Een in het buitenland vernietigd arbitraal vonnis wordt slechts in bijzondere gevallen toch erkend
HR 24 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:2992 (verzoeker/NLMK)
De erkenning of tenuitvoerlegging van een buitenlands arbitraal vonnis kan op grond van art. V lid 1 van het Verdrag van New York slechts op bepaalde gronden worden geweigerd. Een van deze gronden voor weigering is dat het vonnis is vernietigd door een bevoegde autoriteit van het land waar of krachtens welk recht de uitspraak werd gewezen. De Hoge Raad oordeelt dat de rechter een arbitraal vonnis ondanks de vernietiging daarvan in bijzondere gevallen toch kan erkennen. Zo’n bijzonder geval deed zich in deze zaak niet voor. (meer…)
Tijdens surseance van betaling vervallen rente komt in aanmerking voor verificatie in opvolgend faillissement
HR 24 november 2017 ECLI:NL:HR:2017:2991
Beantwoording prejudiciële vraag. Indien de faillietverklaring wordt uitgesproken ingevolge een van de bepalingen van Titel II van de Faillissementswet of binnen een maand na het einde van de surseance, komt een vordering ter zake van rente die vanaf de datum van de surseance tot aan de datum van die faillietverklaring is vervallen over een vordering waarvoor de surseance werkt, in aanmerking voor verificatie in dat faillissement. (meer…)
Uitleg schriftelijke verklaring werkgever over einde dienstverband en overgangsrecht bij opvolgend werkgeverschap
HR 17 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:2905
(i) bij de vraag of een werknemer de mededeling van zijn werkgever redelijkerwijs mag opvatten als een beëindiging van de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd (in plaats van een aanzegging als bedoeld in art. 7:668 lid 1 BW), zijn alle omstandigheden van het geval van belang. Indien de mededeling van de werkgever niet eenduidig is, doordat aan zijn zijde sprake is van een misvatting over de vraag of het een arbeidsovereenkomst voor bepaalde- of onbepaalde tijd betreft, mag dit niet zonder meer ten nadele van de werknemer werken. (meer…)
Recente berichten
- Proces-verbaal van schikking met boetebeding vormt géén executoriale titel
- Wanneer is sprake van een kennelijke fout
- Peildatum bij ruilverkaveling
- Aan een grief te stellen eisen
- Stuiting van verjaring en ontbinding
- Verpandbaarheid van coronasteunvorderingen
- Cassatievlog #151 | Kunnen coronasteunvorderingen worden verpand?
- Merkenrecht: verhouding tussen de b-grond en de c-grond
Dossiers
- Aanbestedingsrecht (13)
- Aansprakelijkheid en schadevergoeding (333)
- Arbeidsrecht (245)
- Bestuursrecht (1)
- Bijzondere overeenkomsten (47)
- Caribisch recht (Aruba, Curaçao en Sint Maarten, BES) (71)
- Erfrecht (43)
- Europees recht (89)
- Financieel recht (55)
- Goederenrecht (96)
- Grondrechten en mensenrechten (63)
- Hoge Raad Algemeen (62)
- Huurrecht (83)
- Huwelijksvermogensrecht (69)
- Insolventierecht (205)
- Intellectuele-eigendomsrecht (118)
- Internationaal privaatrecht (85)
- Internationaal publiekrecht (25)
- Kooprecht (15)
- Mededingingsrecht (21)
- Omgevingsrecht (1)
- Ondernemingsrecht (104)
- Onteigeningsrecht (72)
- Overheidsrecht (181)
- Pensioenrecht (26)
- Personen- en familierecht (217)
- Prejudiciële uitspraken HvJEU (28)
- Prejudiciële vragen Hoge Raad (149)
- Privacy -AVG (4)
- Proces- en beslagrecht (880)
- Strafrecht (10)
- Verbintenissenrecht (313)
- Vermogensrecht algemeen (91)
- Vervoersrecht (28)
- Verzekeringsrecht (82)
- Wetgeving cassatierechtspraak (14)
- Wvggz – Wzd (Wet Bopz oud) (129)