Selecteer een pagina

Alle berichten van: Jellis Jansen


Hoge Raad 10 oktober 2025, ECLI:NL:HR:2025:1544

Dit arrest gaat over de pensioenen van havenwerknemers na de fusie van hun verzekeraar Optas met Aegon. Een Optas-statuut dat winst en reserves uitsluitend voor pensioenvoorzieningen bestemde, verviel door de fusie. Ook werd de instemming van DNB met de fusie achteraf vernietigd. De Hoge Raad oordeelt dat de havenwerknemers onvoldoende hebben toegelicht waarom het vervallen van het statuut hun pensioenaanspraken aantast. Verder heeft de herroeping van het instemmingsbesluit geen gevolgen voor de geldigheid van de fusie. Jellis Jansen bespreekt het arrest in drie minuten.

 

Om deze video te bekijken moeten de marketingcookies worden toegestaan.

Cassatievlog #143 is ook in podcast vorm beschikbaar. Beluister hier de podcast of via uw favoriete podcastkanaal.

Hoge Raad 26 september 2025, ECLI:NL:HR:2025:1386 

Naar aanleiding van prejudiciële vragen van het hof Den Haag oordeelt de Hoge Raad dat werkgevers op grond van art. 7:611a lid 1 en 2 BW zijn gehouden om de Beroepsopleiding Advocatuur kosteloos aan te bieden aan hun advocaat-stagiairs. Deze bepalingen brengen volgens de Hoge Raad ook mee dat werkgevers de advocaten die bij hen in dienst zijn in staat moeten stellen de verplichte opleidingspunten te behalen en dat de kosten daarvan voor rekening van de werkgever komen. Jellis Jansen bespreekt de uitspraak in drie minuten.

 

Om deze video te bekijken moeten de marketingcookies worden toegestaan.

Cassatievlog #142 is ook in podcast vorm beschikbaar. Beluister hier de podcast of via uw favoriete podcastkanaal.

HR 5 september 2025, ECLI:NL:HR:2025:1237

Afhankelijk van de omstandigheden van het geval kan de bancaire zorgplicht meebrengen dat de bank zich ervan vergewist of de ondernemer zich van een mogelijke toekomstige nadelige ontwikkeling bewust is en, indien dit niet het geval blijkt, haar kennis daarover met deze deelt. (meer…)

HR 11 juli 2025, ECLI:NL:HR:2025:1133

In gevallen waarvoor de 50%- of 100%-regel geldt, subrogeert de verzekeraar van de benadeelde, voor zover het gaat om de billijkheidscorrectie, (i) niet in diens rechten wat betreft de 50%- of 100%-regel en (ii) niet integraal wat betreft de ‘gewone’ billijkheidscorrectie, namelijk niet wat betreft de uitkomst van de weging van de relevante omstandigheden. Dat is niet anders wanneer de verzekeraar van de aansprakelijke persoon een vaststellingsovereenkomst met de benadeelde heeft gesloten.  (meer…)

HR 13 juni 2025, ECLI:NL:HR:2025:901 

Op 25 mei 2015 was het tweede pinksterdag en dat is een algemeen erkende feestdag. De respijttermijn zou daarom bij betekening op 20 mei 2015 van het verstek- en het verzetvonnis zijn geëindigd op 26 mei 2015; vanaf 27 mei 2015 zou de voormalige vennoot, indien hij toen nog niet volledig zou hebben nagekomen, dwangsommen hebben verbeurd. Het hof had moeten onderzoeken of de voormalige vennoot, bij betekening op 20 mei 2015, binnen de bij de betekening te vermelden termijn van drie werkdagen (dus op uiterlijk 26 mei 2015) aan de hoofdveroordeling zou hebben voldaan. (meer…)

Cassatieblog.nl