Selecteer een pagina

Alle berichten met de tag: BW art. 7:625


HR 13 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:239

De Hoge Raad beantwoordt prejudiciële vragen over de wettelijke rente en de wettelijke verhoging als bedoeld in art. 7:625 BW in geval van niet-tijdige voldoening van loon dat op grond van art. 40 lid 2 Fw als boedelschuld moet worden aangemerkt.

Ook de wettelijke rente en de wettelijke verhoging over het hiervoor bedoelde loon zijn op hun beurt aan te merken als (concurrente respectievelijk preferente) boedelschuld. Niet van belang is of de werknemer ter zake van dat loon ook jegens het UWV recht heeft op een uitkering op grond van de loongarantieregeling. Een behoorlijke taakuitoefening door de curator kan meebrengen dat hij werknemers attendeert op deze aanspraken jegens de boedel. (meer…)

HR 19 maart 2021, ECLI:NL:HR:2021:413

Kan toewijzing van een vordering van een werknemersorganisatie (zoals FNV) jegens een werknemer tot nakoming van cao-verplichtingen alleen betrekking hebben op werknemers die daarop aanspraak kunnen en willen maken? De Hoge Raad beantwoordt deze vraag in dit arrest. (meer…)

HR 13 februari 2015, ECLI:NL:HR:2015:304 (Eiser/Datawell B.V.)

De matigingsbevoegdheid van art. 7:625 BW staat niet eraan in de weg dat een werknemer in een afzonderlijke procedure wettelijke rente vordert over de in een eerdere procedure toegewezen wettelijke verhoging van het (achterstallige) loon. Deze afzonderlijke vordering kan, afhankelijk van de omstandigheden, stranden op misbruik van procesrecht, afstand van recht of rechtsverwerking. (meer…)

Cassatieblog.nl