure bij de International Labour Organisation Administrative Tribunal (ILOAT) – vormt een toereikend alternatief, zodat het beroep van EOO op haar immuniteit niet disproportioneel is. Lees meer…

Geen doorbreking appelverbod indien cassatieberoep openstaat
HR 27 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:112 (ING/Verweerders)
Tegen een beschikking van de rechter-commissaris op een verzoek tot verdeling van de executieopbrengst (art. 483 Rv) staat geen hoger beroep open (art. 490d Rv), maar wel cassatieberoep (art. 78 lid 1 RO jo. 398 sub 1 Rv). Het door verweerders op grond van de doorbrekingsgronden ingestelde hoger beroep was daarom niet-ontvankelijk. Lees meer…

Wet Bopz: verzoek om contra-expertise ten onrechte afgewezen
HR 27 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:108
De rechter kan niet alleen een onderzoek door een deskundige bevelen over de vraag of bij betrokkene sprake is van een stoornis van de geestesvermogens, maar ook (onder meer) over de vragen of deze stoornis betrokkene gevaar doet veroorzaken en of het gevaar door tussenkomst van personen of instellingen buiten het psychiatrisch ziekenhuis kan worden afgewend (art. 48, lid 1 sub a Wet Bopz). Lees meer…

Per 1 maart 2017 digitaal procederen bij de Hoge Raad
Per 1 maart 2017 wordt in vorderingszaken in cassatie digitaal geprocedeerd. De Hoge Raad loopt voorop met de invoering van verplicht digitaal procederen. Lees meer…

Openbaar pandhouder bevoegd tot aanvraag faillissement panddebiteur
HR 9 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2833
Een houder van een openbaar pandrecht op een vordering kan vanaf het moment dat het pandrecht aan de schuldenaar van de vordering is medegedeeld, worden aangemerkt als schuldeiser in de zin van art. 1 lid 1 Fw. Dit betekent dat de pandhouder bevoegd is het faillissement van de schuldenaar aan te vragen. Lees meer…

HvJEU-maatstaf voor “in het verkeer brengen” bij productaansprakelijkheid geldt ook bij onrechtmatigedaadsactie wegens een gebrekkig product
HR 13 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:32
(i) Volgens vaste rechtspraak moet in het kader van een onrechtmatigedaadsactie (art. 6:162 BW) wegens een gebrekkig product worden onderzocht of de producent een product in het verkeer heeft gebracht dat schade veroorzaakt bij normaal gebruik voor het doel waarvoor het is bestemd (HR 22 september 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA7239, NJ 2000/644).(ii) Ten aanzien van het “in het verkeer brengen” moet – in geval van een onrechtmatigedaadsactie – worden aangesloten bij de maatstaf voor productaansprakelijkheid van HvJEU 9 februari 2006, ECLI:EU:C:2006:93, NJ 2006/401 (O’Byrne/Sanofi), op grond waarvan een product in het verkeer is gebracht wanneer dit product het productieproces heeft verlaten en is opgenomen in het verkoopproces in een vorm waarin het aan het publiek wordt aangeboden voor gebruik of consumptie. Lees meer…

Vaststellingsovereenkomst in strijd met dwingend recht: alleen ter beëindiging van bestaande onzekerheid of geschil
HR 6 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:19 (Blue Taxi/Stichting Sociaal Fonds Taxi)
Een vaststellingsovereenkomst is ook geldig als zij in strijd blijkt met dwingend recht. De vaststelling moet dan wel strekken ter beëindiging van een bestaande onzekerheid of een bestaand geschil. Als partijen met hun vaststellingsovereenkomst het dwingende karakter van dwingend recht willen ondermijnen, kunnen de vaststelling en de vaststellingsovereenkomst ongeldig respectievelijk nietig zijn wegens strijd met de goede zeden of openbare orde. Lees meer…

Causaliteitsmaatstaf bij onrechtmatige bestuursbesluiten
HR 6 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:18 (UWV/verweerder)
In die gevallen waarin het causaal verband tussen een onrechtmatig besluit van een bestuursorgaan en schade niet afhankelijk is van een nieuw besluit van dat bestuursorgaan, dient het bestaan van het causaal verband te worden beoordeeld aan de hand van de maatstaf hoe het bestuursorgaan zou hebben gehandeld of beslist indien het dat onrechtmatige besluit niet zou hebben genomen. Lees meer…

Wet Bopz: onrechtmatige last tot inbewaringstelling staat niet in de weg aan verlening machtiging tot voortzetting van die inbewaringstelling
HR 13 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:33
De rechter die moet beslissen op een verzoek van de officier van justitie om een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling, dient na te gaan of op het moment van zijn beslissing is voldaan aan de vereisten voor het verlenen van de verzochte machtiging. Lees meer…

WWZ: voorwaardelijke ontbinding arbeidsovereenkomst blijft mogelijk
HR 23 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2998 (Stichting Mediant/X)
(1) Ook onder de WWZ kan de werkgever nog steeds een verzoek doen tot voorwaardelijke ontbinding van de arbeidsovereenkomst, voor het geval een gegeven ontslag op staande voet wordt vernietigd. (2) Het is wenselijk dat de rechter het verzoek tot vernietiging van een ontslag op staande voet en het verzoek tot voorwaardelijke ontbinding zoveel mogelijk gelijktijdig behandelt en beslist. (3) In de procedure tot voorwaardelijke ontbinding zijn de wettelijke bewijsregels in beginsel van overeenkomstige toepassing. Lees meer…