Alle berichten met de tag: BW art. 7:681


HR 22 maart 2019, ECLI:NL:HR:2019:404

(i) Het hof heeft de werkneemster ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek om transitievergoeding en billijke vergoeding.
(ii) Indien in een procedure een verzoek voorwaardelijk wordt gedaan, betekent dit dat de rechter het verzoek niet behoeft te behandelen indien niet is voldaan aan de voorwaarde waaronder het verzoek is gedaan. Als in de loop van de procedure blijkt dat niet wordt voldaan aan de voorwaarde waaronder het verzoek is ingesteld, heeft dit niet tot gevolg dat het verzoek achteraf gezien nooit is gedaan.

(meer…)

HR 8 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:878 (verzoekster / Stichting Zinzia Zorggroep)

De gezichtspunten van de New Hairstyle-beschikking voor het bepalen van de billijke vergoeding van art. 7:681 lid 1, aanhef en onder a, BW zijn ook van toepassing voor een geval als het onderhavige, waarin de billijke vergoeding is gegrond op art. 7:671c lid 2, aanhef en onder b, BW. Ook daarbij gaat het uiteindelijk erom dat de werknemer wordt gecompenseerd voor het ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever.  (meer…)

HR 10 februari 2012, LJN ECLI:NL:HR:2012:BU5620 (X/Universeel Autoschadeherstelbedrijf B.V.)

Bij een vordering wegens kennelijk onredelijk ontslag die erop is gebaseerd dat de werknemer als gevolg van de werkzaamheden arbeidsongeschikt is geworden, rusten stelplicht en bewijslast van het causaal verband tussen de werkzaamheden en de arbeidsongeschiktheid op de werknemer. Het hof heeft in dit geval te hoge eisen aan deze stelplicht gesteld. (meer…)