Https://cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Https://cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in ons privacy statement.
weigeren accepteren

Rv art. 1019h

Zuiver processuele werkzaamheden vallen binnen de reikwijdte van de volledige proceskostenvergoeding IE

CB 2018-98 Geplaatst op 07 jun 2018 door

HR 18 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:721 (Becton/B. Braun)

De volledige proceskostenvergoeding in zaken op het gebied van intellectuele-eigendom (art. 1019h Rv) is ook van toepassing op werkzaamheden van zuiver processuele aard, zoals werkzaamheden die uitsluitend betrekking hebben op een ontvankelijkheidsvraag. Lees verder >

Hoge Raad oordeelt over auteursrechtelijke bescherming van voorbereidend materiaal computerprogramma

CB 2018-25 Geplaatst op 25 jan 2018 door

HR 19 januari 2018 ECLI:NL:HR:2018:56  (Diplomatic Card S&B SA / Forax BV)

Niet alle producten die in het ontwikkelingsproces van een computerprogramma worden vervaardigd zijn op basis van de Softwarerichtlijn auteursrechtelijk beschermd. Van bescherming van voorbereidend materiaal is op basis van die richtlijn slechts sprake wanneer dit materiaal tot (reproductie van) het computerprogramma kan leiden.  Lees verder >

Thuiskopieheffing compenseert niet voor schade door illegale downloads

CB 2017-16 Geplaatst op 02 feb 2017 door

HR 20 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:59 (Aci Adam c.s. / Stichting de Thuiskopie c.s.)

De thuiskopieheffing is niet bedoeld om het nadeel te compenseren van kopieën uit illegale bron. Lees verder >

Procedure na prejudiciële uitspraak HvJEU: geen discussie over oordelen HvJEU

CB 2016-127 Geplaatst op 26 jul 2016 door

HR 8 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1431 (Diageo/Simiramida)

Op grond van het Unierecht is uitgangspunt dat de nationale rechter die in een bij hem aanhangig geding een prejudiciële vraag aan het HvJEU heeft gesteld, is gebonden aan de uitspraak van het HvJEU in de prejudiciële procedure. Hieruit volgt dat het de nationale rechter niet vrijstaat om te treden in de juistheid van de oordelen van het HvJEU. Lees verder >

Prejudiciële beslissing over kostenveroordeling bij intrekking (IE-)kort geding

CB 2016-110 Geplaatst op 23 jun 2016 door

Hoge Raad 3 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1087

1. De aanhangigheid van het kort geding komt in beginsel te vervallen door een mededeling van de eiser aan de gedaagde, strekkende tot intrekking van het kort geding, tenzij gedaagde tijdig aan de eiser en de voorzieningenrechter mededeelt dat het geding desondanks doorgang dient te vinden omdat hij een beslissing omtrent de proceskosten verlangt. 2. Art. 1019h Rv is ook in (ingetrokken) kort gedingen in IE-zaken van toepassing. De kosten die gemaakt worden ter vaststelling van de proceskosten van het ingetrokken geding vallen echter niet onder het bereik van dit artikel. 3. Art. 9.1 van het Procesreglement kort gedingen is onverbindend. De Hoge Raad stelt een overgangsmaatregel in voor de periode van drie maanden na datum arrest. Lees verder >

Verwarring bij beschrijvende domeinnaam alleen onder bijzondere omstandigheden onrechtmatig

CB 2015-189 Geplaatst op 18 dec 2015 door

HR 11 december 2015, ECLI:NL:2015:3554 (Artiestenverloningen/ Prae Artiestenverloning)

Het gebruik van een beschrijvende domeinnaam is, ook indien verwarringwekkend, alleen onrechtmatig indien bijkomende omstandigheden dat meebrengen. Lees verder >

Gebruik handelsnaam in logo kan relevant zijn voor verwarringsvraag

CB 2015-180 Geplaatst op 09 dec 2015 door

LR-logoHR 4 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3477 (LMR advocaten/LR advocaten)

1. Bij beantwoording van de vraag of bij het publiek verwarring tussen ondernemingen is te duchten, moeten alle omstandigheden van het geval worden meegewogen. Daarbij mag ook het gestelde handelsnaamgebruik door gebruik van een logo een rol spelen.
2. Ook onder art. 1019h Rv is kostencompensatie mogelijk wanneer partijen over en weer op enkele punten in het ongelijk worden gesteld.
3. Een appellant moet ook in de kosten worden veroordeeld als de bestreden uitspraak, waarin zijn vordering of verzoek geheel is afgewezen, wordt bekrachtigd op andere gronden dan die waarop de eerste rechter de afwijzing heeft gegrond.
4. In een procedure op grond van art. 6 Hnw is art. 1019h Rv van toepassing als het verzoek is gegrond op art. 5 of 5a Hnw. Lees verder >

Overzicht recente prejudiciële vragen

CB 2015-166 Geplaatst op 19 nov 2015 door

De lijst van lopende zaken vermeldt weer zes nieuwe zaken waarin prejudiciële vragen aan de Hoge Raad zijn gesteld. De vragen zien op (1) de geldigheid van een beding dat verhaal van een bestuursrechtelijke boete mogelijk maakt, (2) de aansprakelijkheid voor dieren jegens medebezitters, (3) de proceskostenveroordeling na intrekking van een kort geding in een IE-kwestie, (4) de exhibitieplicht in IE-zaken en (5) de forfaitaire verhuiskostenvergoeding bij renovatie van huurwoningen. Verder (6) komt er een sequeel op de prejudiciële procedure over het telefoonabonnement met “gratis” toestel (vgl. CB 2014-133). Lees verder >

Kwekersrecht; maatstaf toewijzing exhibitievordering en criterium 'te koop aanbieden'

CB 2015-164 Geplaatst op 19 nov 2015 door

HR 13 november 2015, ECLI:NL:HR:2015:3304 (AIB / Novisem)

(1) Gelet op de strekking van art. 6 Handhavingsrichtlijn is aan het vereiste van het bestaan van een rechtsbetrekking als bedoeld in art. 1019a Rv jo. art. 843a Rv niet reeds voldaan indien (dreigende) inbreuk op een recht van intellectuele eigendom is gesteld. Degene die exhibitie vordert dient zodanig feiten en omstandigheden te stellen én met reeds voorhanden bewijsmateriaal te onderbouwen, dat voldoende aannemelijk is dat een inbreuk is of dreigt te worden gemaakt.

(2) Van ‘te koop aanbieden’ in de zin van art. 57 jo. art. 1, aanhef en onder g Zaaizaad- en plantgoedwet (ZPW) is ook sprake indien het aanbod plaatsvindt onder het voorbehoud dat levering, in verband met nog geldende kwekersrechten, nog niet mogelijk is. Lees verder >

Cassatieberoep in vierde Stokke-zaak verworpen als te feitelijk

CB 2015-79 Geplaatst op 06 mei 2015 door

HR 1 mei 2015, ECLI:NL:HR:2015:1200 (Stokke/Hauck II)

De beoordeling van de auteursrechtelijke beschermingsomvang van een werk en van de vraag of daarop door een ander werk inbreuk wordt gemaakt, is in hoge mate feitelijk van aard en daardoor slechts in (zeer) beperkte mate vatbaar voor toetsing in cassatie. Lees verder >

Pagina 1 van 3123