Dossier: Verzekeringsrecht


HR 21 september 2012, LJN BW6728

Er is geen grond om bij de uitleg van de begunstiging (gedaan in de schriftelijke mededeling bedoeld in art. 7:966 lid 1 BW) uitsluitend te letten op hetgeen de verzekeringnemer en de verzekeraar over en weer hebben verklaard en over en weer uit elkaars verklaringen en gedragingen hebben mogen begrijpen. Ook verklaringen en gedragingen van de verzekeringnemer buiten deze context kunnen voor die uitleg relevant zijn. (meer…)

HR 30 maart 2012, LJN BV1295 (Onderlinge Levensverzekering Maatschappij/Nationale-Nederlanden)

Een redelijke uitleg van een AVB-polis die mede de aansprakelijkheid van een verzekerde als werkgever tegenover zijn ondergeschikten dekt voor letselschade van werknemers die in deelnemen aan het wegverkeer, brengt in beginsel mee dat deze polis tevens dekking verleent tegen een (op art. 7:611 BW gebaseerde) aansprakelijkheid van de werkgever op de grond dat hij heeft verzuimd tegen dat risico een behoorlijke verzekering te sluiten voor zijn werknemers. De functie die een AVB-polis in het maatschappelijk verkeer vervult en de daarop gebaseerde verwachtingen van verzekerden, rechtvaardigen een ruime dekkingsomvang, ook als de gedekte schade in de polisvoorwaarden is omschreven als “schade aan personen en schade aan zaken”. (meer…)

HR 10 juni 2011, LJN ECLI:NL:HR:BQ0700

Aanspraken uit een aanvullende zorgverzekering vervallen van rechtswege indien de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) een gelijkwaardige zorgaanspraak geeft (art. 65 lid 1 AWBZ). Daarvan is pas sprake indien het gaat om een specifieke vorm van zorg die tevens onderwerp is van een door de AWBZ-gedekte aanspraak. (meer…)