Https://cassatieblog.nl maakt gebruik van cookies voor webanalyse en social media sharing. Google Analytics analyseert met behulp van cookies hoe de website wordt gebruikt. Daarnaast toont Https://cassatieblog.nl knoppen om informatie te delen op sociale media. Deze knoppen worden enkel weergegeven als u toestemming geeft cookies te plaatsen op uw computer. Meer informatie vindt u in ons Privacyverklaring.
weigeren accepteren

transitievergoeding

Maatstaf beoordeling opvolgend werkgeverschap bij werkgeverswisseling vóór 1 juli 2015

CB 2018-165 Geplaatst op 16 okt 2018 door

HR 12 oktober 2018 ECLI:NL:HR:2018:1909

Werkgeverswisselingen die hebben plaatsgevonden vóór 1 juli 2015 moeten in het kader van transitievergoeding (ook) worden beoordeeld aan de hand van de (Van Tuinen/Wolters-)maatstaf die tot 1 juli 2015 gold voor het aannemen van opvolgend werkgeverschap in de zin van art. 7:668a lid 2 (oud) BW (de ketenregeling). De Hoge Raad bevestigt met dit oordeel zijn eerdere rechtspraak.  Lees verder >

De verplichting uit art. 7:686a lid 6 BW geldt niet als de rechter alleen transitievergoeding toekent aan de werknemer

CB 2018-161 Geplaatst op 11 okt 2018 door

HR 28 september 2018 ECLI:NL:HR:2018:1812

De verplichting voor de rechter om degene die ontbinding verzoekt gelegenheid te geven tot intrekking van het ontbindingsverzoek (art. 7:686a lid 6 BW) geldt uitsluitend indien een van de in art. 7:671b BW en art. 7:671c BW bedoelde vergoedingen wordt toegekend aan de verwerende partij. Die verplichting geldt derhalve niet in het geval waarin de rechter de werkgever niet veroordeelt tot betaling van een billijke vergoeding, maar wel tot betaling van de transitievergoeding. Het is de rechter in een dergelijk geval echter wel toegestaan de verzoeker de gelegenheid te geven zijn verzoek in te trekken, wat de rechter bijvoorbeeld kan doen door het geven van een voorwaardelijke beslissing waarbij de voorwaarde inhoudt dat het ontbindingsverzoek niet voor een bepaalde datum wordt ingetrokken. De rechter mag de voorwaardelijke beslissing echter niet ambtshalve geven, maar slechts indien deze beslissing is gevorderd of verzocht, dan wel in de vordering of het verzoek besloten ligt. Lees verder >

Werknemer maakt ook aanspraak op gedeeltelijke transitievergoeding bij substantiële en structurele vermindering van het aantal arbeidsuren

CB 2018-144 Geplaatst op 20 sep 2018 door

HR 14 september 2018, ECLI:NL:HR:2018:1617

In een voor de arbeidsrecht- en HR-praktijk zeer relevante uitspraak heeft de Hoge Raad op 14 september 2018 geoordeeld dat een werknemer van wie het aantal arbeidsuren substantieel en structureel wordt verminderd, aanspraak maakt op een gedeeltelijke transitievergoeding, berekend over het aantal uren waarmee de arbeidsduur wordt verminderd. Denk hierbij aan vermindering van het aantal uren als gevolg van bedrijfseconomische redenen of vanwege langdurige gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid (langer dan 104 weken). Lees verder >

Wettelijke uitsluiting transitievergoeding AOW-gerechtigde werknemer levert geen verboden onderscheid naar leeftijd op

CB 2018-113 Geplaatst op 28 jun 2018 door

HR 20 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:651

De uitsluiting van een transitievergoeding voor werknemers die de AOW-leeftijd hebben bereikt (art. 7:673 lid 7, aanhef en onder b, BW), is niet in strijd met Richtlijn 2000/78/EG. De uitsluiting maakt (weliswaar) direct onderscheid op grond van leeftijd, maar van een verboden onderscheid is geen sprake. Met de doelstelling van de wetgever om met de invoering van de Wwz het ontslagrecht eenvoudiger, sneller en minder kostbaar te maken, verdraagt zich niet dat in individuele gevallen moet worden getoetst of er toch een recht op een transitievergoeding bestaat. Lees verder >

