Alle berichten met de tag: Rv art. 31


HR 19 april 2019 ECLI:NL:HR:2019:579 en ECLI:NL:HR:2019:580   

1) Onverenigbaarheid dictum en overweging, geen herstel mogelijk
2) Dwangsom bij bevel zich te onthouden van verrekening c.a.

Bevel zich te onthouden van iedere vorm van opschorting of verrekening totdat in de bodemprocedure over het bestaan van een vordering is beslist, is geen veroordeling tot betaling van een geldsom. Aan het bevel kan daarom een dwangsom worden verbonden. (meer…)

HR 4 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3476

Buiten het toepassingsbereik van de art. 31 en 32 Rv kan de rechter niet zelf de rechtskracht van zijn uitspraak aantasten, ook niet met instemming van partijen. Het gesloten stelsel van rechtsmiddelen brengt mee dat die aantasting is voorbehouden aan de hogere rechter, aan wie door aanwending van een rechtsmiddel kan worden gevraagd een uitspraak uit de vorige instantie te vernietigen. (meer…)

Gebroken-hart-2HR 28 november 2014, ECLI:NL:HR:2014:3462

De vraag, naar welke methode te verrekenen vermogensbestanddelen van ex-echtgenoten moeten worden gewaardeerd, hangt af van de omstandigheden van het geval, ook indien de waardering betrekking heeft op tot de onderneming van één der ex-echtgenoten behorende onroerende zaken. Daarbij mag de rechter acht slaan op de omstandigheid, dat de onderneming wordt voortgezet na de peildatum, alsmede aan het door partijen terzake de waardering gevoerde partijdebat. (meer…)

HR 4 oktober 2013, ECLI:NL:2013:847

(1) Het in art. 1:247 BW neergelegde uitgangspunt van gelijkwaardigheid van de beide ouders en de wenselijkheid van een in beginsel gelijke verdeling van zorg- en opvoedingstaken verzet zich niet tegen een door de rechter, op de voet van art. 1:253a BW, in het belang van de minderjarige te geven vervangende toestemming voor een verhuizing van de minderjarige naar het buitenland met de ouder bij wie de minderjarige zijn hoofdverblijfplaats heeft.
(2) Voor verbetering van een kennelijke fout op de voet van art. 31 Rv is vereist dat voor partijen en derden direct duidelijk is dat van een vergissing sprake is. (meer…)

HR 28 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:39 (X/Mazars Bewind B.V. en Executele en Viaduin Adviezen B.V.)

Zowel naar oud als nieuw erfrecht is de executeur-testamentair, voor zover de erflater niet anders heeft beschikt, (uitsluitend) belast met het beheer van de nalatenschap. Dat gold ook voor de onder het oude recht voorkomende figuur van de boedelberedderaar. Na het eindigen van zijn taak zal de executeur ook het beheer van de nalatenschap moeten beëindigen. Verhouding art. 399 Rv en art. 31/32 Rv. HR komt terug van zijn uitspraak van 18 juni 2010, NJ 2010/389. (meer…)