Alle berichten met de tag: BW art. 2:355


HR 25 mei 2012, LJN BW0242 (Ageas/VEB c.s.)

Een beschikking waarin een partij door de Ondernemingskamer als belanghebbende wordt aangemerkt in de tweede fase van de enquêteprocedure, is jegens alle partijen een tussenbeschikking. (meer…)

HR 23 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV1056 (e-Traction Worldwide c.s./e-Traction Europe c.s.)

De tweede fase van de enquêteprocedure eindigt met het onherroepelijk worden van de beschikking op het enquêteverzoek, of – als tijdelijke voorzieningen ex art. 2:356 sub c, d en e BW dan nog voortduren – op het moment dat deze voorzieningen eindigen. De getroffen tijdelijke voorzieningen kunnen  blijvende gevolgen hebben. Bezwaren tegen deze voorzieningen of de wijze waarop daaraan invulling is gegeven kunnen slechts worden geuit door het instellen van rechtsmiddelen tegen de beschikking(en) in de enquêteprocedure.  (meer…)