Schorsing procedure na schorsing advocaat

Schorsing procedure na schorsing advocaat

HR 9 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BT2915

Schorsing van de door een partij gestelde advocaat (hetzij op grond van een disciplinaire maatregel, hetzij op een andere wettelijke grond zoals faillissement) valt onder “verlies van de hoedanigheid van advocaat” als bedoeld in art. 226 Rv, en leidt dus ertoe dat het geding van rechtswege wordt geschorst. De Hoge Raad geeft enkele praktische aanwijzingen hoe de rechter in dat geval dient te handelen. Lees meer…

Gewone motiveringseisen bij afwijken van deskundigenadvies

Gewone motiveringseisen bij afwijken van deskundigenadvies

HR 9 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BT2921 (X en Y / Stichting Flevoziekenhuis)

Kinderarts heeft niet gehandeld in strijd met wat van een redelijk bekwaam en redelijk handelend kinderarts mocht worden verwacht, door in de gegeven omstandigheden geen controle uit te voeren naar de effectiviteit van het bij een pasgeborene ingezette glucosebeleid (het toedienen van extra glucose). Indien de rechter afwijkt van de zienswijze van de door hem benoemde deskundige gelden in beginsel de gewone motiveringseisen. Lees meer…

Showroommodellen zijn geen bodemzaken

Showroommodellen zijn geen bodemzaken

HR 9 december 2011,ECLI:NL:HR:2011:BT2700

De in een winkel tentoongestelde showroommodellen kunnen niet worden aangemerkt als “zaken tot stoffering van een huis of landhoef” als bedoeld in art. 22 lid 3 Invorderingswet 1990, zodat de belastingdienst geen voorrang heeft boven een stille pandhouder bij het verhaal op de opbrengst van deze showroommodellen na een faillissement. Lees meer…

Particuliere verkoper woonhuis komt beroep toe op schriftelijkheidsvereiste

Particuliere verkoper woonhuis komt beroep toe op schriftelijkheidsvereiste

HR 9 december 2011, ECLI:NL:HR:2012:BU7412

Als mondeling overeenstemming is bereikt over de verkoop van een woonhuis aan een particuliere koper, en de verkoper weigert mee te werken aan opmaken en ondertekenen van de koopakte, dan mag (ook) de verkoper, mits hij een particulier is, zich erop beroepen dat aan de mondelinge overeenstemming geen rechtsgevolg toekomt. Lees meer…

De Nederlandse rechter is niet bevoegd als het “ontvoerde” kind zich buiten Nederland bevindt

De Nederlandse rechter is niet bevoegd als het “ontvoerde” kind zich buiten Nederland bevindt

HR 9 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BU2834

Als een kind beweerdelijk ongeoorloofd is overgebracht vanuit een verdragsluitende staat waar het zijn gewone verblijfplaats heeft naar een andere verdragsluitende staat, of in die andere staat wordt vastgehouden, kan een verzoek tot teruggeleiding, gebaseerd op het Haags Kinderontvoeringsverdrag (HKOV), slechts worden ingediend bij de rechter van de staat waar het kind zich bevindt. Lees meer…

Niet steeds schijn van volmachtverlening bij onbevoegde vertegenwoordiging door notaris

Niet steeds schijn van volmachtverlening bij onbevoegde vertegenwoordiging door notaris

HR 2 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BT7490 (Erven X/Y en Z) 

Aan het optreden van een notaris namens zijn opdrachtgever kan niet reeds in het algemeen het gerechtvaardigd vertrouwen worden ontleend dat een toereikende volmacht was verleend; naast het geval dat de schijn van toereikende vertegenwoordigingsbevoegdheid stoelt op verklaringen of gedragingen van de opdrachtgever, gaat het erom of in de gegeven omstandigheden het optreden van de notaris voor risico van de onbevoegd vertegenwoordigde opdrachtgever komt en daaruit naar verkeersopvattingen de schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid kan worden afgeleid. Lees meer…

Ontstaan, opeisbaarheid en aanvang verjaring vordering tot nakoming verrekenplicht art. 1:141 lid 1 BW

Ontstaan, opeisbaarheid en aanvang verjaring vordering tot nakoming verrekenplicht art. 1:141 lid 1 BW

HR 2 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BU6591

Vordering uit omzetting niet uitgevoerd periodiek verrekenbeding in finaal verrekenbeding ex art. 1:141 BW ontstaat in beginsel op tijdstip van indiening verzoek tot echtscheiding en is vanaf dat moment opeisbaar in zin van art. 6:81 BW. Als huwelijkse voorwaarden een termijn bevatten voor nakoming van de periodieke verrekenplicht, treedt het verzuim terzake niet nakoming van de vordering ex art. 1:141 lid 1 BW op grond van art. 6:83 sub a BW aanstonds in. Tijdstip indiening verzoek tot echtscheiding is ook tijdstip waarop verjaringstermijn ex art. 3:313 BW gaat lopen. De Hoge Raad komt in zoverre terug van zijn uitspraak van 6 december 2002,  ECLI:NL:HR:2002:AE9241. Lees meer…

Verjaringstermijn 30 jaar bij aansprakelijkheid voor in het verkeer brengen van asbestplaten

Verjaringstermijn 30 jaar bij aansprakelijkheid voor in het verkeer brengen van asbestplaten

HR 2 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BR5216  (Nefalit/X c.s.)

Als door het verzagen van asbestplaten asbeststof in de lucht is gekomen, is geen sprake van luchtverontreiniging in de zin van art. 3:310, tweede lid, BW. Deze bepaling vindt niettemin toepassing, omdat asbest (wel) een bijzonder gevaar van ernstige aard voor personen oplevert als bedoeld in art. 6:175 BW. Daarvoor is niet nodig dat de vordering op art. 6:175 BW is gegrond, omdat de verwijzing in art. 3:310 lid 2 BW naar deze bepaling slechts aanduidt om welke soort schadelijke stoffen het gaat. Lees meer…

EEX-Verordening, forumkeuze en het verzoek om voorlopig getuigenverhoor

EEX-Verordening, forumkeuze en het verzoek om voorlopig getuigenverhoor

HR 2 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BU6545 (Roucar Gear Technologies/Mr. Guillouet q.q. c.s.)

Een verzoek om een voorlopig getuigenverhoor dat niet gericht is op het inschatten van de proceskansen, maar op bewijsgaring, valt binnen het materiële toepassingsbereik als het onderliggende geschil een burgerlijke of handelszaak in de zin van art. 1 EEX-Verordening betreft. Een forumkeuze (art. 23 EEX-Vo) moet duidelijk en nauwkeurig zijn. Daarop strandt de klacht dat het hof zich niet slechts had moeten laten leiden door de tekstuele uitleg van de overeenkomst, maar tevens door de bedoeling van partijen. Lees meer…

Archief

Cassatieblog.nl