

Hoge Raad vernietigt arresten van het hof in Yukos-zaak
HR 5 november 2021, ECLI:NL:HR:2021:1645
De Hoge Raad heeft de arresten van het Hof Den Haag in de zaak tussen Yukos en de Russische Federatie vernietigd. Het hof had miskend dat stellingen over gepleegd bedrog in de arbitrage niet alleen naar voren kunnen worden gebracht in een herroepingsprocedure, maar ook in een vernietigingsprocedure zoals de onderhavige.

Prejudiciële vragen: slotuitdelingslijst ook vereist voor afwikkeling schuldsaneringsboedel met weinig actief
HR 24 september 2021, ECLI:NL:HR:2021:1353
Van de wettelijke regeling voor het beëindigen van de toepassing van de schuldsaneringsregeling mag niet worden afgeweken als het boedelactief een beperkte omvang heeft. Ook dan moet een verificatievergadering plaatsvinden en een slotuitdelingslijst worden opgemaakt. Lees meer…

Kan een bank verplicht zijn om een bedrijf een betaalrekening aan te bieden?
HR 5 november 2021, ECLI:NL:HR:2021:1652
Op banken kan op grond van hun maatschappelijke positie ook ten aanzien van niet-consumenten de verplichting kan rusten een betaalrekening aan te bieden. Daarbij weegt zwaar dat het zonder betaalrekening vrijwel onmogelijk is om deel te nemen aan het maatschappelijk verkeer en om een bedrijf te exploiteren. Lees meer…

Wie kunnen vernietiging van gegevens uit het dossier van een jeugdhulpverleningsinstelling verzoeken?
HR 16 juli 2021, ECLI:NL:HR:2021:1169
De ene ouder kan aan art. 7.3.9 lid 1 Jeugdwet niet de bevoegdheid ontlenen om te verzoeken om vernietiging van gegevens uit het dossier over jeugdhulp aan de andere ouder. Slechts de ouder ten aanzien van wie de jeugdhulpverlener een dossier heeft ingericht, kan op grond van dit artikel verzoeken om gegevens uit dat dossier te vernietigen. Dit laat onverlet dat de andere ouder mogelijk wel op grond van de algemene privacywetgeving (thans de AVG) een dergelijke vernietiging kan verlangen. Lees meer…

Welke partij moet als geldnemer worden aangemerkt?
HR 29 oktober 2021, ECLI:NL:HR:2021:1615
Het oordeel van het hof dat Solidiam niet als geldnemer moet worden aangemerkt, kan niet in stand blijven. Lees meer…

Groninger aardbevingsschade: schadevergoeding voor bewoners
HR 15 oktober 2021, ECLI:NL:HR:2021:1534
De Hoge Raad laat een oordeel van het hof in stand, waarin het hof schadevergoeding had toegewezen aan een groep bewoners van huizen met aardbevingsschade door de gaswinning in Groningen. Het hof besliste dat een bewoner van een huis waaraan fysieke schade is ontstaan die is veroorzaakt of verergerd door aardbevingen in Groningen recht heeft op schadevergoeding wegens gederfd woongenot, omdat in dat geval het niveau is bereikt waarop de door NAM veroorzaakte hinder en overlast onrechtmatig is. Dit ongeacht de uiteenlopende omvang van fysieke schade aan de woningen. Een bewoner van een huis dat ten minste tweemaal fysieke schade heeft opgelopen heeft daarnaast recht op vergoeding van immateriële schade van minstens EUR 2.500 per bewoner. Lees meer…

Dozy-clausule maakt andere echtgenoot schuldenaar
HR 15 oktober 2021 ECLI:NL:HR:2021:1527
Door een Dozy-clausule wordt een echtgenoot meteen schuldenaar van schulden van de andere echtgenoot die voor de ontbinding van hun huwelijksgemeenschap op het gemeenschappelijke vermogen konden worden verhaald. Lees meer…

Het hof past ten onrechte de dominant cause-leer toe, maar de Hoge Raad wijst de vordering alsnog zelf af
HR 15 oktober 2021, ECLI:NL:HR:2021:1523
Van welke causaliteitsmaatstaf moet worden uitgegaan om te bepalen of het in een verzekeringsovereenkomst verlangde causale verband aanwezig is, hangt in de eerste plaats af van wat partijen daaromtrent zijn overeengekomen. Als de overeenkomst niet inhoudt van welke causaliteitsmaatstaf moet worden uitgegaan, is de rechter niet gehouden de aanwezigheid van dat causale verband in beginsel aan de hand van de leer van de dominant cause te onderzoeken. Het hof heeft dit miskend, althans zijn oordeel onvoldoende gemotiveerd. De Hoge Raad legt de verzekeringsovereenkomst echter alsnog zelf in het nadeel van eisers uit. Lees meer…

De AMvB Reële prijs Wmo 2015 is niet slechts van toepassing als de gemeente zorg of hulp inkoopt via een aanbestedingsprocedure
HR 8 oktober 2021, ECLI:NL:HR:2021:1452
De aanleiding voor de AMvB Reële prijs Wmo 2015 is gelegen in het tegengaan van een zodanige daling van de tarieven voor huishoudelijke verzorging of hulp dat de kwaliteit en continuïteit van die zorg en hulp in het gedrag komen. Dat belang geldt zowel bij inkoop door gemeenten via een aanbestedingsprocedure als bedoeld in de Aanbestedingswet 2012, waarbij de opdracht wordt gegund op grond van de economisch meest voordelige inschrijving (art. 2.6.4 lid 2 Wmo 2015), als bij inkoop via een toelatingsprocedure als de onderhavige open house-procedure, waarbij wordt gecontracteerd met alle inschrijvers die aan de gestelde criteria voldoen. Lees meer…

Kan een beroep op de klachtplicht worden gedaan als er geen prestatie is verricht?
HR 15 oktober 2021, ECLI:NL:HR:2021:1536
Art. 6:89 BW is niet van toepassing op een nalaten om de overeengekomen prestatie te verrichten. Art. 6:89 BW strekt namelijk ertoe de schuldenaar die een prestatie heeft verricht te beschermen, omdat hij erop moet kunnen rekenen dat de schuldeiser met bekwame spoed onderzoekt of de prestatie aan de verbintenis beantwoordt en, indien dit niet het geval blijkt te zijn, dit eveneens met spoed aan de schuldenaar meedeelt. Lees meer…