Mededeling aan partijen vereist voor enkelvoudige behandeling in meervoudig te beslissen appelzaak; transitievergoeding ook mogelijk bij ontslag op staande voet

CB 2018-59 Geplaatst op 05 apr 2018 door

HR 30 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:484

(i) de Hoge Raad bevestigt eerdere rechtspraak, waarin is geoordeeld dat aan partijen in een meervoudige appelzaak uiterlijk bij de oproeping moet worden meegedeeld dat de mondelinge behandeling zal worden gehouden ten overstaan van een raadsheer-commissaris, en dat partijen de gelegenheid moet worden gegeven te verzoeken om een meervoudige behandeling (HR 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3259 en en ECLI:NL:HR:2017:3264, zie CB 2018:13).
(ii) ook bij ontslag op staande voet kan recht bestaan op een transitievergoeding, zodat de rechter moet beoordelen of sprake is van ernstige verwijtbaar handelen aan de zijde van de werknemer. Lees verder >

Uitleg schriftelijke verklaring werkgever over einde dienstverband en overgangsrecht bij opvolgend werkgeverschap

CB 2017-201 Geplaatst op 05 dec 2017 door

HR 17 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:2905

(i) bij de vraag of een werknemer de mededeling van zijn werkgever redelijkerwijs mag opvatten als een beëindiging van de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd (in plaats van een aanzegging als bedoeld in art. 7:668 lid 1 BW), zijn alle omstandigheden van het geval van belang. Indien de mededeling van de werkgever niet eenduidig is, doordat aan zijn zijde sprake is van een misvatting over de vraag of het een arbeidsovereenkomst voor bepaalde- of onbepaalde tijd betreft, mag dit niet zonder meer ten nadele van de werknemer werken. Lees verder >

Overzicht recente prejudiciële vragen aan de Hoge Raad

CB 2017-156 Geplaatst op 31 aug 2017 door

Het overzicht van lopende prejudiciële vraag-procedures vermeldt weer een aantal nieuwe civiele zaken waarin op grond van art. 392 Rv prejudiciële vragen aan de Hoge Raad zijn gesteld. De vragen zien op (1) erkenning kind in Sint-Maarten, (2) aanvullende vragen over verschuldigdheid van dividendbelasting door buitenlandse beleggingsinstellingen, (3) het afsluiten van een WAM-verzekering motorrijtuig nadat daarmee een ongeval heeft plaats gevonden, (4) vordering van de Ontvanger in faillissement  ingeval van oneigenlijke lossing met betrekking tot rentekas-btw en (5) of art. 7:673 lid 7 aanhef en onder b BW in strijd is met Richtlijn 2000/78 EG. Lees verder >

Hoogte van de billijke vergoeding: eindelijk richtlijnen?

CB 2017-131 Geplaatst op 11 jul 2017 door

HR 30 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1187

Al sinds de invoering van de Wet werk en zekerheid houdt de billijke vergoeding de gemoederen bezig. De afgelopen twee jaar is nader uitgekristalliseerd welke situaties aanleiding geven voor toekenning van een billijke vergoeding en is ook de aanvankelijke onduidelijkheid tussen de billijke vergoedingen die op diverse plaatsen in de wet zijn verankerd opgehelderd. In alle situaties blijft echter de hamvraag: hoe hoog dient de billijke vergoeding te zijn? De jurisprudentie schiet nog alle kanten op. Zowel wat betreft de hoogte van de vergoedingen als wat betreft de motivering. Op 30 juni 2017 heeft de Hoge Raad zich nader over de billijke vergoeding uitgelaten. Krijgt de praktijk eindelijk handvatten voor de vaststelling van de billijke vergoeding? Lees verder >